29 836
Extra verlenging van de gemeenschappelijke regelingen die krachtens de Kaderwet bestuur in verandering zijn getroffen

nr. 5
NOTA NAAR AANLEIDING VAN HET VERSLAG

Ontvangen 10 november 2004

Het verheugt mij dat uw Kamer het voornemen heeft tot zeer spoedige behandeling over te gaan van bovengenoemd wetsvoorstel. Hierna volgt de beantwoording van de twee vragen die zijn gesteld door de fracties van CDA en VVD.

Waarom heeft de regering ervoor gekozen om de geldigheid van de gemeenschappelijke regelingen die krachtens de Kaderwet bestuur zijn getroffen, te verlengen voor de periode van twee jaar?

De keuze van een periode is altijd arbitrair. Inzet is nog steeds dat het niet nodig zal blijken de geldigheid van de huidige regelingen te verlengen. De verlengingswet is een «vangnet» voor het geval de Wijzigingswet Wgr-plus onverhoopt niet dit jaar in het Staatsblad verschijnt. De verlenging zou bijvoorbeeld ook tot twee maanden beperkt kunnen blijven. Zou door onvoorziene omstandigheden die periode te kort blijken, dan zouden de regelingen wéér verlengd moeten worden; dat is niet fraai. Vandaar dat voor een zeer ruime termijn is gekozen.

Moet de verlenging van de gemeenschappelijke regelingen krachtens de Kaderwet bestuur altijd gelijk lopen met het kalenderjaar?

De verlenging is bedoeld als overbrugging tot het moment dat de Wijzigingswet Wgr-plus in werking treedt. De verlenging start met ingang van 1 januari, omdat dat het moment is dat de huidige regelingen eindigen. De inwerkingtreding van de Wijzigingswet Wgr-plus is niet gebonden aan kalenderjaren, doordat de overgangsregeling in die wet regelt dat vanaf dat moment de huidige regelingen gelden als regelingen die op de Wijzigingswet Wgr-plus zijn gebaseerd. Het is dus niet nodig de verlenging gelijk te laten lopen met de kalenderjaren.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

J. W. Remkes

Naar boven