Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201231371 nr. 368

31 371 Kredietcrisis

Nr. 368 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 december 2011

Op vijf december jl. heb ik een rondetafelgesprek gevoerd met de bestuurders van Rabobank, ING, ABN AMRO, Achmea, Delta Lloyd, APG, PGGM en Mn Services. Zoals aan uw Kamer toegezegd tijdens de begrotingsbehandeling van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I), heb ik de in uw Kamer geuite zorgen ten aanzien van de kredietverlening aan de orde gesteld tijdens het overleg. Bij dit agendapunt was ook de heer Biesheuvel, voorzitter van MKB-Nederland, aanwezig. MKB-Nederland heeft op 5 december met Rabobank, ING en ABN AMRO een verklaring afgelegd over de kredietverlening.

De aanwezige banken gaven aan dat ze gezonde bedrijven van krediet zullen blijven voorzien voor rendabele projecten, maar dat de kredietrisico’s toenemen door de verslechterde economische vooruitzichten. Daardoor moeten banken momenteel voorzichtiger zijn bij het verstrekken van kredieten. Dat kan er toe leiden dat het verstrekken van bepaalde leningen voor banken niet verantwoord meer is. De toegenomen terughoudendheid bij de banken is terug te vinden in de meest recente statistieken. Na een aantal kwartalen van versoepeling hebben banken per saldo het afgelopen kwartaal kredietaanvragen minder makkelijk geaccepteerd, zo blijkt uit cijfers van DNB.

De moeilijke omstandigheden waarin financiële instellingen zelf verkeren, oefenen daarnaast in potentie een zelfstandige negatieve invloed uit op het kredietverschaffende vermogen van banken, zo gaven de aanwezige banken aan. Het is in de huidige marktomstandigheden aanzienlijk moeilijker voor banken om geld aan te trekken op de obligatiemarkt. Daarnaast worden banken vanuit regelgeving geconfronteerd met aangescherpte eisen aan de omvang en kwaliteit van hun kapitaal- en liquiditeitsbuffers.

Ondanks de moeilijke omstandigheden hebben banken meer krediet verstrekt aan het bedrijfsleven. Volgens de laatste cijfers van DNB bedroeg het uitstaande bedrag aan zakelijke kredieten in oktober 2011 € 347 mld, ofwel 4% meer dan een jaar eerder en 0,4% meer dan afgelopen september. Ook de DNB-cijfers over de omvang van nieuw verstrekte kredieten wijzen vooralsnog niet op een abrupte afname van de kredietverlening. Het doet mij deugd dat MKB-Nederland en de banken in hun verklaring over kredietverlening hebben aangegeven er vertrouwen in te hebben dat de kredietverlening op een verantwoorde en zorgvuldige wijze blijft doorgaan.

De groei van de kredietverlening kan overigens de komende tijd afnemen, onder andere vanwege een afnemende kredietvraag van bedrijven. Bedrijven worden, zoals gebruikelijk in laagconjunctuur, terughoudender met het doen van investeringen vanwege slechtere economische vooruitzichten.

De ontwikkeling in de kredietverlening zoals die momenteel waargenomen wordt, stemt overeen met de uitkomsten van de onderzoeken die ik heb laten doen naar het kredietverleningsgedrag van banken na het uitbreken van de kredietcrisis. Uit de aan u toegezonden onderzoeken van KPMG en de commissie De Swaan is gebleken dat de kredietverlening in algemene zin niet in gevaar is gekomen, maar dat sommige segmenten van het bedrijfsleven het wel moeilijk hebben om aan krediet te komen, bijvoorbeeld kleinere ondernemingen.

Bij kredietaanvragen is het van belang dat de klant en de bank elkaar verstaan. Ik verwelkom dan ook de afspraken die de banken en MKB-Nederland in hun verklaring hebben gemaakt over een persoonlijk, transparant en zorgvuldig kredietbeoordelingsproces.

Het kabinet hecht veel belang aan het beschikbaar blijven van bancair krediet. Daarbij is bijzondere aandacht gerechtvaardigd voor het mkb, gezien de bovengemiddelde afhankelijkheid van banken voor de financiering van dit belangrijke segment van de economie. Afgelopen september besloot het kabinet reeds om de eerder getroffen crisismaatregelen voor een belangrijk deel te continueren in 2012 en daarnaast het budget van de permanente garantieregeling voor het mkb (BMKB) met een derde op te hogen naar € 1 mld. Hiermee worden mogelijk toenemende knelpunten bij de kredietverstrekking aan het mkb geadresseerd. Voor ondersteuning aan mkb-ers bij het opstellen van een kredietaanvraag is nu aanvullend besloten de service van de Ondernemerskredietdesk uit te breiden vanaf het eerste kwartaal in 2012. EL&I maakt die uitbreiding mogelijk door een half miljoen euro ter beschikking te stellen. Voor de kleine kredieten kunnen mkb-ers een beroep doen op financiering via Qredits, waarbij het kabinet in september heeft besloten om de bovengrens voor kredietverstrekking vanuit Qredits op te hogen naar 50 000 euro.

Daarnaast is in september besloten om de garantieregeling voor grotere kredieten (GO) met een jaar te verlengen met een maximale garantie van 25 miljoen euro per krediet. Tijdens de bijeenkomst hebben de aanwezige banken aangegeven dat de BMKB en andere garantieregelingen in voorkomende gevallen het benodigde steuntje in de rug zijn om tot verantwoorde kredietverlening over te kunnen gaan. Zij hebben laten weten de verlenging van de crisismaatregelen, gezien de huidige omstandigheden, toe te juichen en hebben de intentie uitgesproken het garantie-instrumentarium zo goed mogelijk te blijven benutten. Verder is afgesproken dat we veel aandacht zullen blijven besteden aan de ontwikkeling van de kredietverlening. In de gezamenlijke verklaring van MKB-Nederland en de aanwezige banken is aangegeven dat er regelmatig een cijfermatig overzicht zal worden opgesteld met specifieke cijfers over de kredietverlening aan het mkb. Het kabinet zal de ontwikkeling in de kredietverlening op de voet volgen en daar regelmatig contact over onderhouden met de banken en de werkgeversorganisaties.

De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

M. J. M. Verhagen