Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 13 januari 2026
De vaste Kamercommissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur heeft
verzocht om een reactie op de brief van de Stichting Dier&Recht, de Stichting Wakker
Dier en de Dierencoalitie van 5 november 2025 over het antibioticagebruik in de kalverhouderij
en de noodzaak van systeemverandering in deze sector. In deze brief treft u mijn reactie
aan.
De kalversector heeft een reductie van 60% in het gebruik van antibiotica gerealiseerd
sinds het start van de monitoring in 20071. Met name de eerste jaren zijn grote stappen gezet om het gebruik te verminderen.
In 2020 bereikte het gebruik in de kalversector het laagste niveau en sindsdien heeft
de kalversector geen verdere reductie in het antibioticumgebruik gerealiseerd. Het
gemiddeld gebruik in de sector is de laatste jaren stabiel, waarbij er nog duidelijke
verschillen bestaan tussen diercategorieën. Met name het gemiddeld gebruik in de deelsector
blankvlees en rosé-start is hoog, terwijl in de rosé-afmestsector het gebruik relatief
laag is.
Zoals aangegeven in de brief aan uw Kamer over de stand van zaken veterinair antibioticabeleid2 ga ik met de kalversector in gesprek om nieuwe doelen af te spreken en verdere reductie
in antibioticumgebruik te bewerkstelligen met het oog op verdere vermindering van
antibioticaresistentie in de kalverhouderij. De inzet daarbij is het formuleren van
doelstellingen die aansluiten bij de ambities uit het Veal Forward3 plan (50%-reductie in antibioticumgebruik in 2035 t.o.v. 2024).
De kalversector is onlosmakelijk verbonden met de melkveesector. De maatschappelijke
waarde van de kalversector ligt in het op een goede manier tot waarde brengen van
kalveren uit de melkveehouderij. Er zijn verschillende initiatieven die werken met
nieuwe vormen van het houden van kalveren, bijvoorbeeld door de kalveren langer op
een melkveebedrijf te houden. Ik ondersteun deze innovatieve ideeën via onder andere
de regeling Pilots gezonde kalverketen. Deze initiatieven zijn vaak nog kleinschalig,
maar kunnen in de toekomst leiden tot veranderingen waarbij de diergezondheid in deze
sector verder wordt verbeterd. Ik verwacht de resultaten in de loop van dit jaar.
De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, F.M. Wiersma