Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2008-200931700-XI nr. 14

31 700 XI
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (XI) en van de begrotingsstaat van het Waddenfonds voor het jaar 2009

nr. 14
NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 18 november 2008

In het voorstel van wet tot vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (XI) en van de begrotingsstaat van het Waddenfonds voor het jaar 2009 (Kamerstukken II, 2008/2009, 31 700 XI, nr. 1), wordt de departementale begrotingsstaat voor het beleidsartikel 7 en niet-beleidsartikel 92 als volgt gewijzigd (bedragen in € 1 000):

 OmschrijvingStand ontwerpbegroting vóór Nota van WijzigingStand ontwerpbegroting na Nota van Wijziging
  verplichtingenuitgavenontvangstenverplichtingenuitgavenontvangsten
 TOTAAL1 216 159 255 674 1 212 221255 674
        
 Beleidsartikelen 900 700215 335 900 329215 335
1Optimalisering van de ruimtelijke afweging6 26019 14010 0336 26019 14010 033
2Gebiedsontwikkeling en realisatie Nationale Ruimtelijke Hoofdstructuur59 074142 92085 92059 074142 92085 920
3Klimaatverandering en grootschalige luchtverontreiniging41 12097 6102 50041 12097 6102 500
4Milieukwaliteit van water en bodem94 598171 06321 60094 598171 06321 600
5Milieukwaliteit in de bebouwde leefomgeving102 159129 95871 700102 159129 95871 700
6Risico’s van stoffen, afval, straling en GGO’s136 812147 6622 800136 812147 6622 800
7(Inter)nationaal milieubeleid78 04482 1316 90077 67381 7606 900
8Externe veiligheid26 86646 53213 00026 86646 53213 000
9Handhaving en toezicht63 85663 68488263 85663 684882
        
 Niet-beleidsartikelen 315 45940 339 311 89240 33 9
91Algemeen308 178316 16940 339308 178316 16940 339
92Nominaal en onvoorzien– 572– 710 – 4 139– 4 277 

Toelichting

Algemeen

Aanleiding voor deze Nota van Wijziging is de uitvoering van de bij de Algemene Politieke Beschouwingen, door de leden Van Geel, Slob en Hamer cs ingediende moties (respectievelijk TK 31 700, nr. 10, TK 31 700, nr. 17 en TK 31 700, nr. 15). De dekking voor bovengenoemde moties wordt gevonden door een subsidietaakstelling en een taakstelling inhuur externen. Dit leidt tot een verlaging van de begroting van VROM. Voor de betreffende artikelen is de gewijzigde tabel met budgettaire gevolgen opgenomen en de tabel uit het verdiepingshoofdstuk. In het verlengde hiervan dienen de overige financiële tabellen, zoals in de beleidsagenda, in het licht van deze wijzigingen te worden gelezen. Verder is de beleidsagenda voor het onderdeel Windenergie aangepast.

Artikelsgewijs

De beleidsagenda

5d. Windenergie

Het Kabinet kiest voor verdere ontwikkeling van windenergie en gaat een ruimtelijk perspectief opstellen .

Doel

Deze kabinetsperiode is de doelstelling zowel op zee als op land meer ruimte voor windenergie te creëren. Op land is al een groot deel van de benodigde ruimte beschikbaar in streek- en omgevingsplannen en in gemeentelijk beleid. Het voortouw voor de realisatie van deze locaties ligt bij provincies en gemeenten. Door het Rijk zal een aantal knelpunten en randvoorwaarden opgelost moeten worden.

Om doorgroei van windenergie na 2011 mogelijk te maken is aanvullende ruimte nodig in Nederland. Het beleid van de afgelopen jaren heeft tot veel versnipperde lokaties geleid. De weerstand tegen windmolens is daarmee nogal toegenomen. Daarbij komt dat windmolens steeds groter worden. Het streven van het Kabinet is daarom om voor de toekomst windmolens meer te concentreren in windturbineparken. Het Rijk neemt het initiatief om samen met provincies en gemeenten de locaties voor grootschalige windturbineparken te bepalen. Vanuit het perspectief van Mooi Nederland zullen gebieden worden aangegeven die vrijgesteld worden van windmolens (vides). Voor windenergie op zee ziet het kabinet zowel toe op een korte doorlooptijd en gecoördineerde aanpak voor vergunningsaanvragen, als ook op het scheppen van ruimtelijke voorwaarden op grond waarvan volgende kabinetten het doel van 6000 MW vóór 2020 kan realiseren.

Belangrijkste prestaties in 2009

De prestaties van de Minister van VROM in 2009:

• Inzetten van ondersteuningsteams voor het oplossen van ruimtelijke knelpunten zodat projecten «in de pijplijn» door kunnen gaan;

• Meer draagvlak voor windenergie door een intensieve campagne;

• Ontwikkeling van een ruimtelijk perspectief voor windenergie om ruimte te vinden voor windenergie op land na 2011. Hierbij zal onderscheid worden gemaakt tussen windturbineparken, de zogenaamde vides (waar plaatsing van windturbines niet wenselijk is) en tussengebieden.

