Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201430523 nr. 81

30 523 Bepalingen met betrekking tot de veilige vaart op de binnenwateren (Binnenvaartwet)

Nr. 81 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 november 2013

Hierbij treft u ter informatie een brief aan gericht aan de vice-voorzitter van de Europese Commissie Siim Kallas in verband met de economische situatie in de binnenvaart in Nederland1. Deze beoogt ondersteuning te geven aan de brief van de Belgische staatssecretaris Wathelet van Mobiliteit en Transport d.d. 23 oktober 2013, eveneens gericht aan de vice-voorzitter van de Europese Commissie.

De brief van de staatssecretaris Wathelet bevat geen formeel verzoek aan de Commissie om de crisis in de binnenvaart uit te roepen zoals bepaald in artikel 7 van Richtlijn 96/75, op basis waarvan capaciteitsmaatregelen getroffen kunnen worden.

Afgelopen juli is reeds uit het door de Commissie geïnitieerde overleg met de binnenvaart- en verladersorganisaties op Europees niveau gebleken dat het draagvlak ontbreekt voor het treffen van maatregelen gericht op capaciteitsreductie. In het overleg in juni jl. van mijn ministerie met de Nederlandse binnenvaartorganisaties bleek eveneens geen overeenstemming tussen partijen over het treffen van capaciteitsmaatregelen. Vanuit dit overleg op nationaal niveau heb ik derhalve geen gedragen voorstellen kunnen inbrengen in het overleg op Europees verband.

De brief van de Belgische staatssecretaris is voor mij aanleiding geweest om een brief van gelijke strekking aan de Europese Commissie te sturen. In mijn brief aan de EC is ook aangegeven welke maatregelen nu – mede in reactie op voorstellen van Nederland – op Europees niveau besproken worden:

  • versterking van de marktobservatie op Europees niveau;

  • heroverweging van de overgangsbepalingen voor de technische regelgeving van de CCR voor de Rijn;

  • Europese ondersteuning van vergroening van de binnenvaartvloot;

  • stimulering van samenwerking van binnenvaartondernemingen.

Het Europese actieprogramma voor de binnenvaart Naiades II biedt naar mijn oordeel een geschikt kader voor de uitwerking en realisatie van maatregelen.

Daarnaast zal de Commissie op basis van de nieuwe CEF- en TEN-verordeningen (2014–2020) in infrastructuur, innovatie, vergroening en logistiek voor onder meer vaarwegen en binnenhavens blijven investeren. Dit zal op langere termijn bijdragen aan de versterking van het goederenvervoer over binnenwateren.

Voor de aanpak van de bestaande overcapaciteit van grote schepen in het segment droge lading in Nederland betekent bovenstaande dat maatregelen zoals tijdelijk opleggen alleen onderdeel kunnen zijn van private afspraken tussen binnenvaartondernemingen en banken, uiteraard binnen de kaders van de mededingingsregels. Ik blijf bereid om in samenwerking met de banken te verkennen of nog andere mogelijkheden beschikbaar zijn. Begin 2014 zal ik uw Kamer hierover nader informeren.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer