29 911 Bestrijding georganiseerde criminaliteit

Nr. 509 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 3 juli 2026

Met deze brief informeer ik uw Kamer over de staat van het taakveld bewaken en beveiligen1. De afgelopen jaren is geïnvesteerd in het vernieuwen en toekomstbestendig maken van het gehele taakveld. Het doel is om flexibel en proactief in te kunnen spelen op de snel veranderende dreiging en alle vraagstukken die op het taakveld afkomen. Het taakveld wordt continu geconfronteerd met planbare én onvoorziene gebeurtenissen. De afgelopen periode laat wederom zien dat een adaptief en innovatief taakveld noodzakelijk is om toekomstbestendig de vele risico’s afdoende te kunnen beheersen. De functionarissen in het taakveld – voor en achter de schermen – hebben daarbij wederom hun professionaliteit en flexibiliteit laten zien.

Ik wil dan ook mijn waardering uitspreken voor het feit dat al deze organisaties zich met een groot verantwoordelijkheidsgevoel inzetten voor onze veiligheid.

In deze brief ga ik in op de afgelopen periode van de transitie naar het stelsel beveiligen van personen en bied ik u de tweede adviesbrief van het Adviesorgaan Stelsel Bewaken en Beveiligen aan, voorzien van mijn reactie daarop.

Terugblik op de transitie

In reactie op het OvV rapport in 2023 en naar aanleiding van eerdere constateringen van de Commissie Bos in 2021 heeft de toenmalige Minister van Justitie en Veiligheid een transitie naar een stelsel beveiligen van personen aangekondigd2. Uw Kamer is periodiek geïnformeerd over de veranderingen en de inspanningen daartoe in de afgelopen jaren. Het taakveld bewaken en beveiligen is met de betrokken stelselpartners onder hoge druk verder geprofessionaliseerd en vervolgens, in het kader van de transitie, fundamenteel anders ingericht. De transitie betrof onder andere het meer centraal stellen van de te beveiligen persoon, een eenduidige inrichting van het gezag, verbeteringen in de informatieorganisaties van de stelselpartners, een dreigingsanalysefunctie (hierna: DAF) en een landelijk coördinatiecentrum van waaruit de politie en de koninklijke marechaussee (KMar) hun specialistische bewakings- en beveiligingstaak vanuit synergie en gelijkwaardigheid organiseren. In het lokaal domein bewaken en beveiligen zijn er stappen gezet om de kwaliteit en uniformiteit van de werkwijzen bij de politie en het openbaar ministerie te waarborgen door middel van het Samenwerkingskader Ketenproces lokaal domein.

In de vorige Kamerbrief over de voortgang van de versterking van het taakveld bewaken en beveiligen en de vernieuwing naar het stelsel beveiligen van personen3 kondigde ik aan dat de tweede helft van 2025 in het teken zou staan van gefaseerde implementatie van de beleidsmatige kaders voor het nieuwe stelsel. Het triageproces, een werkproces voor de opname van nieuwe casussen in het stelsel, is inmiddels ingevoerd. Via dit triageproces zijn enkele tientallen casussen vanuit het Openbaar Ministerie aan de NCTV ter overdracht aangeboden. Het gros van deze casussen heeft betrekking op de dreigingsfenomenen georganiseerde ondermijnende criminaliteit en statelijke dreigingen. Eerder heb ik uw Kamer geïnformeerd dat bewaken en beveiligen ook een stevige psychosociale belasting met zich mee kan brengen voor Te Beschermen Personen. Daarom is de afgelopen periode de aandacht voor dit thema vanuit de NCTV en partners verder uitgebouwd.

Met het oog op de toekomstige werking van de DAF is een pilot uitgevoerd. Deze pilot is parallel aan de bestaande werkwijze uitgevoerd en was in het bijzonder gericht op het verder optimaliseren van het ontwerp en het opbouwen en inrichten van de DAF. Naar verwachting start de DAF medio 2026 gefaseerd met het vervullen van de bedoelde rol in het stelsel beveiligen van personen. Dit proces wordt gestructureerd en nauwgezet gemonitord.

Daarnaast is er hard gewerkt aan een wetsvoorstel met de wetswijzigingen die nodig zijn om de nieuwe uitgangspunten van het taakveld bewaken en beveiligen te expliciteren en formeel te borgen. Dit wetsvoorstel gaat naar verwachting in juli 2026 in consultatie.

Met het bereiken van de mijlpalen en met de implementatie van de beleidskaders in het najaar van 2025 is de beoogde vernieuwing bereikt en is de transitie afgerond. Er staat een stevig fundament voor het nieuwe stelsel Beveiligen van Personen. De nieuwe inrichting en werkwijze zijn geborgd in de herziene Circulaire bewaken en beveiligen4 die ik uw Kamer in februari van dit jaar heb toegezonden. De komende periode staat voor het stelsel in het teken van doorontwikkeling en het gedegen implementeren van uitvoeringsbeleid. Een gedegen implementatie zal de komende periode de nodige aandacht en inspanning vragen. In het najaar van 2026 is voorzien dat de Circulaire opnieuw wordt geactualiseerd om nieuwe aanpassingen, waaronder de formele start van de DAF, te borgen.

Het functioneren van het stelsel wordt gemonitord, ook door de Inspectie Justitie en Veiligheid5. Aan de hand van de uitkomsten van de monitoring worden de operationele kaders verder verfijnd en ingevuld. Daarnaast worden de versterkingen die gedurende de transitie zijn gedaan eenmalig onafhankelijk geëvalueerd. In het kader van de Strategische Evaluatieagenda (SEA) ontvangt uw Kamer in 2027 een periodieke rapportage waarin gereflecteerd wordt op het ingezette beleid en de bereikte resultaten. Uw Kamer zal hierover – uiterlijk vóór Prinsjesdag 2026 – middels de zogenoemde «Harbersbrief» nader worden geïnformeerd.

Het Adviesorgaan Stelsel Bewaken en Beveiligen: informatievergaring en informatiedeling binnen het taakveld Bewaken en Beveiligen

Met deze brief informeer ik uw Kamer tevens over de tweede adviesbrief van het onafhankelijke Adviesorgaan Stelsel Bewaken en Beveiligen. In het kader van de versterking en doorontwikkeling van het stelsel is een onafhankelijk Adviesorgaan Stelsel Bewaken en Beveiligen (hierna: adviesorgaan) ingesteld. In mei 2025 heeft het adviesorgaan zijn eerste advies uitgebracht, dat zag op het thema «zorgplicht»6. Dit advies is een belangrijke toevoeging aan de verdere ontwikkeling en versterking van het taakveld bewaken en beveiligen. Het tweede advies van het adviesorgaan richt zich op de informatievergaring- en deling binnen het taakveld bewaken en beveiligen. De betreffende adviesbrief is als bijlage bij deze Kamerbrief opgenomen. Ik dank het adviesorgaan voor het grondige en zorgvuldige werk.

Voortraject

In de afgelopen jaren is gewerkt aan de verbetering van de informatiepositie binnen het taakveld bewaken en beveiligen. De Commissie Bos heeft nadrukkelijk gewezen op het belang van een stevige informatiepositie binnen het taakveld als randvoorwaarde om effectief te kunnen functioneren en om dreigingen tijdig te kunnen duiden.7 Uw Kamer is daarover eerder geïnformeerd8.

De Commissie Bos9 heeft destijds de aanbeveling gedaan om juridisch onderzoek te laten uitvoeren naar de vraag in hoeverre de wettelijke bevoegdheden voor informatieverzameling in het kader van bewaken en beveiligen, binnen de grenzen van de rechtsstaat, kunnen worden verruimd. In de beleidsmatige voorbereidingen op dit vraagstuk is een internationaal vergelijkend onderzoek uitgevoerd om te bezien op welke wijze de omringende landen de mogelijkheden voor informatievergaring wettelijk hebben ingericht. Dit onderzoek is op 20 maart 2026 aan uw Kamer aangeboden met de verzamelbrief Politie10.

De adviesbrief

Het adviesorgaan herhaalt de constateringen van de Commissie Bos: de politie loopt binnen het taakveld bewaken en beveiligen snel tegen de beperking van haar bevoegdheden aan, waardoor zij niet altijd proactief in staat is om een dreiging te signaleren en duiden. De wettelijke basis voor de uitvoering van de taken van de politie binnen het taakveld bewaken en beveiligen is artikel 3 van de Politiewet 2012. Dit biedt de politie en de KMar mogelijkheden om informatie te verzamelen in het kader van de uitvoering van de politietaak, mits er een niet meer dan geringe inbreuk op de persoonlijke levenssfeer wordt gemaakt. Uit de praktijk blijkt dat door deze begrenzing inmiddels onvoldoende mogelijkheden bestaan om in bepaalde gevallen dreigingen richting personen effectief te kunnen valideren. Tegelijkertijd is de taak tot het waken over de veiligheid van personen in de afgelopen decennia steeds omvangrijker geworden: het aantal te beveiligen personen is de afgelopen jaren toegenomen en de typen dreigingen zijn uiteenlopender. Ook door deze toename in omvang is het gebruik van technologie voor het verbeteren van die informatiepositie van de politie en de KMar – en daarmee ook die van het gezag – erg belangrijk.

Het adviesorgaan beveelt zeer specifieke aanvullende wettelijke bevoegdheden aan. Ik betrek deze aanbevelingen uiteraard bij het vervolgtraject. Daarbij is van belang te benadrukken dat naar aanleiding van de aanbevelingen van de Commissie Bos mijn departement al een traject is gestart om te analyseren welke belemmeringen zich in de praktijk voordoen en waar de behoefte van de praktijk ligt bij het inrichten van een goede informatiepositie. Op basis van deze inventarisatie wordt de komende periode verder bezien of de ruimte binnen de huidige (wettelijke) kaders ten volle wordt benut, of dat aanvullende wettelijke maatregelen nodig zijn.

Het staat voorop dat de politie, de KMar en de gezagen in staat worden gesteld om hun taken zo goed mogelijk uit te voeren. Dit geldt zowel voor de bescherming van personen in het stelsel als in het lokale domein. Bij de uitvoering hiervan dient te allen tijde oog te zijn voor de adequate bescherming van de grondrechten van burgers. Het adviesorgaan doet ook aanbevelingen met het oog op de bescherming van die grondrechten. Die aanbevelingen worden betrokken bij het hierboven beschreven vraagstuk. Er wordt met een open blik gekeken naar een praktisch werkbaar stelsel met een passende invulling van de bescherming van grondrechten en een adequaat systeem van checks and balances.

Momenteel wordt binnen mijn ministerie nader onderzoek verricht naar alle bovengenoemde aspecten en de wijze waarop deze met elkaar in samenhang moeten worden. Ik verwacht uw Kamer in het najaar van 2026 uitsluitsel te geven over de te nemen vervolgstappen.

Doorontwikkeling

Zoals aangegeven, is het taakveld bewaken en beveiligen adaptief ingericht waardoor het kan anticiperen op nieuwe ontwikkelingen. De doorontwikkeling van het taakveld is zowel van belang voor de veiligheid van hen die beschermd moeten worden als voor de veiligheid van de mensen die dit belangrijke werk dagelijks uitvoeren.

Uw Kamer wordt hierover blijvend periodiek geïnformeerd.

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel


X Noot
1

Het taakveld bewaken en beveiligen omvat het stelsel beveiligen van personen, het lokaal domein en het bewaken en beveiligen van objecten en diensten. Dit taakveld werd voorheen aangeduid als het stelsel bewaken en beveiligen en heeft dezelfde reikwijdte. Een uitgebreide beschrijving van zowel het taakveld als het stelsel is opgenomen in de circulaire bewaken en beveiligen van personen, objecten en diensten 2026.

X Noot
2

Kamerstukken II, 2022/23, 29 911, nr. 395

X Noot
3

Kamerstukken II, 2024/25, 29 911, nr. 475

X Noot
4

Kamerstukken II, 2025/26, 29 911, nr. 499

X Noot
5

In de aanstaande en eerder in deze brief genoemde wijziging van de Politiewet 2012 is de toezichthoudende rol van de Inspectie Justitie en Veiligheid op de taakuitvoering van de KMar in het stelsel wettelijk verankerd.

X Noot
6

Kamerstukken II, 2024/25, 29 911, nr. 475

X Noot
7

Adviescommissie toekomstbestendig stelsel bewaken en beveiligen, d.d. oktober 2021

X Noot
8

Kamerstukken II, 2024/25, 29 911, nr. 455 en 2022/23, 29 911, nr. 378

X Noot
9

Adviescommissie toekomstbestendig stelsel bewaken en beveiligen, d.d. oktober 2021

X Noot
10

Kamerstukken II 2025/26 29 628, nr. 1318

Naar boven