Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201931753 nr. 178

31 753 Rechtsbijstand

Nr. 178 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR RECHTSBESCHERMING

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 september 2019

Bij brief van 4 juli jl. heb ik u geïnformeerd over de signalen die ik heb ontvangen van de advocatuur over de implementatie van Richtlijn 2016/800/EU en de Wet waarborgen kinderen in strafprocedures (Stb. 2019, nr. 180). Hierbij informeer ik u over mijn besluit over een aanpassing van de vergoedingen in jeugdstrafpiketzaken.

Door de advocatuur is aangegeven dat in de piketfase van lichte en middelzware piketzaken voor jeugdigen de piketvergoeding van 1,5-punten ontoereikend is in geval er vervolgverhoren plaatsvinden. Sinds de inwerkingtreding van de wet per 1 juni moet er in alle gevallen een advocaat bij alle politieverhoren van minderjarigen aanwezig zijn.

Destijds is een berekening gemaakt van de (financiële) gevolgen van de wet. Daarbij is abusievelijk de toename van de werkzaamheden bij vervolgverhoren als gevolg van deze wet niet vertaald in een redelijke vergoeding. Reparatie daarvan is geboden.

Ik heb daarom in afstemming met de Nederlandse Orde van Advocaten besloten dat bij wijze van tijdelijke maatregel, op basis van een beleidsregel van de Raad voor Rechtsbijstand, een extra vergoeding van 1,5 punt per vervolgverhoor in lichte en middelzware zaken (zogenaamde B- en C-zaken) zal worden toegekend. Dit komt neer op € 197,05 inclusief BTW. De Raad voor Rechtsbijstand heeft aangegeven dat deze tijdelijke oplossing per 3 september 2019 kan worden geïmplementeerd.

Om dit definitief te regelen zal ik een wijziging van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand voorbereiden.

Voor de periode van 1 juni tot en met 2 september 2019 zal de forfaitaire vergoeding van 1,5 punt (€ 197,05 inclusief BTW) voor alle lichte en middelzware piketzaken worden verhoogd naar 2,25 punten (€ 295,58 inclusief BTW). Voor een verhoging met 0,75 punt is gekozen, omdat de inschatting van de advocatuur is dat vervolgverhoren in circa 50% van deze zaken voorkomen. Omdat in het verleden geen registratie heeft plaatsgevonden van het aantal vervolgverhoren ontbreken precieze cijfers.

Tenslotte merk ik op dat deze maatregel past binnen het budgettaire kader van de rechtsbijstand. De meest recente gegevens duiden er namelijk op dat de aantallen piketten jeugdstrafzaken achterblijven bij de aantallen die eerder waren voorzien. Met deze daling van het aantal geprognosticeerde piketten vallen middelen vrij die op korte termijn hiervoor kunnen worden aangewend.

De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker