30 935
Subsidiariteitstoets van het voorstel voor een richtlijn van de Raad inzake de inventarisatie van Europese kritieke infrastructuur, de aanmerking van infrastructuur als Europese kritieke infrastructuur en de beoordeling van de noodzaak de bescherming van dergelijke infrastructuur te verbeteren (COM(2006) 787 definitief)

J
nr. 7
BRIEF VAN DE TIJDELIJKE COMMISSIE SUBSIDIARITEITSTOETS

Aan:

De voorzitter van de commissie voor de JBZ-Raad van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 september 2007

Bijgaand treft u aan de brief d.d. 17 juli 2007 die de vice-voorzitter van de Europese Commissie, mevrouw M. Wallström, heeft gezonden aan de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer1. De brief is een reactie op de brief van de voorzitters van beide Kamers der Staten-Generaal d.d. 5 april 20072 inzake de parlementaire subsidiariteitstoets van het voorstel van de Europese Commissie voor een Richtlijn van de Raad inzake de inventarisatie van Europese kritieke infrastructuur en de beoordeling van de noodzaak de bescherming van dergelijke infrastructuur te verbeteren (COM(2006) 787 definitief).

Uit de reactie van de Europese Commissie op de door de Kamers naar voren gebrachte subsidiariteitsbezwaren mag worden afgeleid dat het richtlijnvoorstel onverminderd op de Brusselse onderhandelingstafel ligt.

Het is nu aan de Raad (en in het bijzonder de Nederlandse regering) om hierover een besluit te nemen. Het ligt daarom voor de hand om in het vervolg van het besluitvormingstraject in nauw overleg met de Nederlandse regering te treden. Om die reden breng ik de brief graag onder uw aandacht.

Ik vertrouw erop u voldoende te hebben geïnformeerd.

De voorzitter van de tijdelijke commissie subsidiariteitstoets,

J. J. van Dijk


XNoot
1

Kamerstukken I/II, 2006–2007, 30 935, I en nr. 6.

XNoot
2

Kamerstukken I/II, 2006–2007, 30 935, H en nr. 5.

Naar boven