Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201631409 nr. 108

31 409 Zee- en binnenvaart

Nr. 108 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 25 januari 2016

In mijn brief van 28 september 2015 (Kamerstuk 31 409, nr. 91) aan uw Kamer over het open planproces (OPP) vaarverbinding Holwerd-Ameland heb ik u geschreven dat de stuurgroep OPP mij zal informeren over het advies van de procesbegeleider, Marc Jager, waarin mogelijke oplossingsrichtingen worden gegeven voor de vertragingen van de veerdienst. De stuurgroep heeft mij inmiddels geïnformeerd over de voortgang en advies uitgebracht. Daarbij wordt niet alleen geschetst welke maatregelen op de korte termijn naar verwachting kunnen bijdragen aan een oplossing, maar ook op de middellange en lange termijn. Het advies ontvangt u als bijlage bij deze brief1.

In oktober 2015 is het OPP vaarverbinding Holwerd-Ameland gestart. De opdrachtgevers zijn de rijksoverheid (vertegenwoordigd door Rijkswaterstaat Noord-Nederland), de gemeente Ameland en Wagenborg Passagiersdiensten. Vertegenwoordigers van deze organisaties vormen gezamenlijk de stuurgroep OPP.

De betrokken partijen hebben onderling afgesproken een combinatie van oplossingsrichtingen op de korte termijn nader uit te werken tot een pakket van maatregelen om de bestaande problematiek zo snel als mogelijk te verminderen. Het gaat hierbij om de volgende oplossingsrichtingen:

  • 1. Het verkorten van de vaarafstand door middel van bochtafsnijdingen;

  • 2. Het aanpassen van de dienstregeling op basis van de actuele vaartijden;

  • 3. Verder optimaliseren van het proces van in- en uitladen van passagiers en vracht;

  • 4. Creëren van een extra vervoersaanbod naast de reguliere schepen;

  • 5. Verder optimaliseren van het huidige baggerregime en de baggervoorwaarden binnen bestaande NB-vergunning.

Ik acht het van belang dat alle geschetste kortetermijnmaatregelen worden onderzocht. Het morfologisch onderzoek, dat de procesbegeleider noodzakelijk acht om te komen tot een advies over een mogelijke bochtafsnijding (optie 1) of optimalisatie van het baggerregime (optie 5), is inmiddels opgestart. Ik ben overigens van mening dat één bochtafsnijding overwogen kan worden maar dat meerdere bochtafsnijdingen niet onder de kortetermijnmaatregelen kunnen vallen aangezien niet met zekerheid nu al gezegd kan worden of dit haalbaar is.

Daarnaast onderstreep ik de ambitie van de stuurgroep en de procesbegeleider om het overleg de komende maanden te intensiveren om in goede samenwerking tot een mix van maatregelen, en daarmee een robuuste aanpak, te komen. Op deze manier wordt naar mijn mening effectief gewerkt aan het versterken van een betrouwbare verbinding tussen Holwerd en Ameland.

De drie partijen staan achter de geschetste aanpak. Vanuit dit gezamenlijke vertrouwen in het open planproces en de geschetste oplossingsrichtingen trekken de partijen de komende periode verder op. Medio 2016 word ik door de stuurgroep geïnformeerd over de vorderingen van dit traject, waarbij het mogelijke tijdspad van elk van de onderzochte maatregelen voor de uitvoering zal worden aangegeven. Zodra ik de informatie daarover binnen heb, zal ik u ook hierover informeren.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl