Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum brief
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-200830429 nr. 11

30 429
Wijziging van de Kernenergiewet (beperking geldingsduur vergunningen, beïnvloeden keuze van opwerking, financiële zekerheidstelling en vereenvoudiging van het bevoegd gezag)

nr. 11 Herdruk1
BRIEF VAN DE MINISTERS VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER EN VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 11 september 2008

Op verzoek van het lid Jansen van 10 september 2008 om een reactie op het bericht in het Financieel Dagblad van dezelfde datum dat Delta de aanvraagprocedure voor een vergunning voor een nieuwe kerncentrale start, berichten we U als volgt.

De vraag of de in het Financieel Dagblad geschetste ontwikkeling gevolgen heeft voor het voorliggende wetsvoorstel tot wijziging van de Kernenergiewet, kan ontkennend worden beantwoord.

Wat betreft de behandeling van het wetsvoorstel heeft het kabinet bij de beantwoording van de Kamervragen van de leden Zijlstra en Neppérus (beiden VVD) over kernenergie2 aangegeven dat het zich kan voorstellen dat de Kamer de behandeling na uitkomst van het Energierapport voortzet. Dit Energierapport gaat over de vraag hoe we zorgen voor een betrouwbare, betaalbare en schone energieverzorging op de korte en lange termijn. Aangekondigd is dat tijdens deze kabinetsperiode drie scenario’s voor de mogelijke inzet van kernenergie worden uitgewerkt, inclusief transparante en consistente randvoorwaarden, zodat een volgend kabinet op een verantwoorde wijze een besluit kan nemen over de brandstofmix. Tevens neemt dit kabinet een reeks «no-regret» maatregelen om toekomstige besluitvorming niet te bemoeilijken. In dit kader van «no-regret» maatregelen beziet het kabinet of wijziging van het voorliggende wetsvoorstel3 momenteel nodig of wenselijk is. Binnenkort zult U daar nader over worden geïnformeerd. Uitgangspunt blijft dat tijdens deze kabinetsperiode geen nieuwe kerncentrale wordt gebouwd.

De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

J. M. Cramer

De minister van Economische Zaken,

M. J. A. van der Hoeven


XNoot
1

Eerder abusievelijk gedrukt onder kamerstuk 30 429, nr. 12 wat hiermee komt te vervallen.

XNoot
2

Tweede Kamer, vergaderjaar 2007–2008, 1389, 19 februari 2008.

XNoot
3

Tweede Kamer, vergaderjaar 2006–2007, nr. 30 429.