31 305 Mobiliteitsbeleid

Nr. 559 MOTIE VAN HET LID VAN LEIJEN

Voorgesteld 30 juni 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de onderhoudsopgave voor de Nederlandse infra omvangrijk en urgent is;

overwegende dat de bereikbaarheid van nieuwe woningbouwlocaties gewaarborgd moet blijven;

constaterende dat de beschikbare publieke middelen voor infra onvoldoende zijn om de opgaven tijdig te realiseren;

overwegende dat naast prioritering ook de structurele versterking van de financieringsbasis van infrastructuur noodzakelijk is;

verzoekt de regering zich in te spannen om zo spoedig mogelijk uitgewerkte beleidsopties aan de Kamer voor te leggen die voorzien in aanvullende financiële middelen voor infrastructuur, inclusief een analyse van de mogelijke opbrengsten, de uitvoerbaarheid en de voor- en nadelen, en de Kamer hierover voor het einde van het jaar een stand van zaken te sturen;

verzoekt de regering daarbij in ieder geval de volgende opties te betrekken:

  • invoering van een vorm van het Oostenrijkse model;

  • uitbreiding van tolheffing en andere vormen van gebruiksfinanciering;

  • versterking van publiek-private samenwerkingen;

  • structurele participatie van Nederlandse pensioenfondsen in infrafinanciering;

  • koppelen van infravoorzieningen aan commerciële aanbestedingen;

  • bijdragen van baathouders, waaronder bedrijven, grondeigenaren en vastgoedeigenaren, in de bekostiging van infra,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Leijen

Naar boven