Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201830079 nr. 74

30 079 VMBO

Nr. 74 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR BASIS- EN VOORTGEZET ONDERWIJS EN MEDIA

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 juni 2018

Afgelopen vrijdag informeerde ik uw Kamer over ernstige onregelmatigheden in de schoolexamens van de leerlingen van VMBO Maastricht (Kamerstuk 30 079, nr. 73). Dit nieuws heeft begrijpelijkerwijs heel veel losgemaakt bij de leerlingen en hun ouders. Ik heb gisteren met de leerlingen Guusje, Lorenzo, Robin, Shalina en Romy gesproken en hun verhalen hebben me geraakt. Elke leerling moet ervan op aan kunnen dat het onderwijs dat zij of hij krijgt van goede kwaliteit is en dat de organisatie rondom de schoolexamens op orde is. Dat is hier niet het geval geweest en dat heeft voor hen en hun medeleerlingen grote gevolgen.

De afgelopen dagen is er enorm veel werk verzet door alle betrokkenen – de Inspectie van het Onderwijs (hierna: inspectie), het College voor Toetsen en Examens (hierna: CvTE), de net aangestelde externe examencommissie en de leraren van de scholen zelf. Het gezamenlijke doel is zoveel mogelijk leerlingen alsnog te begeleiden naar een diploma. Hierbij streven we ernaar dat zo min mogelijk leerlingen een jaar over hoeven te doen en willen we tegelijkertijd recht doen aan de waarde van het diploma.

Op basis van wat er vrijdag bekend was, waren we genoodzaakt om aan de noodrem te trekken en aan te kondigen dat de inspecteur-generaal van het Onderwijs de centraal examens ongeldig zou moeten verklaren. De bijeenkomst die dezelfde avond in Maastricht is gehouden voor de ouders en leerlingen heeft op alle aanwezigen – waaronder de inspecteur-generaal van het Onderwijs en de directeur van het CvTE – diepe indruk gemaakt.

Op basis van de constateringen van de inspectie over de schoolexamens, de zorgen over de centraal examens en de naderende diploma-uitreiking, deden we deze aankondiging. Inmiddels hebben de inspectie en het CvTE onderzoek kunnen doen naar de school- en centraal examens van alle leerlingen van VMBO Maastricht. Daaruit komt het beeld naar voren dat er veel hiaten zitten in de schoolexamens (voor zover nu bekend gaat het om enkele duizenden ontbrekende cijfers), maar dat dit bij de centraal examens niet het geval is. Op basis van deze uitkomsten en in het belang van de leerlingen, maak ik – op advies van de inspectie – gebruik van mijn discretionaire bevoegdheid.1 De cijfers voor de centraal examens blijven staan. Met dit besluit zijn we er helaas nog niet. Het beeld rond de schoolexamens is ernstig. De leerlingen zullen de gemiste stof moeten inhalen.

Deze brief laat in de eerste plaats zien wat dit voor leerlingen precies inhoudt en gaat vervolgens in op verdere relevante ontwikkelingen.

De leerlingen van VMBO Maastricht

Stand van zaken schoolexamens

Alle 354 eindexamenkandidaten zijn gedupeerd door het handelen van de scholen. Inmiddels heeft de inspectie – op basis van de gegevens van de scholen – op een rij gezet welke onderdelen van het schoolexamen (zoals voorgeschreven door het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) van de school) onjuist of onvolledig zijn afgerond. Per vak is door de inspectie bepaald of het schoolexamen van de leerlingen is afgerond. Aan het eind van deze dag heeft de inspectie voor iedere leerling in beeld wat de individuele tekortkomingen in de schoolexamens zijn.

De afgelopen dagen is hier en daar het beeld opgeroepen dat er enkel sprake was van administratieve onvolkomenheden. Ik heb me gestoord aan deze suggestie en hecht eraan dit beeld recht te zetten. De leerlingen missen helaas wezenlijke onderdelen van de leerstof en hebben veelal grote achterstanden opgelopen. De leerstof van een examenvak wordt namelijk deels in het schoolexamen en deels in het centraal examen geëxamineerd. In de examenprogramma’s en de uitwerking daarvan in de syllabi wordt per vak de verdeling van de leerstof over het school- en het centraal examen beschreven.2 In het schoolexamen komen onderdelen van het examenprogramma aan de orde, die niet terugkomen in het centraal examen. Dat zijn dus andere onderwerpen dan die in het centraal examen worden geëxamineerd.

Zo worden bijvoorbeeld bij Nederlands in het schoolexamen de volgende onderdelen getoetst: oriëntatie op leren en werken, basisvaardigheden, spreek- en gespreksvaardigheden en fictie. In het centraal examen worden leervaardigheden, luister-, lees- en schrijfvaardigheden getoetst. Voor wiskunde gaat het bij het schoolexamen onder meer om: informatieverwerking en statistiek. Het centraal examen toetst leervaardigheden, algebraïsche verbanden, rekenen en meetkunde.

De inspectie constateert op basis van haar onderzoek naar de PTA’s van de school, het gemaakte werk van de leerlingen en gesprekken met leraren het volgende:

  • Tot op heden zijn bij alle leerlingen tekortkomingen in het SE geconstateerd.

  • De omvang van de tekorten verschilt sterk tussen leerlingen, klassen en vakken.

  • De grootste problemen zijn op beide scholen geconstateerd bij leerlingen in de gemengde leerweg.

  • De vakken met de meeste problemen zijn Engels en wiskunde, zowel qua aantallen gemiste SE-toetsen als qua aantal leerlingen dat een of meerdere toetsen mist.

  • Voor de praktijkvakken geldt dat sterk uiteenloopt tussen de verschillende afdelingen hoeveel onderdelen er missen.

  • Een aantal tekorten is vermoedelijk moeilijk in te lopen in de zomervakantie, door de aard (stage, LOB-verplichtingen) of omvang van de tekorten.

Het onderzoek van de inspectie bevestigt dat de situatie ernstig is en grote gevolgen heeft voor de leerlingen.

Stand van zaken centraal examens

Het is duidelijk dat veel is misgegaan bij de schoolexamens op VMBO Maastricht. Om te kunnen beoordelen of de centraal examens op de juiste manier zijn gecorrigeerd, heeft het CvTE gisteren op mijn verzoek onderzoek gedaan naar de centraal examens. Via een steekproef hebben leden van de staatsexamencommissie gecontroleerd of het door de leerlingen gemaakte werk goed is nagekeken. Het CvTE heeft gisteravond gerapporteerd dat de resultaten van de centraal examens handhaafbaar zijn. Ik ben het CvTE en de inspectie erkentelijk voor hun werk.

Besluiten

Gelet op het ambtsbericht van de inspectie en de bevindingen van het CvTE over de centraal examens en in het belang van de leerlingen, heb ik – zoals aan het begin van deze brief al aangegeven – besloten dat de cijfers voor de centraal examens worden gehandhaafd. Leerlingen hoeven dus niet opnieuw centraal examen af te leggen. Wel is het nodig dat zij de gemiste onderdelen uit het schoolexamen inhalen. Pas als de schoolexamens met goed gevolg zijn afgerond, kunnen de leerlingen een diploma ontvangen.

Om te realiseren dat de leerlingen alsnog in de gelegenheid worden gesteld hun schoolexamens opnieuw af te leggen, zal moeten worden afgeweken van het Eindexamenbesluit VO (artikel 32). Dit artikel bepaalt dat de schoolexamens moeten zijn afgerond voor het centraal examen. Ik zal hiertoe – op advies van de inspectie – gebruikmaken van mijn discretionaire bevoegdheid (de hardheidsclausule), zodat deze groep leerlingen alsnog in de gelegenheid wordt gesteld hun schoolexamens op een later moment af te ronden.

Vervolgstappen

Voor mij staat alles nu in het teken van de leerlingen, zoals ik u ook de afgelopen dagen steeds heb gemeld. Zij moeten schoolwerk inhalen en het is cruciaal dat dit op ordentelijke wijze gebeurt. De leerlingen en ouders moeten er op kunnen vertrouwen dat de schoolexamens van goede kwaliteit zijn en op een juiste manier worden afgenomen.

Daarom zijn op mijn verzoek de leden van de examencommissie uit hun functie ontheven en is een externe examencommissie samengesteld. De externe examencommissie – bestaande uit gezaghebbende deskundigen buiten het schoolbestuur – is gisteren gestart met de opdracht de regie voor de examinering te voeren. Cito is gevraagd vervangende schoolexamens te maken. Ik zet hieronder de formele stappen uiteen en ga in op het vervolg voor de leerlingen.

De inspectie rondt vandaag het onderzoek op de school af en stelt op basis van het uitgevoerde onderzoek vast dat voor meerdere vakken schoolexamens niet zijn afgerond. Dit wordt beoordeeld aan de hand van het PTA van de school. Hierover wordt een rapportage gestuurd aan de school en aan de externe examencommissie. In deze rapportage maakt de inspectie de ontbrekende onderdelen inzichtelijk, zowel op vakniveau als leerlingniveau. De externe examencommissie maakt op basis van het onderzoek van de inspectie de vertaalslag van de ontbrekende onderdelen per leerling naar welke leerstof op basis van de eindtermen alsnog moet worden afgesloten, zodat de leerling voldoet aan de vereisten per vak. Op basis hiervan stelt de externe examencommissie een bijgesteld PTA vast.

Vervolgens geeft de inspectie een herstelopdracht aan de school waarin staat dat de schoolexamens alsnog moeten worden afgerond.3 De school dient ervoor zorg te dragen dat deze tekortkomingen worden hersteld. Mocht het bevoegd gezag niet aan deze opdracht voldoen, dan kan de inspectie bekostigingssancties opleggen.

Op grond van de hardheidsclausule stel ik een nieuwe termijn vast waarbinnen het SE alsnog moet worden afgerond. Dit is een beslissing van de Minister, gericht aan het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag moet de leerlingen en de externe examencommissie hierover informeren.

De externe examencommissie trekt namens de directeur op basis van de bevindingen van de inspectie de door de directeur vastgestelde beoordeling van het schoolexamen in. De uitgereikte cijferlijst en de vastgestelde uitslag hebben daarmee geen grondslag meer en er kan geen einduitslag worden bepaald. Indien de leerling het schoolexamen alsnog afrondt, wordt alsnog een uitslag bepaald en kan een diploma worden uitgereikt.

De externe examencommissie maakt op basis van de bevindingen van de inspectie per leerling inzichtelijk wat de inhoudelijke gebreken per vak zijn die gerepareerd moeten worden.

De externe examencommissie is verder verantwoordelijk voor de door Cito gemaakte schoolexamens, de formele vaststelling van de beoordeling van de schoolexamens en het vaststellen van de uitslagen. De inspectie monitort het werk van de examencommissie.

Op mijn verzoek heeft de examencommissie Cito gevraagd om – op basis van de eindtermen – centraal schoolexamens te ontwikkelen die de gemiste onderdelen toetsen. Cito neemt daarmee de taak van de school op dit punt over en de examens vinden plaats onder regie van de examencommissie.

Vervolg voor de leerlingen

We hebben de school dringend geadviseerd de leerlingen vandaag individueel te informeren over de inhoud van deze brief en de consequenties die dat voor hen heeft. Vanaf morgen kan de school – op basis van de rapportage van de inspectie – contact opnemen met de leerlingen over de precieze hiaten in hun schoolexamens. Dan is duidelijk wat hun individuele situatie is. Op een later moment worden de leerlingen en hun ouders door de school – op aangeven van de externe examencommissie – geïnformeerd wanneer en op welke manier het gemiste werk wordt getoetst.

De verwachting is dat het voor een deel van de leerlingen mogelijk is het gemiste werk deze zomer in te halen, zodat ze nog deze zomer hun diploma halen. Voor een andere groep zal dit de maanden daarna tijd en inzet vergen. Ook is niet uitgesloten dat bij een deel van de leerlingen de achterstanden zo groot zijn dat een jaar overdoen onvermijdelijk is. De school beziet samen met de leerling en ouders wat haalbaar is. Voor de leerlingen die – mede op basis van hun centraal examens – de uitslag hebben ontvangen dat ze zijn gezakt, bestaat ook de mogelijkheid de tekortkomingen in het schoolexamen te herstellen, zodat ze alsnog hun diploma kunnen halen. Dat zal niet voor elke leerling haalbaar zijn.

De uitgangspunten voor het inhaalwerk zijn:

  • Elke leerling krijgt advies van de school – in samenspraak met de externe examencommissie – over de haalbaarheid van hun programma. Ik verwacht daarbij van de school dat zij de leerlingen zo goed mogelijk ondersteunt en voorbereidt op het te maken werk. We weten bijvoorbeeld dat zomerscholen hierbij effectief zijn. We hebben de school dan ook dringend aangeraden dit in te zetten.

  • De afgelopen dagen hebben verschillende leraren zich gemeld met een aanbod van hulp. Ik ben daarvoor heel dankbaar. We zullen deze aanbiedingen zoveel mogelijk doorgeleiden naar de school en de externe examencommissie.

  • Alleen de op basis van de eindtermen noodzakelijke leerstof (vastgesteld door de externe examencommissie en vastgelegd in het bijgestelde PTA) wordt getoetst.

  • De onderdelen die nog moeten worden getoetst, worden zoveel als mogelijk gecombineerd, zodat het aantal toetsmomenten voor de leerling te overzien is.

Ik heb in overleg met de inspectie en het CvTE besloten dat de cijfers voor de centraal examens geldig blijven tot 1 januari 2019. Dit geeft leerlingen die veel moeten inhalen, een redelijke termijn om dit te doen. We bekijken – samen met het mbo in de regio – hoe we het voor leerlingen mogelijk maken om alvast te beginnen aan hun vervolgopleiding en ondertussen te werken aan het behalen van hun vmbo-diploma. Dat vergt wellicht aanpassingen in de regelgeving. Dit mag geen belemmering zijn om ervoor te zorgen dat deze leerlingen op een goede manier kunnen starten met hun vervolgonderwijs.

Schoolbestuur en stelsel

Ik heb de raad van toezicht van LVO gevraagd kritisch te kijken naar het optreden van het bestuur. Ze hebben me laten weten dat de portefeuillehouder onderwijs in de raad van toezicht is teruggetreden. Ook het lid van de raad van bestuur dat verantwoordelijk was voor onderwijs is teruggetreden uit haar bestuurlijke verantwoordelijkheden. Ik heb de raad van toezicht dringend verzocht nog deze week een interim--bestuurder te benoemen die in ieder geval de eindverantwoordelijkheid draagt voor de examens.

Zoals gemeld in mijn brief van afgelopen vrijdag (Kamerstuk 30 079, nr. 73), staan de twee scholen onder verscherpt toezicht en onderzoekt de inspectie het bestuurlijk handelen van LVO. De inspecteur-generaal van het Onderwijs heeft aangekondigd dat het handelen van de inspectie bij VMBO Maastricht extern wordt geëvalueerd.

De onderzoeken worden zo snel mogelijk in gang gezet.

Tot slot

De situatie in Maastricht kent alleen maar verliezers. Ik vind het ongelooflijk wat hier is gebeurd en ik betreur het zeer dat de 354 leerlingen zijn getroffen door het onverantwoorde handelen van het bevoegd gezag van de scholen. Met de gekozen maatregelen doen we recht aan ons examenstelsel en de waarde van een diploma, maar beogen we bovenal zoveel mogelijk leerlingen alsnog in staat te stellen hun middelbare schoolperiode af te sluiten met een vmbo-diploma. Daarmee kunnen we het hen aangedane leed niet wegnemen. Dat spijt me zeer. We doen nu het maximale voor de leerlingen wat in de gegeven omstandigheden binnen onze mogelijkheden ligt.

Vanzelfsprekend informeer ik uw Kamer over relevante ontwikkelingen.

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, A. Slob


X Noot
1

Op grond van artikel 60 van het Eindexamenbesluit VO.

X Noot
2

Zie http://wetten.overheid.nl/BWBR0022061/ onder paragraaf 2, voor genoemde voorbeelden in het bijzonder paragraaf 2.1, 2.4 en 2.13.

X Noot
3

De aangetroffen situatie is in strijd met artikel 3, eerste lid, artikel 5 en artikel 31, eerste en tweede lid in samenhang met artikel 32, tweede lid van het Eindexamenbesluit VO.