B
nr. 2
ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT
Hieronder zijn opgenomen het advies van de Raad van State d.d. 1 september
2006 en het nader rapport d.d. 18 september 2006, aangeboden aan de Koningin
door de minister van Buitenlandse Zaken. Het advies van de Raad van State
is cursief afgedrukt.
Bij Kabinetsmissive van 25 juli 2006, no. 06.002691, heeft Uwe Majesteit,
op voordracht van de Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de Staatssecretaris
van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Raad van State van het Koninkrijk
ter overweging aanhangig gemaakt het Internationaal verdrag ter bestrijding
van dopinggebruik bij sport, met bijlagen; Parijs, 19 oktober 2005, met
toelichtende nota.
Het Internationaal Verdrag tegen doping in de sport1 (hierna: het Verdrag) beoogt het bevorderen van het voorkomen en bestrijden
van doping in de sport, met het oog op de uitbanning ervan2. De toelichtende nota geeft de Raad van State van het Koninkrijk aanleiding
tot de volgende opmerking.
Blijkens de mededeling van de Directeur van Uw kabinet van 25 juli
2006, no. 06.002691, machtigde Uwe Majesteit de Raad van State van het Koninkrijk
zijn advies inzake het bovenvermelde verdrag rechtstreeks aan mij te doen
toekomen. Dit advies, gedateerd 1 september 2006, nr. W13.06.0330/III/K,
bied ik U hierbij aan.
1. Koninkrijkspositie
Uit de toelichtende nota3 blijkt dat de regering
van de Nederlandse Antillen te kennen heeft gegeven dat vooralsnog medegelding
niet wenselijk wordt geacht gezien de vele verplichtingen die uit het verdrag
voortvloeien.
Dit wekt bevreemding omdat op andere plaatsen in de toelichting wordt
gesteld dat er een gering aantal verplichtingen is, waaraan voldaan moet worden4 dan wel dat het Verdrag weinig harde verplichtingen kent5.
Het is de Raad niet duidelijk of, gelet op de tweede en derde alinea van
de toelichtende nota, onder het opschrift «Verdrag», dit voor
de Nederlandse Antillen en Aruba in dezelfde mate geldt.
De Regering van Aruba beraadt zich nog over medegelding van het Verdrag.
De toelichting motiveert dit niet.
Indien beide regeringen geen medegelding vragen zal dit gevolgen kunnen
hebben voor het houden van sportevenementen op de eilanden, voor de bestrijding
van doping in de sport en voor de gezondheid van de deelnemers daaraan.
De Raad adviseert in de toelichtende nota gemotiveerd uiteen te zetten
waarom medegelding niet wenselijk wordt geoordeeld.
1. Met betrekking tot de koninkrijkspositie kan er op gewezen worden dat
de opmerkingen over het geringe aantal nieuwe verplichtingen betrekking hebben
op Nederland. In Nederland is het verdrag van de Raad van Europa ter bestrijding
van doping immers geïmplementeerd. Voor de Nederlandse Antillen geldt
dit niet. De toelichtende nota is terzake aangevuld.
2. Voor redactionele kanttekeningen verwijst de Raad naar de bij
het advies behorende bijlage.
2. Aan de redactionele kanttekeningen van de Raad is gevolg gegeven.
De Raad van State van het Koninkrijk geeft U in overweging goed te vinden
dat bedoeld Verdrag wordt overgelegd aan de beide kamers der Staten-Generaal,
aan de Staten van de Nederlandse Antillen en aan die van Aruba, nadat aan
het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken.
De Vice-President van de Raad van State van het Koninkrijk,
H. D. Tjeenk Willink
Ik moge U mede namens de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn
en Sport, verzoeken mij te machtigen gevolg te geven aan mijn voornemen het
verdrag vergezeld van de gewijzigde toelichtende nota ter stilzwijgende goedkeuring
over te leggen aan de Eerste en aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal en
tevens over te leggen aan de Staten van Aruba.
De Minister van Buitenlandse Zaken
B. R. Bot
Bijlage bij het advies van de Raad van State van het Koninkrijk betreffende
no. W13.06.0330/III/K met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging
geeft.
– De toelichting op artikel 8 actualiseren en verwijzen naar de
artikelen 18, eerste lid, 39, tweede lid, 40, eerste en tweede lid, 61, eerste
lid, en 62 van het wetsvoorstel Geneesmiddelenwet (kamerstukken 29 359).
– De toelichting bij artikel 11 aanvullen met de vindplaatsen van
de daar bedoelde regelingen, waaronder de Stipendiumregeling.
– De passage in de toelichting over de fusie van NeCeDo en DoCoNed
actualiseren in verband met de oprichting van de stichting Anti-Doping Autoriteit
Nederland1 met ingang van 23 juni 2006.