31 200 XVIII
Vaststelling van de begrotingsstaten van de begroting Wonen, Wijken en Integratie (XVIII) voor het jaar 2008

nr. 54
BRIEF VAN DE MINISTER VOOR WONEN, WIJKEN EN INTEGRATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 29 februari 2008

Bij brief van 17 december 2007 (kenmerk 07-WWI-B-044) heeft de algemene commissie voor Wonen, Wijken en Integratie mij verzocht om uw Kamer te informeren over de energiebesparingsplannen in de particuliere woningvoorraad. Bij brief van 14 januari 2008 (wwi0800006) heb ik aangegeven er naar te streven u deze informatie vóór 15 februari 2008 te verstrekken. De reden voor deze uitgestelde beantwoording was de verwachte ondertekening van het convenant «Meer met minder» op 23 januari 2008.

Inmiddels is het convenant «Meer met minder» inderdaad ondertekend op 23 januari 2008. «Meer met minder» is een samenwerking van de markt en de overheid ter stimulering van energiebesparing in bestaande gebouwen. Ondertekenaars van het convenant zijn de energiebedrijven, Bouwend Nederland, UNETO-VNI, de minister van VROM, de minister van EZ en mijzelf. «Meer met minder» richt zich onder andere op de particuliere woningvoorraad. Bijgaand treft u ter informatie het convenant en het persbericht dat bij de ondertekening is uitgegaan1. Bij de ondertekening van het convenant hebben de consumentenorganisaties, verenigd in het Platform Bewoners en Duurzaam Bouwen, een intentieverklaring aan mij aangeboden, waarin zij aangeven zich actief te willen inzetten voor de doelstellingen van het kabinet voor energiebesparing in gebouwen, in afstemming met «Meer met minder». Ook deze intentieverklaring treft u bijgaand ter informatie. Onder andere de belangenvertegenwoordigers van de particuliere woningeigenaren, de Vereniging Eigen Huis (VEH) en de Vereniging van Eigenaren-belang (VvE-belang) zijn vertegenwoordigd in het Platform.

In «Meer met minder» is afgesproken dat de ondertekenaars door een gemeenschappelijke aanpak energiebesparing in bestaande gebouwen zullen stimuleren. Voor elke partij zijn daarvoor individuele inspanningen opgenomen in het convenant. De gemeenschappelijke aanpak zal erop gericht zijn de gebouweigenaar te verleiden te investeren in de verbetering van de energieprestatie van zijn gebouw. Bijvoorbeeld door afgestemde communicatie, het organiseren van een één-loket-functie, en het opleiden van uitvoerders zoals bouwers en installateurs.

Na de ondertekening is gestart met de (voorbereiding van de) uitvoering van «Meer met minder». In grote lijnen betreft dit:

Door marktpartijen:

– opzetten van uitvoeringsorganisatie

– opleiden uitvoerende bedrijven zoals bouwbedrijven en installatiebedrijven.

Door de overheid:

– opzetten financiële stimulering voor particuliere woningeigenaren (eigenaar-bewoners en kleine particuliere verhuurders), opzetten stimulering hernieuwbare energievoorziening in bestaande gebouwen en aanpassen van bestaande stimuleringsregelingen ten behoeve van energiebesparing in bestaande gebouwen

– afstemmen van werkzaamheden van bestaande uitvoeringsorganisaties van de overheid zoals SenterNovem op «Meer met minder».

Door marktpartijen, overheid en consumentenorganisaties:

– uitwerken gezamelijke communicatiestrategie.

De uitwerking van bovenstaande vindt plaats in afstemming tussen de convenantspartijen. Ook wordt afgestemd met de consumentenorganisaties in het Platform Bewoners en Duurzaam Bouwen. In 2008 wordt gestart met pilotprojecten waarin de aanpak van «Meer met minder» in de praktijk wordt uitgetest.

Een belangrijke doelgroep van «Meer met minder» is de particuliere woningvoorraad. De één-loket-functie en communicatie zullen ook op deze doelgroep gericht zijn. Het voornemen is ook deze doelgroep financiëel te stimuleren. In de uitwerking zal ik waar aan de orde afstemmen met VEH en VvE-belang.

Tijdens het Algemeen Overleg over particuliere woningverbetering op 30 januari 2008 heeft uw Kamer (de heer Depla) gevraagd te reageren op het onderzoek van Meyer/Thomsen over de kwaliteit van de particuliere woningvoorraad en dit te betrekken bij het Algemeen Overleg over binnenmilieu. Ik zal een reactie op dit rapport meenemen bij de brief die ik tijdens het Algemeen Overleg van 30 januari 2008 heb toegezegd rond 1 mei 2008 over de vervolgacties op het terrein van de particuliere woningverbetering.

Naast energiebesparing in bestaande gebouwen werk ik ook aan energiebesparing in de nieuwbouw. Hiervoor is een aanscherping van de norm (Energie Prestatie Coëfficient) aangekondigd in het werkprogramma «Schoon en Zuinig». Daarnaast werk ik samen met mijn collega de minister van VROM en de sector (Bouwend Nederland, Neprom, NVB) aan een convenant over energiebesparing in de nieuwbouw.

De uitvoering van «Meer met minder» is nog in de startfase, over het nieuwbouwconvenant wordt nog onderhandeld. Ik kan u daarom op dit moment niet in meer detail informeren. Ik zal dat doen zodra hier aanleiding voor is.

De minister voor Wonen, Wijken en Integratie

C. P. Vogelaar


XNoot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.

Naar boven