2.2.De beleidsartikelen

Artikel 7. (Inter)nationaal milieubeleid

Tabel 7.1 budgettaire gevolgen van beleid

Artikel 7. (Inter)nationaal milieubeleid

x € 1 0002007200820092010201120122013
Verplichtingen:87 75256 68977 67373 91872 33774 34069 470
Uitgaven:103 171114 39281 76073 47373 04874 34069 470
Waarvan juridisch verplicht  60 08855 54641 62936 67734 132
Programma:103 171114 39281 76073 47373 04874 34069 470
 Strategieontwikkeling en adequaat generiek instrumentarium:91 74799 56465 71959 63858 49558 94954 079
        
Adequaat generiek milieu-instrumentarium081 81544 75737 78334 60540 11335 848
 Adequaat generiek via ruimtelijke maatregelen011 52114 24013 36013 20511 87511 870
 Adequaat generiek instrumentarium91 7476 2286 7228 49510 6856 9616 361
        
 Internationaalmilieubeleid:5 2015 8544 2854 8265 2256 2636 263
 Internationaalmilieubeleid (HGIS-deel)3 8023 6962 7473 8464 2455 0745 074
 Internationaalmilieubeleid (niet HGIS-deel)1 3992 1581 5389809801 1891 189
        
 Gecoördineerd milieubeleid voor industrie en MKB:6 2238 97411 7569 0099 3289 1289 128
Ontvangsten:6 3417 6526 9004 9004 9004 2700

Toelichting:

Door de invulling van de taakstelling subsidies zal vanaf 2009 voor € 371 000 per jaar minder aan subsidies worden verstrekt. Als gevolg hiervan zullen in relatie tot de hiervoor beschikbare € 8 mln per jaar minder projecten worden gefinancierd en/of zal de financiering van projecten lager uitvallen.

2.3. De niet-beleidsartikelen

Artikel 92. Nominaal en onvoorzien

Artikel 92. Nominaal en onvoorzien

x € 1 0002007200820092010201120122013
Verplichtingen:03 369– 4 139– 5 593– 6 383– 6 2126 212
Uitgaven:03 447– 4 277– 6 133– 6 683– 6 512– 6 512
Loonbijstelling:0000000
Prijsbijstelling:0000000
Onvoorzien:01 6851 5221 3722 0141 9541 954
Nog te verdelen:01 762– 5 799– 7 505– 8 697– 8 466– 8 466
Nog nader te verdelen taakstellingen00– 3 867– 5 022– 6 200– 6 200– 6 200
Nog nader te verdelen overig01 762– 1 932– 2 483– 2 497– 2 266– 2 266

Toelichting:

Naar aanleiding van de motie Van Geel, Slob en Hamer cs is de taakstelling inhuur externen op dit artikel geboekt. Bij de 1e suppletore begroting 2009 zal een verdere verdeling van deze taakstelling over de artikelen worden uitgeboekt.

3. Verdiepingshoofdstuk

Artikel 7. (Inter)nationaal milieubeleid

Opbouw uitgaven x € 1000200820092010201120122013
Stand ontwerpbegroting 200878 46374 52265 67163 02263 2950
Mutatie 1e suppletore begroting 200835 1497 8043 3436 0446 6946 094
Nieuwe mutaties:      
Beleidsmatige mutaties:      
a. FESProMT (Toezegging 2007–2010)04 9004 9004 9004 2700
b. Naar artikel 6 i.v.m. kasschuif 20070– 6 0000000
c. Extrapolatie 20130000063 295
d. Overige mutaties:780905– 70– 547452452
e. NvW taakstelling subsidies – 371– 371– 371– 371– 371
Stand ontwerpbegroting 2009114 39281 76073 47373 04874 34069 470

Artikel 92. Nominaal en onvoorzien

Opbouw uitgaven x € 1000200820092010201120122013
Stand ontwerpbegroting 2008802– 37– 219– 954– 1 0140
Mutatie 1e suppletore begroting 200814 87112 2218 3677 9757 8927 586
Nieuwe mutaties:      
Beleidsmatige mutaties:      
a. Loonbijstelling 2008– 7 785– 7 532– 7 030– 6 128– 6 045– 6 045
b. Knelpuntenpot prijsbijstelling– 5 897– 2 9490000
c. Verdeling SFB-gelden 20081 92100000
d. Extrapolatie 201300000– 1 014
e. Overige mutaties:– 465– 2 413– 2 530– 1 675– 1 444– 1 138
f. NvW taakstelling externen -3 567– 4 721– 5 901– 5 901– 5 901
Stand ontwerpbegroting 20093 447– 4 277– 6 133– 6 683– 6 512– 6 512

De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

J. M. Cramer