Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201831016 nr. 107

31 016 Ziekenhuiszorg

Nr. 107 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR MEDISCHE ZORG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 april 2018

Met mijn brief van 28 november 2017 1 heb ik u de « Monitor Zorggerelateerde schade 2015/2016 ziekenhuizen» van het NIVEL/EMGO+ instituut, hierna NIVEL, en mijn reactie daarop toegezonden. In deze brief heb ik aangekondigd de vier betrokken brancheorganisaties 2 van de ziekenhuizen, de medisch specialisten en de verpleegkundigen aan tafel te zullen uitnodigen en hen om gezamenlijke en concrete voorstellen te vragen voor een programmatische aanpak om de potentieel vermijdbare schade en sterfte te reduceren.

Met deze brief informeer ik u over de uitkomst van mijn overleg met de brancheorganisaties. Er hebben twee overleggen plaatsgevonden met bestuurders van de vier brancheorganisaties te weten op 19 februari en op 5 april jongstleden. De betrokken Hoofdinspecteur van de IGJ i.o., hierna inspectie, heeft deelgenomen aan het overleg van 5 april jl.

In deze gesprekken hebben zowel de inspectie als ik aangedrongen op maatregelen, gericht op een significante verbetering in het voorkomen van potentieel vermijdbare schade en sterfte. De vier bestuurders hebben uitgesproken dat zij, hun organisaties en hun achterbannen, zich verantwoordelijk voelen voor een significante daling van de potentieel vermijdbare sterfte in de ziekenhuizen in de komende vier jaar. Zij hebben daarbij tevens aangetekend dat zorgvuldigheid een belangrijke voorwaarde is voor een succesvolle gezamenlijke aanpak, wil die aanpak ertoe leiden dat de gestelde ambitie ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Centraal in deze aanpak staat een nieuwe kijk op patiëntveiligheid. Dat sluit aan bij een belangrijke conclusie van het NIVEL-rapport dat de patiëntveiligheid substantieel kan verbeteren door – naast klinisch inhoudelijke onderwerpen – te focussen op de (veiligheids)cultuur in de organisatie. Rond de datum van 1 oktober 2018 wordt een uitgewerkt plan van aanpak gepresenteerd.

Tijdens het overleg is ook afgesproken dat partijen hun ambitie en voornemens vastleggen in een brief aan de Minister van MZS. In deze brief, die ik als bijlage meestuur3, wordt het bovenstaande nader toegelicht.

Reactie

Ik ben verheugd dat het dringende appèl van de inspectie en mijzelf op ziekenhuisbesturen, zorgverleners en hun landelijke organisaties gehoor heeft gevonden en dat zij zich gezamenlijk committeren aan een significante verbetering in het voorkomen van potentieel vermijdbare sterfte. Ik neem dat commitment zeer serieus.

Op de inhoud constateer ik verder dat de lijnen waarlangs partijen aan de slag gaan volledig aansluiten bij de uitkomsten en de aanbevelingen van het NIVEL-rapport:

  • Pijler 1: Verbeterpunten uitvoeren uit het patiëntveiligheidsprogramma 2008–2012 en het NIVEL rapport over 2015 en 2016. Hier blijkt nog de nodige winst te behalen in veiligheid en daarmee ook in geld. Uit het NIVEL rapport blijkt bovendien dat continue focus nodig blijft op de systematische toepassing in de dagelijkse praktijk en in de werkprocessen van zaken waarvan bewezen is dat het de veiligheid bevordert. De aandacht moet niet verslappen.

  • Pijler 2 en 3: Het ontwikkelen van een nieuwe, volgende stap op het gebied van patiëntveiligheid. De brief noemt diverse voorbeelden zoals een werkcultuur waarin continu leren en verbeteren centraal staat, de ontwikkeling van Safety 2 en het inzetten van veiligheidsergonomie.

De inspectie onderschrijft dat een proactieve veiligheidscultuur zal bijdragen aan een verdere verbetering van de kwaliteit van zorg en bevordert dat al langer actief. Ik ben bereid om de huidige monitor naar vermijdbare sterfte in de ziekenhuizen voort te zetten. Dat heb ik reeds eind 2017 aangekondigd. Het NIVEL zal ik vragen om in de voorstellen ten aanzien van inhoud, reikwijdte, specifieke onderzoeksvragen en mogelijke verdiepingsstudies van de monitor waar mogelijk aan te sluiten bij de aanpak van partijen en de uitwerking die dat nog krijgt in het plan van aanpak.

Partijen kondigen aan dat zij rond 1 oktober 2018 gezamenlijk komen met een concrete, gestructureerde en effectieve aanpak. Ik vind het jammer dat het plan van aanpak pas een jaar na publicatie van genoemd NIVEL-rapport beschikbaar komt en dat daarmee de implementatie pas dit najaar kan starten. Omdat de verbeteringen in de praktijk moeten gebeuren en ik mij realiseer dat ziekenhuizen en zorgverleners voor aanzienlijke uitdagingen staan, vind ik dat het in principe aan partijen is om te bepalen wat ervoor nodig is en op welke termijn zij het plan van aanpak kunnen presenteren. Cultuurverandering vraagt om draagvlak en een lange adem. Wel wil ik regie houden op het proces. Ik zal de voortgang monitoren en ik doe een dringend beroep op partijen om het plan van aanpak zoveel eerder als mogelijk, maar niet later dan 1 oktober aanstaande te presenteren. Partijen denken over het inrichten van een taskforce die de komende 4 jaar verantwoordelijk is voor de uitwerking en de doelstellingen van het nog te ontwikkelen plan van aanpak.

In de brief van partijen lees ik dat de uitvoering van het plan van aanpak door de taskforce op dit moment in totaal op € 30 mln. wordt geschat (looptijd van 4 jaar). Ik constateer dat de brief nog geen nadere uitwerking bevat van de opzet van de taskforce noch van de onderbouwing van de geschatte kosten. Ook is nog geen invulling gegeven aan financiering van deze mogelijke kosten.

Het gaat hier vooralsnog om een substantieel bedrag dat zo nodig binnen het beschikbare MSZ kader zal moeten worden gevonden. Ik adviseer partijen om bij de uitwerking van het plan van aanpak de onderbouwing van verwachte kosten, de wijze waarop invulling gegeven kan worden aan een eventuele inzet van deze middelen alsmede voorstellen ter dekking mee te nemen. Ik zal u in oktober het plan van aanpak van partijen voor vermindering van potentieel vermijdbare sterfte in de ziekenhuizen toezenden.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins


X Noot
1

Kamerstuk 31 016, nr. 104.

X Noot
2

De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ), de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU), de Federatie van Medisch Specialisten (FMS) en de Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN).

X Noot
3

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl