nr. 4
VERSLAG
Vastgesteld 3 oktober 2005
De vaste commissie voor Verkeer en Waterstaat1,
belast met het voorbereidend onderzoek, brengt als volgt verslag uit van haar
bevindingen omtrent dit wetsvoorstel. Onder het voorbehoud dat de regering
de in dit verslag opgenomen vragen en opmerkingen afdoende beantwoordt, acht
de commissie de openbare behandeling voldoende voorbereid.
Algemeen
De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van
de voorgestelde wijziging van de Wet personenvervoer 2000 (Wp 2000) en kunnen
deze wijziging ook steunen. Wel dringen de leden van de VVD-fractie aan op
een spoedig indienen van de aanvullende wetswijziging met betrekking tot de
aanbestedingsverplichtingen van de diverse GVB's.
De leden van de SP-fractie hebben met interesse kennis genomen van de
wijziging van Wp 2000. Aangezien Wp 2000 niet op steun van de SP kan rekenen,
zijn aanpassingen hierin vaak welkom. Het verlengen van de concessieduur,
de latere inwerkingtreding van de aanbestedingsverplichting en de ontheffingsmogelijkheden
van deze verplichting worden door de leden van de SP-fractie gesteund. Op
2 punten hebben deze leden nog wel bedenkingen.
De leden van de fractie van de ChristenUnie hebben met belangstelling
kennis genomen van het voorliggende wetsvoorstel. Zij kunnen het voorstel
op hoofdlijnen onderschrijven. Zij willen de regering enkele vragen voorleggen
over de inhoud, onder andere over de voorgestelde reciprociteitsbepaling.
Deze leden verzoeken de regering aan te geven welke andere voorstellen
tot wijziging van de Wp 2000 op korte termijn nog meer zijn te verwachten.
In dit verband informeren zij naar de beoogde aanpassing van de personeelsparagraaf
en van artikel 61, waarvan melding wordt gemaakt in de brief van 27 september.
Europese uitgangspunten
De leden van de fractie van de ChristenUnie informeren naar de stand van
zaken met betrekking tot de nieuwe verordening betreffende het openbaar vervoer
per spoor en over de weg. Welke gevolgen zou de tekst van het huidige concept
hebben voor ons nationale beleid? Wil de minister de Kamer informeren over
haar standpunt terzake in Brussel?
Aanbestedingsverplichting
De leden van de SP-fractie verwonderen zich erover dat de aanbestedingsverplichting
in deze wetswijziging staat. Aangezien er veel discussie mogelijk is over
de kwalitatieve gevolgen van openbaar aanbesteden is een aanbestedingsverplichting
voorbarig en mogelijk zelfs onterecht. Bovendien doet een aanbestedingsverplichting
geen recht aan het uitgangspunt van decentralisatie aangezien door de verplichting
decentrale overheden aanzienlijk minder mogelijkheden hebben. De leden van
de SP-fractie verzoeken de minister dan ook om deze verplichting uit de wet
te halen.
De leden van de fractie van de ChristenUnie hebben er kennis van genomen
dat het in beginsel de bedoeling is dat een ontheffing
van de aanbestedingsverplichting tijdelijk wordt verleend (pag. 9 memorie
van toelichting). Moet uit de toevoeging van de woorden «in beginsel»
worden afgeleid dat de ontheffing ook permanent kan worden verleend? Kan dit
nader worden toegelicht?
Reciprociteit
De leden van de SP-fractie merken op dat over de eerlijke concurrentie
ook veel te zeggen valt. Nederland lijkt met haar strenge beleid zichzelf
in een nadelige concurrentiepositie te zetten. Europa moet de invulling van
haar uitgangspunten nog bepalen, maar Nederland doekt ondertussen haar nationale
vervoerders al op. Door de reciprociteitbepaling die nu in het voorliggende
wetsvoorstel staat, zal het aantal nationale vervoersbedrijven nog verder
verminderen. Dit is een ongewenst gevolg van deze wet. De leden van de SP-fractie
verzoeken de minister dan ook om ook nationale bedrijven met een gesloten
thuismarkt mee te laten dingen naar een concessie, op voorwaarde dat er duidelijke
schotten zitten tussen de verschillende markten waarop het bedrijf actief
is. Op die manier wordt de nadelige concurrentiepositie van de Nederlandse
bedrijven hopelijk opgeheven.
Door de voorgestelde reciprociteitsbepaling moet worden voorkomen dat
GVB'en die opereren in een beschermde markt meedoen aan aanbestedingen
in andere concessiegebieden. De leden van de fractie van de ChristenUnie juichen
het toe dat de regering op deze wijze streeft naar een eerlijke marktwerking.
Zij informeren of de regering kan garanderen dat met de voorgestelde formulering
situaties als met HTM en Novio onmogelijk worden gemaakt. Of is een nadere
aanpassing van artikel 61, zoals aangekondigd in de brief van de minister
van 27 september, daartoe een noodzakelijke aanvulling?
Tot slot zeggen de leden van de SP-fractie niet te snappen waarom de minister
als nieuwe beleidskader voor de Wp 2000 de Nota Mobiliteit gaat hanteren,
terwijl deze nota nog niet door de Kamer is vastgesteld. Deze leden verzoeken
de minister dan ook om te handelen naar de uitgangspunten zoals verwoord in
het Structuurschema Verkeer en Vervoer (SVV-2).
De leden van de fractie van de ChristenUnie vragen of er – aanvullend
op de brief van 27 september – nieuwe ontwikkelingen zijn te melden
naar aanleiding van de gesprekken die de minister heeft gehad met Stadsgewest
Haaglanden, HTM, het KAN, Nijmegen en Novio.
De voorzitter van de commissie,
Atsma
De griffier van de commissie,
Roovers
XNoot
1Samenstelling: Leden: Duivesteijn (PvdA), Dijksma (PvdA), Hofstra (VVD),
Ondervoorzitter, Atsma (CDA), Voorzitter, Van Gent (GL), Timmermans (PvdA),
Van Bommel (SP), Van der Staaij (SGP), Depla (PvdA), Van As (LPF), Mastwijk
(CDA), Duyvendak (GL), Koopmans (CDA), Gerkens (SP), Bruls (CDA), Van Lith
(CDA), Van der Ham (D66), Haverkamp (CDA), Boelhouwer (PvdA), De Krom (VVD),
Verdaas (PvdA), Hermans (LPF), Dezentjé Hamming-Bluemink (VVD), Van
Hijum (CDA), Roefs (PvdA), Van der Sande (VVD) en Lenards (VVD).
Plv. leden: Heemskerk (PvdA), Samsom (PvdA), Snijder-Hazelhoff (VVD),
Hessels (CDA), Vos (GL), Smeets (PvdA), Vacature (algemeen), Slob (CU), Waalkens
(PvdA), Herben (LPF), Van Winsen (CDA), Halsema (GL), Jager (CDA), Vergeer
(SP), Ten Hoopen (CDA), Van Haersma Buma (CDA), Bakker (D66), De Pater-van
der Meer (CDA), Van Dam (PvdA), Van Beek (VVD), Dubbelboer (PvdA), Van den
Brink (LPF), Luchtenveld (VVD), Buijs (CDA), Van Dijken (PvdA), Szabó
(VVD) en Aptroot (VVD).