Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 30175 nr. AC |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 30175 nr. AC |
Vastgesteld 3 februari 2026
De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening1 heeft nader schriftelijk overleg gevoerd met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat – Openbaar Vervoer en Milieu over straling en geo-engineering. Bijgaand brengt de commissie hiervan verslag uit. Dit verslag bestaat uit:
• De uitgaande brief van 9 december 2025.
• De antwoordbrief van 3 februari 2026.
De griffier van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Dragstra
Aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat – Openbaar Vervoer en Milieu
Den Haag, 9 december 2025
De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft met belangstelling kennisgenomen van de brief van uw ambtsvoorganger van 7 april 20252 waarin eerder gestelde vragen worden beantwoord over de veertiende rapportage over de voortgang van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) 2023. Deze brief is aanvankelijk voor kennisgeving aangenomen, maar recent opnieuw op de agenda gekomen. De leden van de fractie van FVD hebben namelijk op 25 november van de commissie gelegenheid gekregen om nadere vragen te stellen over cumulatie van straling en geo-engineering die de thematiek raken van – de inmiddels als voldaan aangemerkte – toezegging T03861.3 De leden van de fractie van de BBB sluiten zich bij de gestelde vragen aan.
De leden van de fractie van FVD verwijzen naar het antwoord van de regering op de eerder door de leden van de fractie van de BBB gestelde vraag 2:
«De regering heeft kennisgenomen van de door de BBB-fractie aangehaalde bevindingen over de effecten van elektromagnetische velden (EMV) op de gezondheid van mens en dier, met speciale aandacht voor oxidatieve stress en DNA-schade. De wetenschappelijke literatuur erkent dat er een significant aantal studies is dat aantoont dat blootstelling aan door de mens gemaakte elektromagnetische velden verband houdt met biologische effecten, zoals oxidatieve stress, die op zijn beurt zou kunnen leiden tot cel- en DNA-schade. Het is belangrijk om op te merken dat er aanzienlijke variaties en inconsistenties bestaan in de onderzoeksresultaten, afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het onderzoek, zoals blootstellingsduur, intensiteit van de straling en de biologische systemen die worden bestudeerd. Sommige studies benadrukken de noodzaak van verdere evaluatie en wijzen op hiaten in ons begrip van hoe niet-thermische effecten van EMV de gezondheid mogelijk kunnen beïnvloeden. Wat betreft de door de BBB-fractie aangehaalde Schumannresonantie, hebben wetenschappers opgemerkt dat de mogelijke interacties tussen door de mens gemaakte elektromagnetische velden en natuurlijke elektromagnetische velden, zoals de Schumannreso nantie, nog onvoldoende zijn onderzocht.»4
De leden van de fractie van FVD merken op dat de regering in bovenstaand antwoord toegeeft dat:
– «een significant aantal studies aantoont dat .... zou kunnen leiden tot cel- en DNA-schade»;
– «er aanzienlijke variaties en inconsistenties bestaan in de onderzoeksresultaten, afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het onderzoek, zoals blootstellingsduur, intensiteit van de straling en de biologische systemen die worden bestudeerd»;
– «de noodzaak van verdere evaluatie» (...) «op hiaten in ons begrip van hoe niet-thermische effecten van EMV de gezondheid mogelijk kunnen beïnvloeden», en
– «de mogelijke interacties tussen door de mens gemaakte elektromagnetische velden en natuurlijke elektromagnetische velden, zoals de Schumannresonantie, nog onvoldoende zijn onderzocht».
Is de regering het met de leden van de fractie van FVD eens dat – gelet op bovenstaande eerder gegeven antwoorden – het risico op al dan niet ernstige schade door (cumulatie van) van elektromagnetische velden (EMV) voor de gezondheid van mensen en dieren niet kan worden uitgesloten, dan wel bestaat?
En indien dit het geval is, waarom is de regering alsnog bereid om:
– ondanks een overweldigende hoeveelheid wetenschappelijke publicaties die duidden op causaliteit tussen EMV en (een risico op) gezondheidsschade;
– ondanks omissies en hiaten in het onderliggende wetenschappelijk onderzoek naar verband(en) tussen EMV en gezondheidsschade, en
– vanwege de erkenning dat er meer onderzoek nodig is naar de relatie tussen (cumulatie van) EMV en gezondheidsrisico’s,
de verdere uitrol van het EMV-netwerk ongestoord door te laten gaan, terwijl er dus sprake kan zijn van ernstige gevolgen voor de volksgezondheid of dat deze tenminste niet kunnen worden uitgesloten?
Is de regering het met de leden van de fractie van FVD eens dat zij – door de uitrol van het EMV-netwerk te faciliteren – verantwoordelijkheid draagt voor de (mogelijke) gezondheidsschade, nu die – gezien de antwoorden van de regering zelf – niet kunnen worden uitgesloten?
Is de regering ermee bekend dat juist veel antenne-installaties en zendmasten in de nabijheid van of naast scholen, speelplaatsen en sportvelden zijn geplaatst?
Kan de regering aangeven of zij zelf door middel van publiekscampagnes of door middel van het verplichten van de zendgemachtigden/operators, die eigenaar zijn van de zendinstallaties, het publiek – zoals bijvoorbeeld de ouders van de kinderen die in de EMV (vrijwel) dagelijks sporten of op school aanwezig zijn – gewezen heeft op de (mogelijke risico’s voor) gezondheidsschade?
Zo nee, waarom niet?
Is de regering voornemens om door middel van een publiekscampagne de risico’s van gezondheidsschade ten gevolge van (cumulatie van) EMV onder de aandacht van het publiek te brengen?
Zo nee, waarom niet?
De leden van de fractie van FVD wijzen erop dat de overheid voor wat betreft de mogelijke risico’s voor de volksgezondheid door (cumulatie van) EMV een verantwoordelijkheid draagt.
Is de regering het met deze leden eens dat de overheid zich niet kan verschuilen achter ingewikkelde technische en verouderde normen (van de International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIP)) van proefmetingen, die veelal niet gebaseerd zijn op werkelijke ervaringscijfers en onderzoeken, terwijl het zeer aannemelijk is dat EMV tot ernstige gezondheidsschade kan leiden?
In een van de eerder door de leden van de fractie van de BBB gestelde vragen (E)5 werd de regering gewezen op de aanwezigheid van een landelijk netwerk van reeds uitgevoerde metingen door (ervaren en deskundige) particuliere experts – de zogenaamde EMFkaart.nl6 – volgens gevalideerde protocollen en met gecertificeerde apparatuur. De regering antwoordde dat zij met het bestaan van dit meetnetwerk bekend was, maar dat zij zich – voor wat betreft haar informatievoorziening – beperkte tot de officiële instanties.7 Ook bleek uit de antwoorden van de regering dat de officiële instanties veel minder frequent en op veel minder plaatsen daadwerkelijk metingen uitvoeren dat het genoemde EMF kaart-netwerk.
De leden van de fractie van FVD wijzen erop dat het EMF-kaart-netwerk vaak en op veel plaatsen overschrijdingen van de toegestane stralingsnormen meet.
Is de regering bereid om – dit wetende – in contact te treden met de experts van het EMF-kaart-netwerk om hun resultaten mede te betrekken in de beeldvorming en de afwegingen met betrekking tot de (verdere) uitrol van het EMF-netwerk in Nederland en/of de afwegingen met betrekking tot gezondheidsrisico’s? Zo nee, waarom niet?
In het geval de regering persisteert in het niet benutten van de meetgegevens van en door de experts van het EMF-kaart-netwerk, kan zij dan expliciet en wetenschappelijk overtuigend onderbouwd aangeven op welke gronden zij deze waardevolle informatie uitsluit en bereid is om het risico op (ernstige) schade voor de volksgezondheid te nemen? Is de regering dan – ten minste – bereid om met deze experts in gesprek te gaan? Zo nee, waarom niet?
De leden van de fractie van FVD verwijzen naar eerder door de leden van de fractie van de BBB gestelde vragen over geo-engineering / chemtrails.8 De regering stelde dat hier in Nederland geen sprake van is. Kan de regering aangeven welke bronnen zij heeft geraadpleegd om tot deze uitspraak te komen?
De enkele bewering dat hier in Nederland geen sprake van is, dient volgens de leden van de fractie van FVD te worden gestaafd door brongegevens, onderzoeken of (geverifieerde) data. Kan de regering aangeven of zij deze data van de luchtvaartmaatschappijen heeft ontvangen en of deze juist, volledig en overtuigend waren? Kan de regering aangeven of er een overtuigende dataset voorhanden is op grond waarvan deze conclusie kan worden gerechtvaardigd? Zo ja, kan de regering deze dataset vrijgeven?
De leden van de fractie van de BBB stelden eerder ook vragen naar de reactie van de Nederlandse regering op de hoorzittingen in diverse Amerikaanse staten waar onder ede betrokkenen (piloten, artsen) gehoord worden over dit onderwerp.9 In verschillende Amerikaanse staten heeft dit inmiddels geleid tot een verbod op chemtrails of het in de atmosfeer brengen van stoffen.
De leden van de fractie van FVD constateren dat deze vragen nooit zijn beantwoord.
Kan de regering deze vragen alsnog beantwoorden, waarbij door de leden van de fractie van FVD wordt verwezen naar eerder gemelde vragen van de leden van de fractie van de BBB over dit onderwerp, die specifiek verwezen naar de situatie in de Verenigde Staten.
Kan de regering reageren op de situatie in de Verenigde Staten – inmiddels zijn er meer staten in de Verenigde Staten waar een verbod geldt – en aangeven waarom er in Europa geen sprake zou zijn van vergelijkbare praktijken? Wordt dit daadwerkelijk gemeten? Zo ja, kan de regering inzage geven in deze meetgegevens? Zo nee, waarom niet?
Kan de regering aangeven op welke gronden zij tot de stellige overtuiging komt dat er van dergelijke of vergelijkbare activiteiten in ons luchtruim geen sprake zou zijn?
De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening ziet met belangstelling uit naar uw reactie en ontvangt deze graag binnen vier weken na dagtekening van deze brief.
De voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, R. Lievense
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 februari 2026
Op 9 december 2025 zijn nieuwe vragen ontvangen van de FVD- en BBB-fracties naar aanleiding van de beantwoording van vragen van de BBB-fractie gesteld in een schriftelijk en nader schriftelijk overleg (Kamerstukken I, 2024–2025, 30 175, AA en AB), en de toezegging met nr. T03861.
Deze aanvullende vragen hebben betrekking op twee onderwerpen: niet-ioniserende straling in de vorm van elektromagnetische velden (EMV) en zogeheten «geo-engineering». Hieronder wordt op beide onderwerpen afzonderlijk ingegaan. Voor onderwerpen waarover reeds uitvoerig is geantwoord, wordt volstaan met een verwijzing naar de eerdere beantwoording; de beantwoording hieronder richt zich uitsluitend op verduidelijkingen en recente aanvullingen.
Meerdere vragen over elektromagnetische velden
Zoals in de hierboven aangehaalde stukken al is aangegeven, bestaat er op basis van het huidige wetenschappelijke bewijs en de adviezen van de Gezondheidsraad geen aanleiding om de uitrol van vijfde generatie mobiele communicatienetwerken (5G) uit te stellen. De blootstelling aan elektromagnetische velden blijft binnen de door de International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) gestelde veiligheidsnormen, die een ruime veiligheidsmarge bevatten en rekening houden met kwetsbare groepen. Het huidige beleid is gebaseerd op adviezen en rapporten waarin duizenden peer-reviewed wetenschappelijke onderzoeken zijn betrokken, zoals ook is toegelicht in de beantwoording van vragen 2 en 3 in het nader schriftelijk overleg van 7 april 2025.
In aanvulling op de antwoorden die eerder gegeven zijn, kan gemeld worden dat recent door het Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Gezondheid10 een duiding en overzicht van reviews voor de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) over radiofrequente velden en gezondheid is gepubliceerd. Zie hiertoe de website van het kennisplatform: https://www.kennisplatform.nl/who-systematische-reviews-over-radiofrequente-velden/.
De conclusies hiervan geven, net als bovengenoemde adviezen en rapporten, op dit moment geen aanleiding om de uitrol van 5G-netwerken uit te stellen. Evenmin zijn er redenen om de teksten over verschillende gezondheidseffecten van radiofrequente elektromagnetische velden op de website van het Kennisplatform aan te passen.
Vragen over meetresultaten en kennis EMF-kaart netwerk
Er worden door de leden vragen gesteld over de metingen die worden uitgevoerd door bijdragers aan de EMF-kaart (Electromagnetic Fields-kaart). Gerefereerd wordt aan meetresultaten van de EMF-kaart.
