Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202031490 nr. 284

31 490 Vernieuwing van de rijksdienst

Nr. 284 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 11 september 2020

In opdracht van het kabinet is door ABD TOPConsult met het traject «Werk aan Uitvoering» een analyse verricht. Hierin zijn voorstellen gedaan om de dienstverlening aan burgers, instellingen en bedrijven te versterken en de wendbaarheid, continuïteit en toekomstbestendigheid van de uitvoering te vergroten. Eerder bent u over het traject «Werk aan uitvoering» via verschillende brieven geïnformeerd1.

Uitvoeringsorganisaties hebben een maatschappelijke meerwaarde om burgers, bedrijven en instellingen optimaal te bedienen. De coronacrisis vraagt op dit moment veel inzet van onze uitvoeringsorganisaties en stelt hen danig op de proef. Verschillende uitvoeringsorganisaties voeren extra noodmaatregelen uit (zoals de NOW-regeling), merken dat extra beroep wordt gedaan op hun reguliere dienstverlening en moeten hun bedrijfsvoering vanwege de coronacrisis aanpassen. Daarmee wordt een groot beroep gedaan op de flexibiliteit en wendbaarheid van verschillende uitvoeringsorganisaties. Deze crisis onderstreept zo het belang van de uitvoering. Mede dankzij de uitvoeringorganisaties zijn we als kabinet in staat geweest om snel maatregelen te nemen gericht op ondersteuning van burgers, bedrijven en instellingen. De coronacrisis heeft laten zien dat er met vereende krachten veel mogelijk is in de uitvoering. Tegelijkertijd blijft er veel werk aan de winkel om aan de samenleving te kunnen blijven waarmaken wat politiek wordt toegezegd. En aan de samenleving niet méér te beloven dan door de uitvoering kan worden waargemaakt.

Het traject Werk aan Uitvoering bestaat uit twee fasen. Het resultaat van fase 1 is op 14 februari jl. aan uw Kamer aangeboden (Kamerstuk 31 490, nr. 271). In fase 1 is de huidige situatie en ervaren problematiek bij de Belastingdienst, UWV, SVB en DUO in kaart gebracht. In fase 2 zijn concrete handelingsperspectieven met voorstellen voor verbetering van de dienstverlening en een wendbaarder en toekomstbestendiger uitvoering met daarbij oplossingsstappen om tot een betere uitvoering te komen. De handelingsperspectieven zijn breed toepasbaar voor andere uitvoeringsorganisaties. Ook voor structurele verbetering van de interne dienstverlening binnen de gehele overheid bieden de handelingsperspectieven een goede basis. Fase 2 is inmiddels ook afgerond. Voor de volledigheid verwijs ik u naar het rapport in de bijlage2.

Op basis van Werk aan Uitvoering fase 1 en 2 kan worden geconcludeerd dat er structurele verbeteringen nodig zijn. Vooruitlopend op het traject Werk aan Uitvoering heeft dit kabinet al extra geïnvesteerd in de uitvoering. De nadere uitwerking van de geboden handelingsperspectieven en acties in Werk aan uitvoering vindt plaats via de Werkagenda voor de uitvoering onder de Ministeriële Commissie Uitvoering. Over de vorderingen zullen we de Kamer periodiek op de hoogte houden. We streven ernaar om de uitwerking voor de kabinetsformatie af te ronden, zodat het volgende kabinet eventueel extra stappen en de eventueel daarvoor benodigde financiële middelen kan afspreken. Het realiseren van de voorgestelde handelingsperspectieven vergt een meerjarige gezamenlijke inspanning van uitvoeringsorganisaties, ministeries, kabinet, gemeenten én parlement. We moeten daarmee samen aan de slag. Mijn collega’s en ik reflecteren graag met uw Kamer aan de hand het traject Werk aan Uitvoering (fase 1 en 2), opdat er op grond van dit traject een gedeeld beeld ontstaat over hoe de dienstverlening kan worden versterkt en hoe de uitvoering over de gehele linie toekomstbestendiger en wendbaarder kan worden gemaakt.

Mede namens de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de Staatssecretaris van Financiën-Fiscaliteit en Belastingdienst, de Staatssecretaris van Financiën-Toeslagen en Douane en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, W. Koolmees


X Noot
1

Kamerstuk 29 362, Kamerstuk 31 490, nr. 269 en Kamerstuk 31 490 nr. 271

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl