Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 juli 2013
Hierbij bieden wij u, onder verwijzing naar de beleidsnotitie internationale migratie
en ontwikkeling van 2008, de voortgangsrapportage aan over 20121.
Bij het Algemeen Overleg van 12 december jl. (Kamerstuk 30 573, nr. 113) waar wij met uw Kamer de beleidsreactie op de externe evaluatie van het beleidsthema
«migratie en ontwikkeling» bespraken is een aantal toezeggingen gedaan.
De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking heeft toegezegd
de mogelijkheid te onderzoeken voor een nieuwe pilot circulaire migratie gericht op
tijdelijke tewerkstelling in Nederland van arbeidskrachten uit ontwikkelingslanden.
Uw Kamer is over de uitkomsten schriftelijk geïnformeerd bij de beantwoording van
Kamervragen naar aanleiding van de nota «Wat de wereld verdient». 2 In het licht van de verslechterde situatie op de Nederlandse arbeidsmarkt en het
potentieel aan beschikbare arbeidskrachten uit andere EU-Lidstaten, wordt op dit moment
onvoldoende mogelijkheid gezien om invulling te geven aan een dergelijke pilot.
Voorts heeft de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking toegezegd
dat het gesprek met de bankensector zal worden aangegaan over de kosten van geldovermakingen.
Er is sindsdien veelvuldig contact geweest met de Nederlandse Vereniging van Banken.
Van die zijde is aangegeven dat er een onderzoek naar geldovermakingen zal worden
uitgevoerd. Het onderzoek zal inzicht geven in hoe vaak migranten geld overmaken,
de hoogte van bedragen die zij overmaken, van welke kanalen zij gebruik maken en of
de kosten van invloed zijn op hun keuze. Deze informatie is nodig om banken te overtuigen
van de noodzaak en de voor hen te behalen voordelen. De verwachting is dat dit onderzoek
in 2013 zal zijn afgerond. De onderzoeksresultaten worden vervolgens met de Nederlandse
Vereniging van Banken besproken, waarna wij uw Kamer zullen informeren. Overigens
is er volgens de Wereldbank een dalende lijn in de kosten en voor grotere bedragen
(vanaf 345 EUR) zijn banken vaak goedkoper dan transactiekantoren en liggen de percentages
soms zelfs onder de 5%.3
Ook hebben wij toegezegd om u te informeren over de stand van zaken aangaande de samenwerking
met Ghana op het punt van gedwongen terugkeer van niet toegelaten migranten alsmede
de OS-programma’s waarop gekort wordt en de eventuele vervolgstappen. De Ghanese autoriteiten
bleken, ondanks herhaaldelijk overleg op ambtelijk en politiek niveau over de medewerking
aan terugkeer, onvoldoende in staat om zelfs in de meest evidente gevallen over te
gaan tot het tijdig verstrekken van een vervangend reisdocument. Als gevolg hiervan
heeft toenmalig staatssecretaris Knapen op 28 september 2012 uw Kamer geïnformeerd
over het korten van de OS-hulp aan Ghana. De Ghanese autoriteiten is uitgelegd dat
op basis van het meerjarenplan 2012–2015 een coöperatievere opstelling mocht worden
verwacht. Het totale budget voor die periode bedroeg 170 miljoen euro, waarop 10 miljoen
euro werd gekort. Die korting is al voor een deel gerealiseerd door middel van een
reductie op het gezondheidsprogramma dat via de Ghanese overheid loopt. Gedurende
de afgelopen maanden is weliswaar een lichte verbetering opgetreden in de medewerking
van Ghana aan gedwongen terugkeer, maar deze is vooralsnog niet voldoende om ervan
uit te kunnen gaan dat zij structureel is.
Tijdens het algemeen overleg van 29 februari 2012 heeft de toenmalige minister voor
Immigratie, Integratie en Asiel toegezegd dat de Stuurgroep Vrijwillige Terugkeer
terugkoppeling zou geven over de ervaringen met de combinatieregeling, te weten het
aanbod van financiële hulp en ondersteuning in natura voor vrijwillig terugkerende
ex-asielzoekers. In deze voortgangsrapportage over 2012 wordt hierop ingegaan.
Uw Kamer is naar aanleiding van vragen bij het Jaarverslag en de Slotwet 2012 geïnformeerd
over de optopping van het budget voor migratie en ontwikkeling in 2012 met € 4,3 miljoen
tot € 13,3 miljoen4 in verband met extra uitgaven voor terugkeer van ex-asielzoekers, alsmede voor opvang
in de regio van vluchtelingen. Een toelichting is ook te vinden in de bijgevoegde
voortgangsrapportage.
De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,
E.M.J. Ploumen
De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
F. Teeven