Zoals aangegeven in de antwoorden op vraag 5d in de nadere beantwoording van 7 april 2025 is de regering bekend met burgers die zelf metingen uitvoeren. De regering gaat echter altijd uit van de metingen die door de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) worden verricht. De specialisten van de RDI voeren deze EMV-metingen uit.
De RDI voert jaarlijks ten minste 400 metingen uit naar het elektromagnetisch veld, op uiteenlopende locaties in Nederland. Daarbij maakt de RDI gebruik van meetapparatuur die overeenkomstig de geldende normen wordt onderhouden en gekalibreerd. Uit deze metingen blijkt dat de gemeten vermogensdichtheden in Nederland onder de geldende blootstellingslimieten blijven. Indien sprake zou zijn van een overschrijding van deze limieten, neemt de RDI passende maatregelen.
In de gestelde vraag wordt verwezen naar normen en metingen, zonder dat wordt gespecificeerd welke normen worden bedoeld. Het kabinet gaat uit van de door de ICNIRP vastgestelde blootstellingslimieten. Een nadere toelichting hierop is opgenomen in het antwoord op vraag 5d in de nadere beantwoording van 7 april 2025.
Zoals uit het bovenstaande volgt, wordt het beleid omtrent blootstellingslimieten gebaseerd op de huidige stand van de wetenschap en de adviezen van (inter)nationale organisaties met expertise op dit gebied. Het kabinet staat altijd open voor verschillende zienswijzen bij het opstellen van beleid. Als de makers van EMF-kaart in gesprek wensen te treden, staat die weg open.
Vraag over de plaatsing van antennes
Voor wat betreft de vraag: «Is de regering ermee bekend dat juist veel antenne-installaties en zendmasten in de nabijheid van of naast scholen, speelplaatsen en sportvelden zijn geplaatst?», kan het volgende opgemerkt worden.
Antennes staan idealiter op een plaats die optimaal is voor de radiodekking en capaciteit. Dat kan ook nabij scholen, speelplaatsen en sportvelden zijn. Er gelden blootstellingslimieten voor de elektromagnetische velden opgewekt door antenne-installaties. Niemand mag worden blootgesteld aan elektromagnetische velden hoger dan de blootstellingslimieten, ongeacht of dat op een school, sportveld of, bijvoorbeeld, in een woonruimte in de nabijheid van een antenne-installatie is.
Geo-engineering
De leden vragen naar bewijs dat geo-engineering niet plaatsvindt in Nederland.
Zoals in de eerdere beantwoording al gemeld, is geen sprake van inzet van luchtvaartuigen voor verspreiding van stoffen, door de leden als «chemtrails» aangeduid.
De term «chemtrails» wordt gebruikt voor de veronderstelling dat condensstrepen achter vliegtuigen het gevolg zouden zijn van een moedwillige verspreiding van specifieke stoffen, anders dan de reguliere uitstoot van luchtvaartemissies. Voor de veronderstelling in de vragen bestaat geen enkele onderbouwing.
Er zijn daarom geen verdere gegevens om te verstrekken.
Dat in bepaalde Amerikaanse staten het staatsbestuur verboden voor deze praktijken zou hebben uitgevaardigd neemt de regering voor kennisgeving aan.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat – Openbaar Vervoer en Milieu, A.A. Aartsen
Samenstelling:
Van Aelst-Den Uijl (SP), Aerdts (D66), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kaljouw (VVD), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Klip-Martin (VVD), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Langen-Visbeek (BBB), Lievense (BBB) (voorzitter), Van der Linden (VVD), Martens (GroenLinks-PvdA), Van Meenen (D66), Meijer (VVD), Nicolaï (PvdD), Prins (CDA), Rietkerk (CDA) (ondervoorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp), Van Wijk (BBB)
Samenstelling:
Van Aelst-Den Uijl (SP), Aerdts (D66), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kaljouw (VVD), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Klip-Martin (VVD), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Langen-Visbeek (BBB), Lievense (BBB) (voorzitter), Van der Linden (VVD), Martens (GroenLinks-PvdA), Van Meenen (D66), Meijer (VVD), Nicolaï (PvdD), Prins (CDA), Rietkerk (CDA) (ondervoorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp), Van Wijk (BBB)
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-30175-AC.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.