Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201629984 nr. 639

29 984 Spoor: vervoer- en beheerplan

Nr. 639 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 1 december 2015

Op 15 november jl. heeft de president-commissaris van ProRail B.V. (ProRail) mij geïnformeerd over de uitkomsten van een onderzoek naar de afhandeling van een bouwproject aan het traject Vleuten en het Amsterdam-Rijnkanaal. Tevens heeft hij mij geïnformeerd over de maatregelen die ProRail heeft genomen. Met deze brief wil ik u daarover informeren.

Het bouwproject betrof een spoorverdubbeling tussen Vleuten en het Amsterdam Rijnkanaal. Het project is aanbesteed in 2004 en daarna door een combinatie van bouwbedrijven uitgevoerd. De financiële afhandeling heeft op 20 juli 2009 plaatsgevonden met een vaststellingsovereenkomst.

Dit voorjaar heeft een ProRail-medewerker in een gesprek met de financieel directeur a.i. aangegeven te twijfelen aan de aard en omvang van de financiële verplichtingen die voortvloeiden uit een vaststellingsovereenkomst. Later heeft deze medewerker ook een melding op basis van de Regeling melding vermoeden misstanden gedaan. Naar aanleiding daarvan heeft de raad van commissarissen in april 2015 een opdracht verstrekt om dit te onderzoeken. Op 30 augustus 2015 heeft de president-commissaris mijn ministerie over de melding van de medewerker en het lopende onderzoek geïnformeerd. Op 3 november 2015 heeft Wladimiroff Advocaten het onderzoek afgerond. Naar aanleiding van deze zaak heeft de raad van commissarissen een aantal maatregelen genomen. De brief van de president-commissaris van 26 november jl. met het onderzoeksrapport en een toelichting van de ingezette maatregelen treft u bijgaand aan1.

De belangrijkste conclusies van het onderzoek betreffen het volgende. Over de financiële afhandeling van de werkzaamheden waren gesprekken gaande tussen de bouwers en ProRail. Terwijl deze gesprekken nog niet waren afgerond, heeft ProRail in 2008 twee voorschotbetalingen gedaan voor in totaal € 9 miljoen. Eén van de betrokken bouwbedrijven vroeg daar om teneinde de eigen balanspositie te versterken. De basisovereenkomst bevat geen grondslag voor het uitbetalen van voorschotten. De vaststellingsovereenkomst is pas na betaling van deze voorschotten gesloten. Tevens wordt geconstateerd dat de projectadministratie van dit bouwproject hiaten bevat.

Voorts ontbreken directienotulen of andere stukken waaruit blijkt dat binnen de directie van ProRail afstemming heeft plaatsgevonden over de voorschotten. Tot slot hebben de checks and balances die horen bij de besluitvorming over voorschotbetalingen en een dergelijke vaststellingsovereenkomst niet goed gefunctioneerd.

De raad van commissarissen heeft naar aanleiding van dit onderzoek besloten dat alle voorstellen voor vaststellingsovereenkomsten voortaan moeten worden voorgelegd aan de directie en moeten worden gemeld aan de raad van commissarissen. Voorts is besloten om het geheel van de integriteit- en compliance bepalingen opnieuw tegen het licht te houden. Tevens heeft de raad een commissie compliance en integriteit ingesteld. De raad van commissarissen beraadt zich over verdere maatregelen.

Ik constateer dat in deze aangelegenheid binnen ProRail niet de zorgvuldigheid is betracht die hoort bij de besteding van publieke middelen. Ik vind deze gang van zaken zorgwekkend en ongewenst voor een organisatie die werkt met publieke middelen.

Het is goed dat de betrokken medewerker deze kwestie heeft gemeld en dat de raad van commissarissen de feiten heeft laten onderzoeken en de nodige maatregelen neemt om dergelijke handelwijzen in de toekomst te voorkomen. Deze maatregelen zijn in aanvulling op het plan van aanpak compliance van ProRail dat mijn voorganger u bij brief van 25 augustus jl. (Kamerstuk 29 984, nr. 612) heeft aangeboden. ProRail zal mij informeren over de voortgang van deze aanpak.

Ik heb de president-commissaris verzocht de president-directeur te belasten met het met voorrang realiseren van een open, transparante en integere cultuur bij ProRail. Tevens heb ik verzocht de aangekondigde doorlichting van het integriteits- en compliancebeleid van ProRail voortvarend uit te voeren en mij in het eerste kwartaal van 2016 te berichten over de uitkomsten.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, S.A.M. Dijksma


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.