nr. 8
NOTA VAN WIJZIGING
Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel I, onderdeel E, wordt artikel 60af als volgt gewijzigd:
1. Onder vernummering van het eerste en tweede lid tot tweede en derde
lid, wordt een nieuw eerste lid ingevoegd, luidende:
1. Deze paragraaf is van overeenkomstige toepassing op bezoekende
advocaten als bedoeld in artikel 16b, en op de advocaten die hun werkzaamheden
uitoefenen onder hun oorspronkelijke beroepstitel als bedoeld in artikel 16h.
2. In het nieuwe derde lid wordt «het eerste lid» vervangen
door: het tweede lid.
3. Er worden twee leden toegevoegd, luidende:
4. De bevoegde autoriteit van de staat van herkomst van de betrokken
advocaat wordt in de gevallen, bedoeld in artikel 60ab, eerste en vierde lid,
in de gelegenheid gesteld haar mening kenbaar te maken.
5. Aan de bevoegde autoriteit van de staat van herkomst van de betrokken
advocaat kunnen mededelingen worden gevraagd van de nodige gegevens over diens
beroepsuitoefening en wordt kennis gegeven van iedere genomen beslissing,
een en ander onverminderd het vertrouwelijke karakter van die inlichtingen.
B
Artikel II wordt als volgt gewijzigd:
1. Na onderdeel A worden twee nieuwe onderdelen ingevoegd, luidende:
AA
In artikel 14, eerste lid, wordt «65-jarige leeftijd» vervangen
door: zeventigjarige leeftijd.
AB
In artikel 29, eerste lid, wordt in de laatste volzin «65-jarige
leeftijd» vervangen door: zeventigjarige leeftijd.
2. In onderdeel C, eerste lid, komt de laatste volzin van artikel
106, eerste lid, te luiden: Artikel 27, eerste lid, tweede tot en met vierde
volzin, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
C
Na artikel III wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:
ARTIKEL IIIA
1. Indien een verzoek tot benoeming tot notaris als bedoeld in artikel
8 van de Wet op het notarisambt wordt ingediend binnen zes maanden na de datum
van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel AA, van deze wet en indien
de verzoeker ingevolge artikel 14 van de Wet op het notarisambt, zoals dat
luidde voor deze inwerkingtreding, van rechtswege ontslagen is geweest uit
het notarisambt, is artikel 6, tweede lid, onderdelen a en b, onder 1°
en 2°, van de Wet op het notarisambt voor de beslissing op dit verzoek
niet van toepassing.
2. Indien het bij koninklijke boodschap van 15 mei 2007 ingediende
voorstel van wet tot wijziging van de Wet op het notarisambt in verband met
het laten vervallen van het nationaliteitsvereiste voor benoeming tot notaris
(31 040) tot wet wordt verheven en in werking treedt of is getreden,
wordt in het eerste lid «artikel 6, tweede lid, onderdelen a en b, van
de Wet op het notarisambt» vervangen door: artikel 6, eerste lid, onderdelen
a en b, onder 1° en 2°, van de Wet op het notarisambt.
D
In artikel IV, eerste en tweede lid, wordt na «onderdelen A tot
en met D,» telkens ingevoegd: en artikel II, onderdelen AA en AB,.
Toelichting
Onderdeel A (artikel I, onderdeel E, artikel 60af)
De nieuwe spoedprocedure, zoals neergelegd in de voorgestelde nieuwe paragraaf 4a,
moet van overeenkomstige toepassing zijn op advocaten uit andere landen van
de Europese Unie (EU), de Europese Economische Ruimte (EER) en uit Zwitserland,
die onder hun oorspronkelijke beroepstitel permanente werkzaamheden in Nederland
willen verrichten (artikel 16h-advocaten). Bovendien moet de nieuwe procedure
ook van toepassing zijn op advocaten uit deze landen die op incidentele basis
als bezoekende advocaat werkzaamheden in Nederland willen verrichten (artikel
16b-advocaten). Om dit te expliciteren, wordt het voorgestelde artikel 16af
gewijzigd. De formulering van de nieuw toe te voegen artikelleden is voor
een belangrijk deel ontleend aan de huidige artikelen 60a en 60aa van de Advocatenwet.
Onderdeel B (artikel II, onderdelen AA, AB en C)
In het rapport van de Commissie Evaluatie Wet op het Notarisambt, die
onder leiding stond van de president van het Gerechtshof Arnhem, mr. A. Hammerstein
(Kamerstuken II 2005/06, 23 706, nr. 62, bijlage) was de aanbeveling
opgenomen om de leeftijdsgrens voor het defungeren van een notaris te verhogen
van vijfenzestig naar zeventig jaar. Bij motie van 30 mei 2007 heeft
de Tweede kamer verzocht uitvoering te geven aan deze aanbeveling. Bij brief
van 1 november 2007 (Kamerstukken II 2007/08, 23 706, nr. 68)
heeft de staatssecretaris van Justitie de uitvoering van deze motie aan de
Kamer toegezegd. De verhoging van de leeftijdsgrens kan bijdragen aan het
voorkomen van een mogelijk tekort aan notarissen en sluit aan bij de leeftijdsgrens
bij andere ambten, zoals dat van rechter en burgemeester. In de brief van
1 november 2007 was reeds gemeld dat de minister van SZW akkoord is met
de verhoging van de leeftijdsgrens. Ik maak graag gebruik van de gelegenheid
om reeds bij dit wetsvoorstel mijn toezegging aan de Kamer gestand te doen.
De wijziging van de laatste volzin van artikel 106, eerste lid, ziet op verbetering
van een verwijzing naar artikel 27, eerste lid, van de Wet op het notarisambt.
Onderdelen C en D (artikelen IIIA en IV)
Uit het voorgestelde artikel IIIa vloeit voort dat diegenen die wegens
het bereiken van de vijfenzestigjarige leeftijd van rechtswege ontslagen zijn
geweest uit het notarisambt en met de wijziging van de leeftijdsgrens weer
in aanmerking komen voor benoeming als notaris een beroep kunnen doen op een
overgangsregeling ten aanzien van de procedure voor herbenoeming. De overgangsregeling
houdt in dat indien binnen zes maanden na inwerkingtreding van de wijziging
een verzoek tot benoeming als notaris wordt gedaan, er bij wijze van een verlichte
benoemingsprocedure alleen zal worden getoetst aan de benoemingsvereisten
van artikel 6, tweede lid, onderdeel b, onder 3° en 4°, en onderdeel
c. De rechtsgevolgen die zijn ingetreden als gevolg van het eerdere ontslag
van rechtswege, zoals de overdracht van het protocol op grond van artikel
15 van de Wet op het notarisambt en het verlies voor de duur van het defungeren
van de bevoegdheden die de wet verbindt aan het notarisambt, zijn naar hun
aard en naar het systeem van de wet onomkeerbaar en kunnen derhalve geen onderdeel
uitmaken van een overgangsregeling. Deze reeds ingetreden rechtsgevolgen kunnen
en worden derhalve niet ongedaan gemaakt. De wijziging van artikel IV voorziet
erin dat de wijziging van de bepalingen over de leeftijdsgrens voor notarissen
direct in werking treedt.
De staatssecretaris van Justitie,
N. Albayrak