Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 maart 2016
Hierbij bied ik u het rapport «De klinische revalidatie op weg naar verdere professionalisering»1, van de Inspectie voor de Gezondheidszorg aan en mijn reactie daarop.
1. Aanleiding voor het rapport
Aanleiding voor dit onderzoek waren risico’s ten aanzien van de klinische revalidatiecentra
die de inspectie signaleerde die ook in de algemene ziekenhuizen voorkomen, zoals
het voorschrijven, toedienen en beheren van medicatie, medische technologie, dossiervoering
en samenwerking. De klinische revalidatie wordt daarnaast gekenmerkt door een langere
ligduur, hetgeen specifieke risico’s met zich mee kan brengen, zoals infecties en
decubitus. Tenslotte was een reden voor de inspectie om dit onderzoek uit te voeren
dat de revalidatiesector niet eerder door regulier, of thematisch toezicht structureel
in beeld was gebracht.
De inspectie bezocht in het voorjaar van 2015 alle 21 locaties waar klinische revalidatie
werd geleverd en toetste op de randvoorwaarden voor verantwoorde zorg.
2. Resultaten
De inspectie constateert dat de klinische revalidatiecentra op de meeste onderdelen
voldeden aan de randvoorwaarden voor goede zorg. Op een drietal thema’s signaleerde
de inspectie risico’s voor de patiëntveiligheid:
-
– De beperkte implementatie van het convenant «Veilige toepassing medische technologie»
(bijlage bij Kamerstuk 33 000 XVI, nr. 148). In dit convenant is geregeld op welke wijze medische apparatuur wordt geïntroduceerd,
onderhouden en of voldaan wordt aan scholingsvereisten van medewerkers.
-
– Een tweede risico ziet de inspectie in de infectiepreventie. Patiënten die opgenomen
worden, worden onvoldoende gescreend op Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus
(MRSA) en andere Bijzonder Resistente Micro-organismen (BRMO). Daarnaast dienen de
revalidatiecentra er op toe te zien dat patiënten- en behandelruimten op de juiste
wijze en met de juiste middelen worden schoongemaakt. Ook had een aantal revalidatiecentra
onvoldoende zicht op de vaccinatiestatus van medewerkers tegen hepatitis B.
-
– Een derde risico dat de inspectie signaleerde betreft de medicatieveiligheid. De inspectie
constateerde in verschillende revalidatiecentra dat zowel opslag als beheer van medicatie
verbetering behoefde.
Voorafgaand aan het onderzoek was de verwachting van de inspectie dat de revalidatiecentra
de infectiepreventie en medicatieveiligheid beter op orde zouden hebben, omdat de
risico’s die hieraan verbonden zijn al langer bekend zijn in de zorg en tevens omdat
deze onderwerpen ook onderdeel uitmaakten van het landelijke VMS-programma. Gedurende
de bezoeken en bij de follow-up merkte de inspectie dat de sector direct aan de slag
is gegaan met de noodzakelijke verbeteringen. Dat geldt ook voor de branche en de
wetenschappelijke vereniging, die de risicovolle onderwerpen convenant medische technologie
(CMT) en infectiepreventie sectorbreed hebben opgepakt.
3. Reactie van de Minister van VWS
Medisch specialistische revalidatie moet ervoor zorgen dat mensen die door ziekte,
een ongeval of een aangeboren aandoening lichamelijk beperkt raken zo goed mogelijk
herstellen en (weer) kunnen meedoen in de maatschappij. Het is niet de bedoeling dat
zij tijdens hun (doorgaans langere) verblijf in een instelling blootstaan aan risico’s.
Daarom vind ik het essentieel dat de zorg aan deze mensen voldoet aan de randvoorwaarden
voor goede zorg. Uit het rapport van de inspectie blijkt dat er onderdelen zijn waar
verbetering nodig is. Ik vind het positief dat de revalidatiecentra naar aanleiding
van de bezoeken al met verbeteringen bezig zijn. De branche- en wetenschappelijke
vereniging werken aan ondersteuning bij de implementatie van het CMT en de verbetering
van de infectiepreventie en de uitwerking van basismedische zorg. De inspectie is
te spreken over deze proactieve op verbetering gerichte houding, die er toe moet leiden
dat ook in deze sector sprake is van goede zorg.
Het is goed dat de inspectie in navolging op haar onderzoek naar risico’s in ziekenhuizen
nu ook soortgelijk onderzoek heeft gedaan binnen de revalidatiesector. Ik onderschrijf
de inhoud van de aanbeveling en de wijze waarop de inspectie hieraan in gezamenlijk
overleg met veldpartijen uitvoering zal geven. Ik reken er op dat regelmatig overleg
met deze partijen en de inspectie ertoe leidt dat alle betrokken partijen hierin blijvend
hun verantwoordelijkheid nemen. Ik zal dit in het overleg met de sector ook blijvend
aan de orde stellen.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers