Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 mei 2026
Hierbij biedt het kabinet u aan het ontwerpbesluit, houdende wijziging van het Besluit
zorgverzekering in verband met de wijze waarop kosten van medisch-specialistische
zorg in mindering worden gebracht op het verplicht eigen risico. Voor de inhoud van
het ontwerpbesluit verwijs ik u naar de ontwerpnota van toelichting.
De voorlegging geschiedt ter uitvoering van de voorhangprocedure die is opgenomen
in artikel 124 van de Zorgverzekeringswet (Zvw) en biedt de Kamer de mogelijkheid
zich uit te spreken over het ontwerpbesluit voordat het aan de Afdeling advisering
van de Raad van State zal worden voorgelegd en vervolgens zal worden vastgesteld.
Op grond van de aangehaalde bepaling geschiedt de voordracht aan de Koning ter verkrijging
van het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over het ontwerpbesluit
niet eerder dan vier weken nadat het ontwerpbesluit aan beide Kamers der Staten-Generaal
is overgelegd.
In de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel waarin wordt voorgesteld om het
verplicht eigen risico voor de zorgverzekering per 2027 te verhogen, wordt verwezen
naar de tranchering die met voorliggend ontwerpbesluit wordt geregeld. Om die reden
is ervoor gekozen voorliggend ontwerpbesluit rond de indiening van dat wetsvoorstel
bij de Kamer voor te hangen.
Er wordt gestreefd naar inwerkingtreding van het ontwerpbesluit met ingang van 2028.
Omdat de zorgverzekeraars ongeveer een jaar invoeringstermijn nodig hebben, betekent
dit dat het besluit rond 1 januari 2027 in het Staatsblad dient te worden geplaatst.
Een gelijkluidende brief is gezonden aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
S.T.M. Hermans