30 651
Subsidieregeling Praktijkgerichtlerenprijs

A
nr. 2
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitters van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 december 2006

Ter griffie van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen op 21 december 2006.

De wens dat het in de maatregel of regeling geregelde onderwerp bij de wet wordt geregeld kan door of namens een van beide Kamers te kennen worden gegeven uiterlijk op 18 januari 2007.

Ter voldoening aan artikel 3, derde lid, van de Wet overige OCenW-subsidies bied ik u, de «Wijziging van de Subsidieregeling praktijkgerichtlerenprijs» aan.1

De «Subsidieregeling praktijkgerichtlerenprijs» is u op 14 juli 2006 (Kamerstuk 30 651, nr. 1) aangeboden. Deze regeling is er op gericht, dat scholen die al een praktijkgerichte leeromgeving voor één of meer vbo-sectoren hebben, via de website andere scholen daarover informeren, zodat die van hun ervaring gebruik kunnen maken. De beste voorbeelden komen in aanmerking voor een prijs.

Bij de uitvoering van de regeling blijkt dat er behoefte bestaat aan een wijziging. De betreffende wijziging van de regeling wordt u hierbij voorgelegd. Het aantal bezoekende scholen maar ook het aantal beoordelingen op de website is sterk achter gebleven bij de verwachtingen. Consequentie is dat met de huidige criteria van de regeling (te) weinig aanvragen voor een tegemoetkoming kunnen worden gehonoreerd en wellicht ook de Praktijkgerichtlerenprijs in het gedrang komt. Ik stel voor de criteria van de regeling te wijzigen. De voorwaarde van beoordeling door andere scholen voor de tegemoetkoming vervalt geheel omdat alle inzendingen van voldoende kwaliteit zijn. De voorwaarde van beoordeling door tenminste 10 scholen voor de Praktijkgerichtlerenprijs wordt verlaagd naar tenminste 2 scholen en de uiterste datum waarop de scholen op de website moeten zijn bezocht en beoordeeld, wordt verschoven van 16 januari 2007 naar 15 februari 2007. Hierdoor ontstaat meer tijd voor bezoekende scholen om een beoordeling uit te brengen.

Eenzelfde brief heb ik heden toegestuurd aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten Generaal.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M. J. A. van der Hoeven


XNoot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.

Naar boven