Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 9 maart 2017
Met deze brief informeer ik de Tweede Kamer over de stand van zaken met betrekking
tot het stemmen vanuit het buitenland, waaronder de uitspraak die vandaag, in kort
geding, is gedaan door de Voorzieningenrechter in Den Haag. Een aantal Nederlanders
woonachtig in het buitenland heeft dit kort geding aangespannen met als doel dat de
termijn om te stemmen wordt verlengd. De rechter heeft de vordering afgewezen.
De Kieswet bepaalt dwingend dat de (brief)stem die wordt uitgebracht door een kiezer
die in het buitenland woont door het briefstembureau moet zijn ontvangen op 15 maart
2017 om uiterlijk 15.00 uur lokale tijd. De wet biedt dus geen mogelijkheden om hiervan
af te wijken. De gemeente Den Haag is verantwoordelijk1 voor zowel de registratie van de kiezers die vanuit het buitenland willen stemmen
als voor de verzending van de stembescheiden aan deze kiezers.
De afgelopen weken zijn van verschillende kanten nog andere voorstellen gedaan om
af te wijken van hetgeen nu in de wet is geregeld voor het stemmen vanuit het buitenland.
Zo is bijvoorbeeld bepleit dat de kiezer zijn briefstem in een willekeurige enveloppe
op de post zou moeten kunnen doen. De regelgeving (Kies- en Referendumregeling) is
op dit punt evenwel helder. De briefstem moet in de oranje enveloppe zitten die door
de gemeente Den Haag aan de kiezer wordt toegezonden. Er is gekozen voor een enveloppe
in een opvallende kleur om te voorkomen dat de briefstem terecht komt tussen andere
post en daarom niet op tijd opgemerkt wordt. De oranje enveloppe valt nu op bij alle
post die bij de gemeente Den Haag binnenkomt en wordt onmiddellijk apart gelegd voor
het briefstembureau.
De Nederlanders die vanuit het buitenland willen stemmen hebben zich kunnen registreren
in de periode van 15 september 2016 tot 1 februari 2017. In totaal hebben zich ca.
80.000 kiezers2 geregistreerd. Bij eerdere verkiezingen van de leden van de Tweede Kamer hebben zich
gemiddeld ca. 50.000 kiezers geregistreerd. Het animo om te stemmen bij de komende
verkiezing is dus duidelijk toegenomen.
De Raad van State heeft op 13 februari jl. uitspraak gedaan in de beroepszaken tegen
het besluit van de Kiesraad van 3 februari jl., over de geldigheid van de ingediende
kandidatenlijsten, de handhaving van de daarop voorkomende kandidaten en de lijstnummering.
Pas op 13 februari jl. kon het definitieve stembiljet en het overzicht van kandidaten
worden opgemaakt dat de kiezers moeten hebben om te kunnen stemmen. Zo snel als dat
voor de gemeente Den Haag mogelijk was, is de eerste batch stembescheiden verzonden
aan de kiezers die (bij registratie) hebben aangegeven het stembiljet per post te
willen ontvangen. Dat is gebeurd op 21 februari jl. Aan de kiezers die ervoor hebben
gekozen het stembiljet per mail te ontvangen is het stembiljet al op 14 februari jl.
verzonden. Aan deze groep kiezers heeft de gemeente Den Haag reeds vanaf 10 januari
jl. (in meerdere batches) de overige stembescheiden verzonden.
Inmiddels zijn bij het briefstembureau3 van de gemeente Den Haag reeds meer dan 38.000 briefstemmen ontvangen.
Ondanks alle inspanningen is niet uit te sluiten, dat komt bij elke verkiezing voor,
dat de stembescheiden niet of te laat bij de kiezers aankomen waardoor de kiezer niet
(op tijd) kan stemmen. De postbezorging is helaas niet in elk land even goed geregeld.
Mijn beleid is er daarom steeds op gericht geweest om waar mogelijk de procedures
voor de kiezers te verbeteren. Sinds 2013 kan op basis van de Tijdelijke experimentenregeling
centrale stemopneming en nieuwe stembiljetten het stembiljet per e-mail worden verzonden.
Dat levert een grote tijdwinst op.
Om niettemin problemen voortaan te voorkomen of te verminderen hebben vorig jaar de
Tweede en de Eerste Kamer ingestemd met een wijziging van de Kieswet waardoor bij
volgende verkiezingen de Nederlanders in het buitenland zich niet meer voor elke verkiezing
hoeven te registreren.
De komende verkiezing van de leden van de Tweede Kamer wordt, zoals gebruikelijk,
geëvalueerd. Ik zal in die evaluatie de signalen meenemen die zijn ontvangen van Nederlanders
in het buitenland en ook kijken naar de suggesties die zijn gedaan voor verdere verbetering.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk