29 984 Spoor: vervoer- en beheerplan

Nr. 315 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 oktober 2012

De vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu heeft mij verzocht om – al dan niet vertrouwelijk – een rapport van NS en ProRail te verstrekken dat betrekking zou hebben op de relatie tussen ProRail en NS in de toekomst en dat door een extern bureau zou zijn uitgevoerd.

Ik veronderstel dat de commissie hier doelt op een onderzoek dat de raden van bestuur van NS en ProRail hebben geïnitieerd. NS en ProRail hebben mij recentelijk mondeling over de hoofdlijnen hiervan geïnformeerd. Het onderzoek heeft als doel om te onderzoeken waar knelpunten in de samenwerking zitten die een verdere verbetering van het spoorsysteem in de weg staan. Ze hebben dit traject op eigen initiatief gestart ter voorbereiding op hun gezamenlijke verbeteraanpak. De hoofdlijnen van de conclusie zoals ik die heb vernomen, heb ik weergegeven in mijn brief aan uw Kamer van 7 oktober jl. over de Lange termijn Spooragenda (Kamerstuk 29 984, nr. 313).

NS en ProRail ronden momenteel een rapportage met hun bevindingen af en hebben mij toegezegd mij deze rapportage te doen toekomen. Zo gauw ik deze ontvang, zal ik deze naar uw kamer doorgeleiden.

De minister van Infrastructuur en Milieu, M. H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

Naar boven