Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-201031389 nr. 13

31 389
Een integraal kader voor regels over gehouden dieren en daaraan gerelateerde onderwerpen (Wet dieren)

nr. 13
VIERDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 24 september 2009

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1.1 wordt als volgt gewijzigd:

a. In de alfabetische rangschikking worden de volgende onderdelen op alfabetische volgorde ingevoegd:

– EG-richtlijn: richtlijn als bedoeld in artikel 249 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, vastgesteld door de Raad van de Europese Unie, het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, of de Commissie van de Europese Gemeenschappen;

b. De begripsbepaling voor «gemedicineerd voeder» vervalt.

c. In de begripsbepaling voor «diervoerder» wordt «elke stof, product of samenstelling» vervangen door: elke stof, elk product of elke samenstelling.

B

Artikel 2.2 wordt als volgt gewijzigd:

a. Het tiende lid wordt als volgt gewijzigd:

i. In de aanhef wordt de zinsnede «voor bij deze maatregel aangewezen diersoorten of diercategorieën» vervangen door: voor dieren, of voor dieren behorende tot bepaalde diersoorten of diercategorieën.

ii. Onderdeel e komt te luiden:

e. het gebruik en de bewaring van bepaalde diervoeders, alsmede een verbod daarop;

iii. In onderdeel p wordt «, en» vervangen door een puntkomma.

iv. Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel q door «, en» wordt na dat onderdeel een onderdeel toegevoegd, luidende:

r. een verbod op het houden van bepaalde diersoorten of diercategorieën, indien niet is voldaan aan ten aanzien van dat dier gestelde regels als bedoeld in onderdeel b, c, d, e, f, k, l en p.

b. Na het tiende lid wordt een lid toegevoegd, luidende:

11. Het bepaalde krachtens het tiende lid, onderdeel e, is tevens van toepassing ten aanzien van andere dan gehouden dieren.

C

Artikel 2.8, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

a. In onderdeel a wordt «, of» vervangen door een puntkomma.

b. De punt aan het slot van onderdeel b wordt vervangen door: , of.

c. Na onderdeel b wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:

c. diergeneesmiddelen toe te passen in strijd met voorschriften als bedoeld in artikel 2.19, derde lid, onderdeel a, die zijn verbonden aan de vergunning die ten behoeve van dat diergeneesmiddel is verstrekt.

D

Aan artikel 2.9, derde lid, wordt, na de punt achter dat artikellid, een zin toegevoegd, luidende: De aanwijzing van diergeneeskundige handelingen kan worden beperkt tot het in een bepaalde hoedanigheid verrichten van de aangewezen handeling.

E

Artikel 2.19, derde lid, wordt als volgt gewijzigd:

a. In de aanhef wordt «verleend» vervangen door: verstrekt.

b. In onderdeel a wordt «gebruik» vervangen door: het toepassen.

F

Artikel 2.22, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd:

a. In onderdeel c wordt «, en» vervangen door een puntkomma.

b. Onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door «, en» wordt na dat onderdeel een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende:

e. een verbod op het vervoeren van bepaalde ziekteverwekkers.

G

Artikel 2.23 wordt als volgt gewijzigd:

a. De punt aan het slot van het eerste lid wordt vervangen door: , waaronder een verbod op die handelingen.

b. In het tweede lid wordt «voor zover die handelingen onderdeel uitmaken van een dierproef als bedoeld in de Wet op de dierproeven, die wordt verricht ten behoeve van biomedisch onderzoek» vervangen door: voor zover die handelingen worden verricht ten behoeve van biomedisch onderzoek.

H

In artikel 4.1 worden de twee laatste leden genummerd het vierde en vijfde lid.

I

Artikel 5.12 wordt als volgt gewijzigd:

a. Het eerste lid wordt als volgt gewijzigd:

i. In de aanhef wordt voor de dubbelepunt ingevoegd: die de gezondheid van mens of dier in gevaar kunnen brengen en.

ii. In onderdeel b wordt «, of» vervangen door een punt.

iii. Onderdeel c vervalt.

b. In het tweede lid, onderdeel c, wordt voor «diergezondheid» ingevoegd: volksgezondheid, .

J

In artikel 7.1 vervalt na de woorden «toestemming, toelating,» eenmaal: , registratie.

K

In artikel 7.4, tweede lid, onderdeel b, wordt «de besluit» vervangen door: het besluit.

L

In artikel 7.5, vierde lid, wordt, na de zinsnede «Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur» ingevoegd: of bij ministeriële regeling.

M

Artikel 7.6 wordt als volgt gewijzigd:

a. In het eerste lid, onderdeel d, wordt «de afdelingen 7 en 8 van de Algemene wet bestuursrecht» vervangen door «de hoofdstukken 6, 7 en 8 van de Algemene wet bestuursrecht».

b. Het derde lid, komt te luiden:

3. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over het verwijzen door aanvragers van een aanwijzing als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, een besluit als bedoeld in artikel 7.1, dan wel door personen die een melding doen, naar gegevens die eerder door hen of een ander bij een aanvraag om een aanwijzing als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, een besluit als bedoeld in artikel 7.1, dan wel een melding zijn verstrekt.

N

In artikel 7.8 wordt «een een besluit als bedoeld in artikel 7.1» vervangen door: een besluit als bedoeld in artikel 7.1.

O

Artikel 8.13 wordt als volgt gewijzigd:

a. In het eerste en tweede lid wordt, na de zinsnede «artikel 6.2, eerste lid,» telkenmale ingevoegd: artikel 6.4, eerste lid,.

b. In het tweede lid wordt de zinsnede «2.4, eerste en tweede lid,» vervangen door: 2.4, eerste, tweede en derde lid,.

P

Artikel 8.14 wordt als volgt gewijzigd:

a. In het eerste, tweede, derde en vierde lid wordt telkenmale na de zinsnede «artikel 6.2, eerste lid,» ingevoegd: artikel 6.4, eerste lid,.

b. In het vierde lid, wordt de zinsnede «2.4, eerste en tweede lid,» vervangen door: 2.4, eerste, tweede en derde lid,.

Q

In artikel 8.46, tweede lid, wordt «Gidsen voor goede praktijken» vervangen door: Nationale gidsen voor goede praktijken.

R

Artikel 9.1 wordt als volgt gewijzigd:

a. In het eerste lid, aanhef, wordt voor de puntkomma ingevoegd: de volgende handelingen.

b. In het eerste lid, onderdeel f, vervalt de zinsnede «de kosten die zijn verbonden aan».

c. In het vierde lid wordt «de desbetreffende verrichting of het desbetreffende onderzoek eerst wordt uitgevoerd» vervangen door: een handeling als bedoeld in het eerste lid, aanhef, slechts dan wordt uitgevoerd.

S

Artikel 10.2 wordt als volgt gewijzigd:

a. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

b. Na het eerste lid worden twee leden toegevoegd, luidende:

2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor de toepassing van hoofdstuk 3 de artikelen 8 tot en met 13a van de Landbouwkwaliteitswet of onderdelen daarvan van overeenkomstige toepassing worden verklaard. De toepassing van artikel 13 van de Landbouwkwaliteitswet is onverminderd artikel 18, tweede lid, van de Landbouwkwaliteitswet.

T

Artikel 11.7 wordt als volgt gewijzigd:

a. Onderdeel A, onder 2, wordt als volgt gewijzigd:

i. De zinsnede «2.8, eerste lid, onderdeel b,» wordt vervangen door: 2.8, eerste lid, onderdeel b en c,.

ii. Na de zinsnede «artikel 6.2, eerste lid,» wordt ingevoegd: artikel 6.4, eerste lid,.

b. Onderdeel B, onder 2, wordt als volgt gewijzigd:

i. De zinsnede «2.4, eerste en tweede lid,» wordt vervangen door «2.4, eerste, tweede en derde lid,».

ii. Voor de zinsnede «2.11, eerste en tweede lid,» wordt ingevoegd: 2.8, derde en vierde lid voor wat betreft de onderwerpen, bedoeld in het vierde lid, onderdeel f,.

iii. De zinsnede «2.20, eerste en tweede lid voor wat betreft de onderwerpen, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a, onder 2o, d, g, i en l,» wordt vervangen door: 2.20, eerste en tweede lid voor wat betreft de onderwerpen, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a, onder 2o, d, g, h, i , j, k, en l,.

c. In onderdeel C wordt na de zinsnede «artikel 6.2, eerste lid,» ingevoegd: artikel 6.4, eerste lid,.

d. Onderdeel D wordt als volgt gewijzigd:

i. De zinsnede «artikel 2.8, derde en vierde lid voor wat betreft de onderwerpen, bedoeld in het vierde lid, onderdeel f,» vervalt.

ii. De zinsnede «artikel 2.20, eerste en tweede lid voor wat betreft de onderwerpen, bedoeld in het tweede lid, onderdelen h, j en k,» vervalt.

iii. Na de zinsnede «artikel 6.2, eerste lid,» wordt ingevoegd: artikel 6.4, eerste lid,.

Toelichting

Algemeen

Met het opstellen van uitvoeringsregelgeving bij dit wetsvoorstel is een aantal onvolkomenheden aan het licht gekomen. Met deze nota van wijziging breng ik derhalve een aantal technische en tekstuele verbeteringen aan in het wetsvoorstel.

Artikelsgewijs

A

In artikel 2.17 en artikel 2.19 wordt het begrip EG-richtlijn gehanteerd. Ten behoeve van eenduidige uitleg van dat begrip wordt in het voorgestelde artikel 1.1 een begripsbepaling opgenomen.

In de derde nota van wijziging is het begrip «diervoeder met medicinale werking» in artikel 1.1 opgenomen. Die term overlapt met het begrip «gemedicineerd diervoeder». Om die reden wordt de begripsbepaling voor laatstgenoemde term geschrapt.

B, F en G

Het wetsvoorstel voorziet voor een aantal artikelen expliciet in de mogelijkheid tot het stellen van een algemeen verbod. In een aantal gevallen is niet in die mogelijkheid voorzien, waar een dergelijk verbod wel gewenst kan zijn.

In het voorgestelde artikel 2.2, tiende lid, is die mogelijkheid toegevoegd, zodat het houden van bepaalde dieren kan worden verboden, als niet aan de regels ter bescherming van het dier, of regels omtrent de administratieve verplichtingen daaromtrent is voldaan.

In het voorgestelde artikel 2.22 wordt een verbodsmogelijkheid geïntroduceerd om het vervoeren van bepaalde ziekteverwekkers te kunnen verbieden.

Voor bepaalde biotechnologische handelingen zal in geen geval een vergunning worden verleend. Dat is thans het geval voor handelingen met betrekking tot dieren of dierlijke embryo’s, die niet zijn gericht op doeleinden van algemeen maatschappelijk belang. Voor die gevallen is bij algemene maatregel van bestuur voorzien in een afwijzingsgrond. Echter, voor gevallen waarin een vergunning niet zal worden verleend, is een algemeen verbod wenselijk omwille van de duidelijkheid. Met deze wijziging kan een dergelijk verbod worden ingesteld.

B

Op grond van het voorgestelde artikel 2.2, tiende lid, kunnen regels worden gesteld met betrekking tot aangewezen diersoorten en diercategorieën. Ten gevolge van die beperkingsmogelijkheid zal voor regels, gesteld op grond van dit artikel, moeten worden voorzien in een bepaling waarin de diersoort of diercategorie, waarop de regels zien, wordt aangewezen. Omdat uit de norm zelf blijkt op welke dieren zij van toepassing is, acht ik een nadere aanwijzing niet noodzakelijk. Met deze wijziging van het voorgestelde artikel 2.2, tiende lid, komt die aanwijzing te vervallen.

C

Op grond van EU-richtlijnen op het gebied van diergeneesmiddelen vloeien verplichtingen voort voor degene die het betreffende geneesmiddel toepast of voorhanden heeft. De verplichtingen, die op basis van de vergunning gelden voor degene die het middel toepast of voorhanden heeft , zien bijvoorbeeld op de wijze van toepassen of opslaan van het geneesmiddel, maar ook op de dieren waarbij het geneesmiddelen mag worden toegepast. Die verplichtingen vloeien voort uit de vergunningvoorschriften voor de toelating van het diergeneesmiddel.

Het besluit tot vergunningverlening is aan te merken als een besluit van algemene strekking, waarvan bekendmaking door middel van publicatie plaatsvindt.

Met dit onderdeel wordt artikel 2.8 zodanig gewijzigd dat het handelen in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften onder de reikwijdte van het verbod van het eerste lid wordt geplaatst.

Naast vergunningvoorschriften kunnen voorwaarden aan de vergunning worden verbonden. Die voorwaarden kunnen zich ook richten tot degene die het middel toepast of voorhanden heeft. Op grond van het vierde lid van artikel 2.8 kan worden geregeld dat moet worden voldaan aan die voorwaarden.

D

Het voorgestelde artikel 2.9, eerste en tweede lid, regelen wie diergeneeskundige handelingen mag verrichten. Op basis van het voorgestelde derde lid kan een uitzondering worden gemaakt voor bepaalde aangewezen diergeneeskundige handelingen. Hierbij bestaat behoefte aan de mogelijkheid die handelingen niet ten algemene, maar voor een beperkte groep personen toe te staan. Met deze wijziging wordt die mogelijkheid in het wetsvoorstel ingevoerd.

E

Met deze wijziging wordt de gebruikte terminologie gelijkgetrokken met de andere artikelen uit het wetsvoorstel, door middel van consequent gebruik van de termen «verstrekken» en «toepassen».

G

De wijziging van het voorgestelde artikel 2.23 tweede lid, betreft een technische wijziging. Met de gewijzigde formulering wordt de lijn die ik in de tweede nota van wijziging uiteenzette juist tot uitdrukking gebracht. Ik maak van de gelegenheid gebruik om aan te geven dat het begrip «genetisch materiaal van dieren» in het eerste lid, mede dierlijke embryo’s omvat.

H, I, J, K, M en N

Met deze onderdelen worden tekstuele onvolkomenheden verbeterd. Het derde lid van artikel 7.6 wordt daartoe opnieuw vastgesteld.

L

In hoofdstuk 7 van het wetsvoorstel is bepaald dat voor onderwerpen waarvoor, op grond van dat voorstel, wanneer het tot wet is verheven, regels kunnen worden gesteld ook nadere regels omtrent vergunningverlening gesteld kunnen worden. Met de uitdrukking «bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling» wordt tot uitdrukking gebracht dat voor het delegatieniveau wordt aangesloten bij het niveau dat door de materiële bepaling wordt voorgeschreven. In artikel 7.5, vierde lid wordt een dergelijke constructie ook wenselijk geacht.

O, P en T

Overtreding van voorschriften, gesteld op grond van artikel 2.4, derde lid, kunnen niet strafrechtelijk worden gehandhaafd. Omdat het regels betreft waaraan een houder van dieren moet voldoen bij overtreding van voorschriften over identificatie en registratie is strafrechtelijke handhaving gewenst. Met deze wijziging is daarin voorzien.

Q

Met deze wijziging wordt tot uitdrukking gebracht dat communautaire gidsen voor goede praktijken niet aan de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit ter beoordeling worden voorgelegd.

R

Door middel van deze wijziging wordt bewerkstelligd dat een aanvraag buiten behandeling kan worden gelaten indien het voor die aanvraag verschuldigd tarief niet is betaald.

S

Met het wetsvoorstel worden uitvoeringshandelingen ten behoeve van Europese regelgeving met betrekking tot dierlijke producten geregeld, die tot inwerkingtreding van het wetsvoorstel onder het regime van de Landbouwkwaliteitswet vallen. Niet is voorzien in organisatorische regels met betrekking tot de instellingen die dergelijke keuringen uitvoeren. Met deze wijziging wordt de mogelijkheid gecreëerd de bepalingen over dat onderwerp uit de Landbouwkwaliteitswet toe te passen op die instellingen.

De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

G. Verburg