Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202031305 nr. 311

31 305 Mobiliteitsbeleid

26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)

Nr. 311 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 maart 2020

Hierbij beantwoord ik de schriftelijke vragen van de leden Schonis en Verhoeven (beiden D66) over het artikel «Autosector voldoet niet aan strenge privacynorm» (Aanhangsel Handelingen II 2019/20, nr. 2176).

Daarnaast stuur ik u, mede namens de Staatssecretaris van EZK en zoals toegezegd in het AO Digitalisering van woensdag 11 maart 2020, het rapport over het delen van voertuigdata en interfaces dat op 27 januari 2020 is opgeleverd1.

Het rapport concludeert dat de automotivesector snel verandert door trends als automatisering, connectiviteit, elektrificatie en de verandering van bezit naar gebruik door de opkomst van (deel)platformen. Het rapport heeft niet op alle vragen die deze trends oproepen een antwoord kunnen geven, maar maakt wel inzichtelijk dat deze trends zich de komende jaren gaan doorzetten en daarbij de sector drastisch zullen veranderen. Toegang tot voertuigdata en interfaces is daarin een belangrijk en complex vraagstuk, met grote belangen voor zowel autoproducenten, toeleveranciers en aftermarketbedrijven zoals service providers, onderhoudsbedrijven, verzekeraars en leasebedrijven. Bovendien vragen de belangen van consumenten in toenemende mate aandacht.

Het rapport kent vijf advieslijnen:

  • 1. De consument moet centraal staan bij koop, lease, gebruik van voertuigen, onder andere door transparantie rondom het gebruik van voertuigdata.

  • 2. Benutten van kansen die herzieningen van bestaande EU-wetgeving (i.c. de MV-TAR en MV-BER) bieden om toegang tot voertuigdata te borgen voor onder andere onderhoud en reparatie.

  • 3. Optimaliseren van de uitvoering van bestaande regelgeving, onder meer door het inzichtelijk maken en beoordelen van knelpunten vanuit de praktijk.

  • 4. Stimuleren van samenwerking tussen en door marktpartijen, zoals bijvoorbeeld nu wordt gedaan in Europa in het kader van de Data Task Force.

  • 5. Onderzoeken van opties voor aanvullende regelgeving, bijvoorbeeld voor derden zoals toegang tot data voor nieuwe mobiliteitsdiensten.

Samen met de Staatssecretaris van EZK zal ik deze adviezen de komende periode nader uitwerken en samen met de sector en relevante toezichthouders oppakken. Hierbij vind ik het van belang dat acties gebaseerd worden op belemmeringen uit de praktijk. Hiertoe ga ik een meldpunt openen waar de sector concrete knelpunten kan melden zodat toezichthouders deze ook nader kunnen onderzoeken.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.