Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201231757 nr. 44

31 757 Stedenbeleid vanaf 2010

Nr. 44 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES EN VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 maart 2012

Het lid Schouten heeft in het ordedebat van 8 februari 2012 de minister-president verzocht om een reactie van het kabinet op de bevindingen in het rapport van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), dat op 9 februari 2012 is gepresenteerd.

Het EIB constateert in haar studie dat de vooruitzichten voor de bouw op korte termijn ongunstig zijn. Na een overigens nog redelijk positief verlopen jaar 2011 met een gemiddelde productiegroei van 3,5 %, zal de productie naar verwachting van de EIB krimpen. Deze ontwikkeling zal volgens het EIB een negatief effect hebben op de werkgelegenheid in de bouw, met een afname van 9 000 arbeidsjaren in 2012. Op middellange termijn zijn er volgens het rapport van het EIB goede vooruitzichten voor het herstel van de bouwproductie. Bij een verwachte gemiddelde productiegroei van 3,5 % zal ook de werkgelegenheid weer toenemen.

Samengevat betekenen de voorspellingen van het EIB dat de bouwsector tot 2014 een moeilijke periode blijft doormaken, maar dat daarna de situatie weer aantrekt.

Sinds het begin van de crisis in 2008 heeft het kabinet stimuleringsmaatregelen genomen om de terugval in de woningbouwproductie en werkgelegenheid te beperken. Deze maatregelen hebben effect gehad, zoals uit een recent rapport van het EIB «Evaluatie stimuleringspakket woningbouw» naar voren komt. In 2011 is het aantal faillissementen in de sector gestabiliseerd.

Daarnaast heeft het kabinet maatregelen genomen op fiscaal gebied. Zo is de overdrachtsbelasting verlaagd, de aftrek van dubbele lasten tijdelijk verruimd en is het verhuren van een «tweede» woning vergemakkelijkt. Bij de NHG is de maximale kostengrens tijdelijk verhoogd. Ook is de WSW-grens aangepast, de maximale investeringssom per woning waarvoor woningcorporaties kunnen lenen met bij het WSW (Waarborgfonds Sociale Woningbouw) geborgd vermogen.

Een aantal maatregelen is nog steeds van kracht.

Om er voor te zorgen dat de sector sterker uit de crisis kan komen, heeft het kabinet in januari van dit jaar een Bouwteam ingesteld. Dit Bouwteam, bestaande uit vertegenwoordigers van bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid, heeft tot taak een «Toekomstagenda voor de Bouw» op te stellen. De agenda zal in het voorjaar gereed zijn en bevat naar verwachting voorstellen die kunnen leiden tot een betere positie van de bouwsector in de toekomst.

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J. W. E. Spies

De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, M. J. M. Verhagen