nr. 90 Herdruk1
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 september 2008
Tijdens het Algemeen Overleg over Pensioenen van 18 juni jl. (30 413,
nr. 114) heeft minister Donner aangegeven dat ik u voor het einde van
het zomerreces zou informeren over het communicatieplan met betrekking tot
de afschaffing van de AOW-partnertoeslag. Met deze brief vul ik deze toezegging
in.
Er is reeds een aantal acties ingezet. Hierover heb ik u per brief d.d.
28 mei 2008 (Kamerstukken 2007/08, 31 200 XV, nr 88) op de
hoogte gesteld. Ik heb daarin ook aangegeven dat het om maximaal rendement
te behalen uit extra communicatieactiviteiten nodig is een onderzoek te doen
naar het kennisniveau bij burgers over de AOW en de afschaffing van de AOW-partnertoeslag
in het bijzonder.
Onderzoek
Dit onderzoek is inmiddels uitgevoerd (zie bijlage).2 Hieruit blijkt dat veel mensen geen goed beeld hebben van de geldende
regels en van de financiële situatie na hun pensioen. Zij hebben weinig
feitenkennis van de AOW en de partnertoeslag. 22% van de mensen weet
wat de partnertoeslag is, 34% denkt er wel eens van gehoord te hebben
en 21% is op de hoogte van het afschaffen ervan; dit percentage ligt
hoger voor mensen die door hun leeftijd de gevolgen van het afschaffen zullen
ondervinden (31%) dan mensen die die gevolgen niet ondervinden (15%).
Ook ligt het percentage iets hoger onder gehuwden dan onder ongehuwden. Het
blijkt dat er weinig interesse is in informatie over het pensioen. De helft
van de respondenten zegt geen behoefte te hebben aan extra informatie over
de eigen inkomenspositie na hun 65e.
Het onderzoek onderstreept dus het belang van de communicatie over het
afschaffen van de partnertoeslag, maar toont ook aan dat het niet eenvoudig
is de boodschap over te brengen. Dit is overigens een algemeen probleem bij
communicatie over financiële onderwerpen die pas op termijn gaan spelen.
Dat is ook de reden dat er weinig feitenkennis over de AOW is.
Tijdens het onderzoek hebben de respondenten ook een voorlichtingstekst
voorgelegd gekregen om te zien of de boodschap begrijpelijk was. Dit heeft
nuttige input opgeleverd voor de inhoud van de boodschap, de manier waarop
die gebracht kan worden en de kanalen waarlangs.
Doel van de campagne
Primair doel van de voorlichtingscampagne is dat mensen meer basisinformatie
krijgen, zodat zij de informatie over het afschaffen van het partnerpensioen
kunnen plaatsen. Vervolgens zullen zij gestimuleerd worden zich te verdiepen
in de gevolgen van het afschaffen van de partnertoeslag voor hen zelf. De
campagne is geslaagd als de mensen erover nadenken wat het betekent voor hun
persoonlijke situatie en zo nodig nadere informatie inwinnen. Dit betekent
dat het niet voldoende is de boodschap één keer aan de mensen
te geven. De informatie moet via verschillende kanalen en op verschillende
momenten onder de aandacht gebracht worden. De boodschap kan alleen over komen
als wij samen optrekken met andere organisaties die contacten hebben met burgers
over hun pensioen. Het departement werkt daarom nauw samen met de Stichting
Pensioenkijker.nl. Hierin zijn alle relevante partijen verenigd die te maken
hebben met pensioenen: pensioenfondsen, verzekeraars, werkgevers en werknemers,
de SVB, het Nibud, ouderenbonden en allochtonenorganisaties.
Doelgroep van de campagne
De communicatie zal zich primair richten op mensen die op of na 1 januari
2015 65 jaar worden en nu ouder zijn dan 35 jaar; dit is de groep tussen de
35 en 58 jaar. Binnen deze groep besteden wij speciale aandacht aan de groep
tussen de 50 en 58 jaar, omdat zij als eersten te maken kunnen krijgen met
de afschaffing van de partnertoeslag. De nadruk ligt daarbij op traditionele
kostwinnersituaties, met name mensen met een lager inkomen, allochtonen en
vrouwen. Een lastig communicatieaspect is, dat de doelgroep in de tijd steeds
kan wisselen, in termen van wel/geen partner en wel/geen inkomen bij de jongere
partner. Omdat de campagne ook gaat over kennis over de AOW in het algemeen
en bewustzijn van de financiële situatie na het pensioen, richt de boodschap
zich ook op ouderen die vóór 2015 voor het eerst AOW krijgen.
De campagne in 2008
Ik zal om te beginnen massamediale communicatie inzetten. Dit houdt ondermeer
in dat er radiospots worden uitgezonden. We zullen adverteren in geprinte
media en op relevante sites door middel van «banners». De huidige
communicatie via SZW.nl, Postbus 51 en via het rijksbrede werkgeversloket
wordt gecontinueerd.
Daarnaast zal ik specifieke doelgroepen via de eigen kanalen benaderen.
Het idee is dan dat deze organisaties het onderwerp meenemen bij de informatie
die zij sowieso al aan hun leden of publiek geven. We gaan daarnaast populaire
publieksbladen zoals vrouwenbladen en huis-aan-huisbladen benaderen om artikelen
te plaatsen over dit onderwerp Voor de voorlichting aan allochtonen is een
speciaal bureau ingeschakeld. Er wordt specifiek voorlichtingsmateriaal ontwikkeld
en uitgedeeld via geschikte kanalen.
Tijdens het Algemeen Overleg op 18 juni jl. is het idee geopperd
alle burgers die te maken krijgen met de afschaffing van de partnertoeslag
een persoonlijk geadresseerde brief hierover te sturen. Dit is een interessante
suggestie, omdat daarmee zeker wordt gesteld dat iedere burger de informatie
ontvangt. Het nadeel is echter dat dit eenmalig is en dat een brief niet
garandeert dat de boodschap ook daadwerkelijk overkomt. Vanuit communicatieoogpunt
is het beter de boodschap op meerdere momenten en op meerdere manieren te
brengen.
Alles afwegende heb ik besloten dat alle gehuwde personen die als eerste
te maken krijgen met de afschaffing, namelijk de mensen geboren in 1950 een
persoonlijk geadresseerde brief krijgen. Afhankelijk van de resultaten van
deze mailing, kan besloten worden hem te herhalen voor andere leeftijdsgroepen.
Vanaf 2009
Afhankelijk van de resultaten en van de evaluatie van de ingezette middelen,
wordt de campagne geïntensiveerd. Ik zal het onderzoek naar de bekendheid
met het afschaffen van de partnertoeslag periodiek herhalen. Communicatieactiviteiten
als advertenties en informatie via sites en via doelgroepenorganisaties worden
in ieder geval ook na dit jaar doorgezet.
De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
A. Aboutaleb