Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202029911 nr. 254

29 911 Bestrijding georganiseerde criminaliteit

Nr. 254 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 oktober 2019

Criminele netwerken organiseren zich internationaal, nestelen zich in wijken en buurten en ondermijnen onze legale economie met hun criminele geld. Onze rechtsstaat staat onder druk: excessief geweld bedreigt de dragers van onze democratische instituties (lokale bestuurders, zittende en staande magistratuur, journalisten, agenten, advocaten). Met de recente moord op de advocaat Derk Wiersum is wederom een grens overschreden.

Het huidige kabinet heeft de aanpak van de georganiseerde ondermijnende criminaliteit geïntensiveerd. Er is een stevige impuls gegeven met de 100 miljoen incidenteel geld en de structurele investering in de integrale aanpak in combinatie met de zogenoemde ondermijningswetgeving die bestaat uit meerdere voorstellen.

Het is nu van belang om hierop door te pakken met een breed offensief en de georganiseerde ondermijnende criminaliteit verder terug te dringen. Op landelijk niveau wordt ingezet op een combinatie van repressieve en preventieve maatregelen; oprollen, afpakken en voorkomen. We vergroten de slagkracht in de aanpak van de georganiseerde drugscriminaliteit als we investeren in een integraal landelijk team dat de aanpak van de georganiseerde drugscriminaliteit verder gaat versterken; multidisciplinair, lokaal en regionaal verbonden maar internationaal georiënteerd. We gaan investeren in intelligence, opsporing, vervolging, samenwerking en informatie-uitwisseling om nog beter zicht te krijgen op criminele financiële en logistieke stromen. We zullen investeren in bewaken en beveiligen om te waarborgen dat de mensen die onze rechtsstaat dienen hun beroep kunnen blijven uitoefenen. We werken als departementen en met lokale partijen om onze economie en wijken weerbaar te maken en kwetsbare jongeren te behoeden voor het criminele pad. Tevens zetten we in een ambitieuze beleidsagenda diverse maatregelen uiteen, die bijdragen aan een verdere versterking en een toekomstbestendige aanpak.

Verdere versterking is noodzakelijk; we moeten opkomen voor onze rechtsstaat en de integriteit van onze infrastructuur. Nederland heeft een uitstekend ondernemersklimaat, zowel de financiële (zoals de bankensector) als de logistieke infrastructuur (havens, vliegvelden) is efficiënt en ingericht op een vrije, open samenleving. Dat heeft veel voordelen. De keerzijde hiervan is dat Nederland hiermee ook een aantrekkelijke gelegenheidsstructuur biedt voor de georganiseerde misdaad. Misbruik leidt tot economische schade en tast het goede en integere handelsklimaat aan. Om die reden zullen ook private bedrijven en branches actief bij de aanpak worden betrokken.

In de bijlage bij deze brief1, die tevens de uitvoering omvat van de motie van de leden Pieter Heerma en Dijkhoff van 19 september jl. (Kamerstuk 35 300, nr. 13), schets ik de eerste contouren van het brede offensief dat het kabinet beoogt uit te voeren tegen de georganiseerde ondermijnende criminaliteit. In het voorjaar kom ik met een uitgewerkt plan en de bijbehorende dekking. Tot het uitgewerkte plan er is zullen er geen onomkeerbare stappen gezet worden. De stappen die we nu al gaan zetten, zullen aan de orde komen in de besprekingen van het kabinet over de Najaarsnota. Tevens voldoe ik hiermee aan het verzoek van uw Kamer om een brief over de uitvoering van de motie van de leden Voordewind en Van Dam van 11 september jl. over het tegengaan van normalisering van drugs (Kamerstuk 24 077, nr. 442).

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl