Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201931415 nr. 21

31 415 DNA-onderzoek in strafzaken

Nr. 21 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 november 2018

Hierbij bied ik u het rapport «DNA van veroordeelden, over de uitvoering van de wet DNA-onderzoek bij veroordeelden door het Openbaar Ministerie» aan dat de procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden (verder pg-HR) vandaag aan mij heeft aangeboden1. Zoals mijn ambtsvoorganger tijdens het debat op 1 juli 2015 aan uw Kamer heeft toegezegd (Handelingen II 2014/15, nr. 103, item 43), houdt de pg-HR toezicht op de rechtmatigheid van de implementatie van de verbetermaatregelen die door het Openbaar Ministerie zijn getroffen naar aanleiding van de aanbevelingen van de Commissie Hoekstra. In het nu voorliggende rapport presenteert de pg-HR zijn bevindingen en aanbevelingen. Ik bedank de pg-HR bij dezen voor zijn waardevolle rapport en aanbevelingen.

De aanbevelingen zullen we samen met het Openbaar Ministerie en eventuele andere ketenpartners nader bezien. In de beleidsreactie informeer ik u hierover. Ik streef er naar de beleidsreactie voor de zomer van 2019 aan uw Kamer toe te sturen.

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl