Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201930234 nr. 217

30 234 Toekomstig sportbeleid

Nr. 217 MOTIE VAN HET LID DE PATER-POSTMA C.S.

Voorgesteld 18 juni 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat uit onderzoek van de Taskforce Brabant Zeeland blijkt dat bij zeker vijf van de onderzochte twaalf amateurvoetbalclubs vermoedens bestaan dat criminelen er een voet tussen de deur proberen te krijgen;

overwegende dat er vermoedens bestaan dat deze clubs te maken hebben met dubieuze sponsors die talentvolle spelers met tonnen aan zwart geld binnenhalen, infiltratie van criminele trainers en spelers, en drugshandel in de kantine;

overwegende dat het onduidelijk is of deze vijf clubs hiermee het topje van de ijsberg vormen of uitzonderlijke gevallen zijn;

van mening dat vrijwilligers die zich bij de sportverenigingen inzetten gesteund moeten worden in het herkennen en tegengaan van criminele inmenging;

verzoekt de regering, een breder onderzoek naar de aard en omvang van criminele inmenging in de amateursport in Nederland uit te voeren;

verzoekt de regering daarnaast kennis over het tegengaan van criminele inmenging te verspreiden onder amateursportverenigingen, bijvoorbeeld via de lokale en regionale sportakkoorden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De Pater-Postma

Diertens

Rudmer Heerema