nr. 134
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN
MILIEUBEHEER
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 juli 2008
In mei jl. heb ik u schriftelijk geïnformeerd over het Publiek-Private
Project Zuidas (Kamerstuk 31 200 XI, nr. 114). Inmiddels zijn de
uitkomsten van het daarbij genoemde externe onderzoek bekend en heeft een
bestuurlijk overleg plaatsgevonden. Hierbij wil ik u mede namens de minister
van Financiën, de minister van Verkeer en Waterstaat en de minister van
Economische Zaken informeren over de uitkomsten en het vervolgproces.
Voorgeschiedenis
In 2007 zijn de uitgangspunten van het Zuidas-project aan u gepresenteerd.
Ik verwijs u naar mijn brief van 20 juni 2007 (Kamerstuk 30 800
XI, nr. 111). De Zuidasorganisatie heeft tot in het najaar van 2007 intensieve
gesprekken gevoerd met zowel de publieke als de private partijen. Alle afspraken
die daaruit voortgevloeid zijn, zijn verwerkt in het concept-Prospektus Zuidas
dat in november 2007 is afgerond. Eind 2007 kwamen signalen van enkele private
partijen dat zij zich niet konden vinden in de propositie zoals beschreven
in het concept-Prospektus Zuidas. Dit vormde voor de publieke partijen de
aanleiding om een zakenbank in de arm te nemen.
Uitkomsten onderzoek Credit Suisse
Wij hebben Credit Suisse gevraagd om te adviseren over verbeteringen in
de voorliggende Zuidas-propositie. Uit de bevindingen van Credit Suisse concluderen
wij het volgende:
• De inschatting dat private partijen niet zullen bieden op de huidige
Business case.
• Er is draagvlak bij alle partijen om tot een gezamenlijk gedragen
Zuidas-propositie te komen.
• Het is noodzakelijk om de onduidelijkheid op te heffen omtrent
de scope en de risicoallocatie van de infrastructuur die het gevolg is van
het (nog) niet ondertekend zijn van de modaliteitsovereenkomsten. Daarnaast
is er het kabinetsbesluit van 20 maart over de viersporigheid op de OV-corridor
Schiphol–Amsterdam–Almere–Lelystad. Dit heeft impact op
de Zuidas-propositie, waardoor een open einde is ontstaan.
• Wij staan positief tegenover initiatieven om binnen het kader van
de juridische regelgeving en mits er voldoende concurrentie zal zijn tussen
combinaties van privaten, combinatievorming in het veilingproces toe te staan.
Zo komen we tegemoet aan de wens van de private partijen om vooraf zekerheid
te hebben met wie men als aandeelhouder langdurig zal samenwerken. De vormgeving
van het veilingproces en precieze regels omtrent het toestaan van combinaties
worden uitgewerkt.
• Naar gelang het bovenstaande een aanpassing van de propositie betekent,
zal in het vervolgproces gekeken worden op welke wijze de kosten en risico’s
alsmede de voordelen verdeeld zouden kunnen worden.
• Er is nu een duidelijke omschakeling in het proces nodig. De huidige
werkwijze met «open consultatie van acht Private Partijen» zal
veranderen naar een proces dat gericht is op de organisatie van een competitieve
veiling.
Vervolgproces
Het Rijk heeft altijd als uitgangspunt gehanteerd om dit project samen
met risicodragende participatie van private partijen tot stand te brengen.
De vervolgstappen zijn er dan ook op gericht om nog eenmaal met de private
partijen in overleg te treden om tot een gezamenlijk gedragen Zuidas-propositie
te komen. Wij willen de vervolgstappen verdelen over twee trajecten.
Proces traject infrastructuur en veiling
Als gevolg van het kabinetsbesluit in 2008 betreffende OV SAAL en gelet
op het advies van Credit Suisse worden met het ministerie van Verkeer en Waterstaat
gesprekken gevoerd over de mogelijkheden om (delen van) de inrichting van
de infrastructuur uit de scope van de onderneming te halen. Voordelen liggen
in een verlaging van de investeringsdruk en het risicoprofiel voor de onderneming.
Op 25 juni heeft een bestuurlijk overleg plaatsgevonden tussen Rijk,
gemeente en Zuidas. Daarin hebben de publieke partijen een drietal te onderzoeken
varianten vastgesteld voor de reikwijdte van de ontvlechting tussen het casco
(de tunnel) en de inbouw van de infrastructuur (weg en spoor):
1) Zuidas realiseert de tunnels met de infrastructuur, zoals beoogd; V&W
realiseert de bovengrondse spoorinvesteringen, zowel voor korte als lange
termijn;
2a) Zuidas realiseert de tunnels en de A10-infrastructuur; V&W realiseert
de spoorinfrastructuur buiten en in de tunnels, zowel voor korte als lange
termijn;
2b) Zuidas realiseert de tunnels; V&W realiseert de spoor- (korte
en lange termijn) en A10-infrastructuur buiten en in de tunnels.
Per variant zullen door partijen gezamenlijk de consequenties worden onderzocht
voor de scope, de businesscase en voor het risicoprofiel van de Zuidas-onderneming
en van Verkeer en Waterstaat. Definitieve bestuurlijke afspraken over de te
kiezen variant en de bijbehorende risicoverdeling en financiering worden in
september gemaakt. Ook over eigendom van en aansprakelijkheid voor de tunnel
zullen in september definitieve afspraken gemaakt worden.
Voornemen is om in een bestuurlijk overleg in september tevens een beslissing
te nemen over de vraag of onder meer een aangepaste risicoallocatie en als
gevolg daarvan mogelijk een budgettair vraagstuk voor de publieke partijen
acceptabel zijn. Zo ja, dan zal bestuurlijk besloten worden over aanpassingen
van de propositie.
b) Proces traject met privaten
Op basis van de hierboven genoemde varianten voor ontvlechting van casco
tunnel en weg en spoor willen wij samen met de Zuidas-onderneming i.o. deze
zaken alsmede de risicoallocatie en de governance van de Zuidasonderneming
in de periode tot september verder uitwerken. Bovengenoemde trajecten a) en
b) zullen leiden tot een aangepaste propositie waarover uiterlijk in september
bestuurlijk zal worden besloten.
Na het bestuurlijke besluit in september willen wij met de private partijen
in overleg treden om te komen tot een definitieve propositie, die zal worden
opgenomen in de definitieve versie van het Prospektus. Dat Prospektus zal
daarna aan de Staten-Generaal en Gemeenteraad worden voorgelegd ter goedkeuring
van de oprichting van de Zuidas NV. Na deze goedkeuring zal de veiling van
aandelen plaatsvinden. Wij hebben de betrokken private partijen geïnformeerd
over het vervolgproces. Een afschrift van deze brief is als bijlage bijgevoegd.
Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.
De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
J. M. Cramer