Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201131322 nr. 131

31 322 Kinderopvang

Nr. 131 MOTIE VAN HET LID DE MOS

Voorgesteld 24 mei 2011

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende, dat vog's van mensen die in het buitenland hebben gewerkt nu niet in de desbetreffende landen worden opgevraagd;

constaterende, dat er middels een vog slechts in beperkte mate kan worden teruggekeken in het verleden van een nieuw aan te nemen werknemer;

constaterende, dat kinderopvangbureaus nu niet verplicht zijn om over nieuwe medewerkers navraag te doen bij (de) vorige werkgever(s);

verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat:

  • het verplicht wordt om buitenlandse vog's, die door een erkend taalinstituut zijn vertaald naar het Nederlands, op te vragen van mensen die in het buitenland hebben gewerkt;

  • het verleden van de nieuwe werknemer via een vog beter inzichtelijk wordt;

  • kinderopvangbureaus verplicht worden, bij het aannemen van nieuwe werknemers navraag te doen bij (de) vorige werkgever(s),

en gaat over tot de orde van de dag.

De Mos