Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202030252 nr. 25

30 252 Toekomstvisie agrarische sector

Nr. 25 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 17 januari 2020

Hierbij bied ik uw Kamer het rapport «De Nederlandse agrarische sector in internationaal verband» aan1. Wageningen Economic Research (WEcR) publiceert in samenwerking met het CBS, in opdracht van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de Nederlandse handelscijfers van agrarische goederen over 2019.

In deze brief ga ik kort in op de belangrijkste conclusies uit het rapport.

Nederlandse handel in agrarische producten2

Volgens de ramingen van de WEcR en het CBS exporteerde Nederland in 2019 voor 94,5 miljard euro aan bewerkte en onbewerkte landbouwgoederen. Dat is 4,6% meer dan in 2018 (90,4 miljard euro). De exportgroei komt met name door een stijging van de exportprijzen van 3,2 procentpunt (circa 70% aandeel) en in mindere mate door een volumegroei van 1,4 procentpunt (circa 30% aandeel). Naar schatting bestond 72,5% van de totale Nederlandse agrarische export uit goederen van Nederlandse makelij. Het overige deel (27,5%) betrof wederuitvoer van in het buitenland geproduceerde goederen die al dan niet na lichte bewerking, zoals verpakking, weer zijn doorgevoerd naar het buitenland.

De landbouwimport groeit naar schatting met 3,7% ten opzichte van 2018 en komt daarmee uit op 64,1 miljard euro in 2019, ook een nieuw record. Het landbouwoverschot komt daarmee uit op 30,4 miljard euro in 2019.

Naast de 94,5 miljard euro aan landbouwgoederen, exporteerde Nederland in 2019 ook voor een waarde van 9,9 miljard euro aan zogenaamde landbouwgerelateerde goederen, zoals landbouwmachines, machines voor de voedingsmiddelenindustrie, kasmaterialen, kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen. Ten opzichte van het jaar 2018 is dat een groei van 8 procent, daarmee groeit de export in landbouwgerelateerde goederen harder dan de export van landbouwgoederen.

De belangrijkste bestemmingen van de landbouwexport blijven de landen rondom Nederland. Duitsland, België, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk zijn samen goed voor 54% van de totale Nederlandse landbouwexport. Het totale EU-aandeel in de Nederlandse export bedraagt 76%. De grootste absolute toename in de Nederlandse landbouwexport in 2019 komt ook voor rekening van buurland Duitsland (+ 878 miljoen euro). China volgt als tweede (+ 538 miljoen euro), met een procentuele toename van 22% in een jaar tijd, voornamelijk als gevolg van de grote groei in varkensvlees en babymelkpoeder.

De Nederlandse exportcijfers zijn in lijn met internationale statistieken van de Verenigde Naties. De VN publiceert, met een jaar vertraging, de mondiale ranglijst van landbouwexporteurs in haar COMTRADE-database.

Uit de publicatie blijkt dat de primaire landbouwsector in de ruim 20 jaar sinds 1995 erin is geslaagd om de groei van de productie gepaard te laten met gaan met een aanzienlijke verduurzaming: de milieu, energie, en grondstoffenproductiviteit is voor bijna alle indicatoren verbeterd. Dat betekent nog niet dat deze verbetering de garantie afgeeft dat natuurlijke assets, bodem, water, lucht, natuur en milieukwaliteit overal op het gewenste niveau zijn gekomen. De publicatie maakt daarom ook inzichtelijk hoe duurzaamheid een rol speelt in de diverse agro-ketens.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.J. Schouten


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

WEcR en CBS baseren de agrarische handelscijfers op de werkelijke exportcijfers van de eerste tien maanden van 2019 en een raming van de laatste twee maanden van 2019.