31 409 Zee- en binnenvaart

Nr. 199 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 26 september 2018

Graag informeer ik bij dezen de Tweede Kamer over een beleidswijziging die ik met onmiddellijke ingang zal doorvoeren ten aanzien van de registratie en certificering van zeeschepen van organisaties met ideële doelstellingen.

Dergelijke organisaties konden hun zeeschepen inschrijven in het Nederlandse vlagregister in dezelfde categorie als pleziervaartuigen. Dit heeft tot gevolg dat deze schepen ook voor wat betreft veiligheids- en bemanningswetgeving als pleziervaartuig worden gezien. Een en ander impliceert dat schepen van organisaties met ideële doelstellingen op dit moment niet hoeven te voldoen aan een aantal eisen op veiligheids- en bemanningsgebied. Naar mijn mening wordt daarmee onvoldoende recht gedaan aan het risicoprofiel van dergelijke schepen. Het feitelijk gebruik daarvan is immers ter verwezenlijking van de doelstellingen van deze organisaties.

Ik ben daarom voornemens veiligheidseisen en eisen ten aanzien van de bemanning te gaan stellen aan zeeschepen van organisaties met ideële doelstellingen en ook aan vergelijkbare zeeschepen die als pleziervaartuig zijn geregistreerd. De basis daarvoor is gelegen in respectievelijk het Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee (SOLAS verdrag) en het Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst (STCW verdrag).

In relatie tot veiligheid moet daarbij onder meer gedacht worden aan eisen met betrekking tot de constructie van het schip, de machine- en elektrische installatie, brandbescherming en -bestrijding, stabiliteit, reddingmiddelen, communicatiesystemen en navigatiemiddelen. Naast genoemde eisen aan bemanning inzake opleiding en diplomering zal er tevens een bemanningsplan opgesteld moeten worden waarmee een veilige vaart wordt gewaarborgd.

Deze beleidswijziging zal met onmiddellijke ingang van kracht zijn voor schepen waarvoor vanaf heden een aanvraag tot inschrijving in het Nederlandse vlagregister wordt ingediend.

Met de organisaties met ideële doelstellingen wiens schepen op dit moment reeds staan ingeschreven in het vlagregister, treed ik graag in overleg om te komen tot een aanvaardbare overgangstermijn om dit beleid ook op deze schepen te gaan toepassen. Hierover heb ik hen gelijktijdig met deze brief aan uw Kamer geïnformeerd.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga

Naar boven