31 789 Staatsdeelnemingen Fortis en ABN AMRO

Nr. 92 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 september 2017

Met mijn brief van 14 september kondigde ik u het voornemen aan om een gedeelte van het belang van de staat in ABN AMRO te verkopen (Kamerstuk 31 789, nr. 90). Op 15 september is vervolgens een gedeelte van het belang van de staat verkocht (Kamerstuk 31 789, nr. 91). Op 19 september heeft de staat een verkoopopbrengst van 1.528 mln. euro ontvangen voor de plaatsing van 65 miljoen certificaten van ABN AMRO, wat overeenkomt met circa 7% van het uitstaande aandelenkapitaal. Daarmee resteert een belang van 56%. De verkoopopbrengst wordt inzichtelijk gemaakt in de Najaarsnota.

Ik heb toegezegd u vooraf te informeren wanneer het belang van de staat in ABN AMRO onder de 50% zou zakken. Bij een volgende vervolgplaatsing van certificaten van ABN AMRO wordt het belang van de staat in ABN AMRO waarschijnlijk kleiner dan 50%. Bij een daling van het door de staat (via NLFI) in ABN AMRO gehouden belang tot minder dan 50% verliest de staat de gewone meerderheid van de stemmen. Bij besluiten waarvoor de gewone meerderheid van de aandeelhouders van ABN AMRO benodigd is heeft de staat, in dat geval, niet meer per definitie de beslissende stem. Daarnaast verandert de grens van transacties (investeringen en desinvesteringen door ABN AMRO) die de goedkeuring van NLFI vereisen. Deze grens gaat omhoog van 5% naar 10% van het eigen vermogen van ABN AMRO. De overige afspraken en waarborgen zoals opgenomen in de Relationship Agreement tussen NLFI en ABN AMRO blijven ongewijzigd in het geval het belang daalt tot onder de 50% maar boven de 33⅓% blijft.

Bijgaand treft u de NLFI adviezen aan over de vervolgplaatsing van de certificaten van ABN AMRO1.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

Naar boven