31 700 VI
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Justitie (VI) voor het jaar 2009

nr. 116
BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 3 april 2009

Tijdens de behandeling van de begroting van mijn departement voor het jaar 2009 is de motie-Arib aanvaard (Kamerstukken II, 2008–2009, 31 700 VI, nr. 51). In die motie is het kabinet verzocht het Openbaar Ministerie te laten onderzoeken of er redenen zijn voor een strafrechtelijk onderzoek naar het sluiten van polygame huwelijken en naar religieuze huwelijken die gesloten worden voor het burgerlijk huwelijk. Met deze brief deel ik mee op welke wijze ik uitvoering zal geven aan deze motie.

In de motie-Arib wordt terecht geconstateerd dat onbekend is wat de aard en omvang is van het aangehaalde probleem. In antwoord op vragen van het lid van uw Kamer Arib1, van de leden Arib en Dijsselbloem2 en van de leden Wilders, De Roon en Fritsma3 heb ik geantwoord dat ik bereid ben de aard en de omvang van dit probleem te onderzoeken. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van mijn departement is dit onderzoek gestart en ik zal u over de uitkomsten daarvan, zoals in genoemde beantwoording aangekondigd, informeren. Op dit moment zie ik derhalve nog geen redenen het openbaar Ministerie te vragen een onderzoek te starten naar de mogelijkheid een strafrechtelijk onderzoek te openen.

De minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin


XNoot
1

Aanhangsel Handelingen II, 2008–2009, nr. 190

XNoot
2

Aanhangsel Handelingen II, 2007–2008, nr. 3409.

XNoot
3

Aanhangsel Handelingen II, 2007–2008, nr. 3578.

Naar boven