nr. 11
BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 oktober 2008
Graag wil ik u informeren over de stand van zaken ten aanzien van Natura
2000.
De implementatie van Natura 2000 vordert gestaag. Inmiddels is het overgrote
deel van de 162 gebieden in ontwerp aangewezen. Actueel is dat op 10 september
jl. voor 29 gebieden de ontwerp-aanwijzingsbesluiten zijn gepubliceerd. De
laatste 15 ontwerp-aanwijzingsbesluiten worden in 2009 gepubliceerd. Drie
gebieden zijn reeds definitief aangewezen in verband met de realisatie van
de tweede Maasvlakte. In dit kader is ook het beheerplan vastgesteld van de
Voordelta, een traject waaruit we veel leerervaringen kunnen putten voor de
komende beheerplanprocessen.
Intentieverklaring beheerplannen
Voor alle Natura 2000-gebieden moeten beheerplannen opgesteld worden.
In een beheerplan wordt vastgelegd hoe en wanneer de doelen voor een gebied
worden gehaald. Een beheerplanproces zal pas succesvol zijn als alle relevante
partijen daar goed bij betrokken worden. Tijdens het algemeen overleg van
februari jl. heeft de Kamer dit ook benadrukt. Het is in dat kader goed om
te melden dat ik op 8 september jl., samen met maatschappelijke organisaties
en bevoegde gezagen, een intentieverklaring heb ondertekend voor de totstandkoming
van de beheerplannen voor de Natura 2000-gebieden. Het Interprovinciaal Overleg
is de drijvende kracht achter de intentieverklaring geweest.
Met het ondertekenen van de intentieverklaring gaat het proces voor de
totstandkoming van de Natura 2000-gebieden een volgende fase in. De komende
periode gaan alle partijen hard aan de slag om samen met de relevante partijen
en gebruikers beheerplannen op te stellen voor de verschillende gebieden.
Met deze intentieverklaring hebben we de gezamenlijke verantwoordelijkheid
en inzet voor de totstandkoming van deze beheerplannen nogmaals benadrukt.
We doen het samen: met de 12 provincies, de ministeries van LNV, V&W en
Defensie, en de maatschappelijke organisaties. En straks bij de
individuele beheerplannen doen we het samen met de mensen in de gebieden:
de bewoners, gebruikers, genieters, boeren, burgers en vertegenwoordigers
van de maatschappelijke organisaties.
Ten behoeve van de beheerplannen maakt het Steunpunt Natura 2000 hulpmiddelen
en producten gericht op ondersteuning bij het opstellen hiervan. Het Steunpunt
Natura 2000 heeft recent het rapport «Sectornotities Bestaand Gebruik»
uitgebracht waarin per sector is bekeken welke activiteiten plaats kunnen
vinden met daarbij een inschatting van het mogelijk effect op een Natura 2000-gebied.
Dit rapport kan als hulpmiddel gebruikt worden bij het opstellen van de beheerplannen.
Op dit moment wordt door het interbestuurlijk Regiebureau, ingesteld door
het bevoegd gezag, met betrokken maatschappelijke organisaties overlegd hoe
het Steunpunt ook ten dienste kan staan van maatschappelijke organisaties.
Volgorde beheerplannen – aanwijzingsbesluiten
In februari 2008 heb ik de Kamer toegezegd de gebieden, waar de provincies
het voortouw hebben in het beheerplanproces, nog niet definitief aan te wijzen.
De provincies hebben aangegeven dit nodig te hebben voor draagvlak van omgeving
en betrokkenen. De provincies gaan eerst samen met de omgeving conceptbeheerplannen
opstellen. Overeenkomstig de met de provincies gemaakte afspraken ga ik vervolgens
pas na september 2009 over tot het definitief maken van de aanwijzingsbesluiten.
Dit heb ik begin juni vastgelegd in een afsprakendocument met daarin de voorwaarden
zoals ik die in februari met de Kamer heb besproken. De provincies hebben
inmiddels allen dit afsprakendocument ondertekent. Ik zal de gebieden waar
LNV het voortouw heeft wel definitief aanwijzen.
Aanwijzingsbesluiten
Inmiddels heb ik donderdag 11 september jl. 29 ontwerp-aanwijzingsbesluiten
van Natura 2000-gebieden in de inspraak gebracht. Tot en met 22 oktober
heeft eenieder zijn mening kunnen geven over de ontwerp-aanwijzingsbesluiten.
De ontwerp-aanwijzingsbesluiten voor de natuurgebieden geven aan waarom ze
geselecteerd zijn en welke kwetsbare natuur er precies beschermd moet worden.
Ook staat in de besluiten wat de begrenzing van de betreffende gebieden is.
De ecologische onderbouwing van deze besluiten is uitgebreid ten opzichte
van eerdere tranches. Ten behoeve van de inspraak heb ik informatie- en inspraakavonden
georganiseerd waar betrokkenen en belangstellenden informatie kunnen krijgen
over Natura 2000 en de 29 gebieden in het bijzonder. Op basis van de inspraakreacties
worden de definitieve aanwijzingsbesluiten opgesteld.
Bijgevoegd vindt u ter informatie de aankondiging van de publicatie van
deze ontwerp-aanwijzingsbesluiten1. Eind december
2010 zullen alle gebieden, conform de Europese richtlijnen, definitief zijn
aangewezen.
Aanwijzing Wierdense Veld
Op 3 juli 2008 jl. heeft uw Kamer mij verzocht (motie Schreijer-Pierik
c.s. TK 30 654, nr. 55) «in overleg te treden met de provincie
Overijssel en derhalve niet over te gaan tot aanwijzing van het Wierdense
Veld als Natura 2000-gebied». In het overleg dat ik op 25 augustus
jl. met de provincie Overijssel en de gemeente Wierden heb gehad, is uitvoering
stilgestaan bij de aanwijzing van dit gebied. Samen met de provincie Overijssel
heb ik de gevolgde procedure tot nu toe geanalyseerd aan de hand van een rapport
dat het bureau Arcadis heeft opgesteld in opdracht van de provincie. In dit
rapport wordt geconcludeerd dat de aanmelding van het gebied in
2003 weliswaar rommelig is verlopen, maar dat de aanmelding van het gebied
terecht is.
Ik handhaaf derhalve mijn besluit om het Wierdense Veld aan te wijzen
als Natura 2000-gebied. Het definitieve aanwijzingsbesluit zal in de eerste
helft van 2009 geëffectueerd worden.
Tenslotte
Als minister voor Natuur wil ik onze meest waardevolle natuurgebieden
goed beschermen. Maar wel een bescherming die ook economische activiteiten
en menselijk gebruik in en rond die gebieden zoveel mogelijk respecteert,
en mogelijk maakt of houdt. Met de bekendmaking van opnieuw een aantal ontwerp-aanwijzingsbesluiten
voor Natura 2000-gebieden en het bijeenbrengen van partijen met betrekking
tot de beheerplannen zijn weer belangrijke stappen in deze richting gezet.
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
G. Verburg