Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201529684 nr. 117

29 684 Waddenzeebeleid

Nr. 117 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 30 oktober 2014

Bij deze bied ik u aan het Convenant transitie garnalenvisserij en natuurambitie Rijke Waddenzee1. Het convenant is tot stand gekomen in overleg tussen het Rijk, de provincies Noord-Holland, Friesland en Groningen, de Coalitie Wadden Natuurlijk2 en de visserijsector3. In het convenant verbinden de partijen zich om te streven naar een zo natuurlijk mogelijke ontwikkeling van de Waddenzee in combinatie met een duurzame garnalenvisserij.

De doelstellingen en ambities van het convenant worden in het bijbehorende uitvoeringsprogramma naar concrete maatregelen uitgewerkt. Het convenant heeft een looptijd tot 2026. Dat is de tijd die nodig is om de beoogde transitie te doorlopen. De belangrijkste inzet van het convenant is om de zo natuurlijk mogelijke ontwikkeling van de Waddenzee te realiseren. Door in de komende jaren opeenvolgend gebieden voor de garnalenvisserij te sluiten in de Waddenzee wordt natuurherstel mogelijk gemaakt, in combinatie met de stapsgewijze inname van garnalenvergunningen (GK-vergunningen). Als eerste stap zal de sector vrijwillig ca. 6,5% van het sublitoraal van de Waddenzee sluiten voor de visserij. In deze gebieden krijgt het bodemleven de mogelijkheid zich ongestoord te ontwikkelen. In de komende jaren wordt het oppervlak beschermde gebieden verder opgeschaald in een tempo dat voor de visserijsector aanvaardbaar is en dat parallel loopt met de inname van GK-vergunningen. Tegelijk wordt ingezet op technische en beheermaatregelen om de hoeveelheid bijvangst te verminderen en de overlevingskans van de bijvangsten te verbeteren. Deze en andere in te zetten maatregelen zijn juist ook bedoeld om de vissers een beter economisch perspectief te bieden. Voor de uitvoering van dit convenant zijn de Waddenprovincies en het Rijk bereid financiële middelen in te zetten.

Met het gereedkomen van dit convenant is nu ook de weg vrij om een Natuurbeschermingswet vergunning af te geven met maximaal draagvlak bij de ondertekenende partijen. Ik zal nu overgaan tot het verlenen van deze vergunning die één uniform regime zal bevatten voor alle garnalenvissers. Deze zal in eerste instantie voor een korte termijn (1 – 1,5 jaar) gelden. Deze periode kan benut worden om te werken aan een meerjarige NB-wetvergunning. Bij het opstellen van deze vergunning kan dan ook rekening worden gehouden met veldonderzoek naar de effecten van de garnalenvisserij dat in de loop van volgend jaar zal worden opgeleverd door Imares. Hiermee kan de sector voor een langere termijn helderheid en zekerheid worden geboden ten aanzien van de uitvoering van hun activiteiten in de Waddenzee en in de Natura 2000-gebieden in de kustzone.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, S.A.M. Dijksma


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

Bestaande uit: Waddenvereniging, Vogelbescherming Nederland, Landschap Noord-Holland, it Fryske Gea, Stichting het Groninger Landschap, Stichting Wad, Vereniging Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer.

X Noot
3

Aan de kant van de visserijsector is het convenant ondertekend door de voorzitters van VISNED en de Nederlandse Vissersbond.