29 659 Evaluatie Staatsbosbeheer

L VERSLAG VAN EEN NADER SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld 8 april 2026

De vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit1 heeft nader schriftelijk overleg gevoerd met de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over het Jaarverslag Staatsbosbeheer 2024. Bijgaand brengt de commissie hiervan verslag uit. Dit verslag bestaat uit:

  • De uitgaande brief van 3 februari 2026.

  • De antwoordbrief van 2 april 2026.

De griffier van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Wolf

BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT

Aan de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

Den Haag, 3 februari 2026

De leden van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit hebben met belangstelling kennisgenomen van uw brief van 20 januari 2026 met uw reactie op de vragen over het Jaarverslag Staatsbosbeheer 2024.2 De leden van de BBB-fractie wensen u naar aanleiding van uw brief enkele vervolgvragen te stellen.

Deze leden willen u bedanken voor de concrete antwoorden en de gedachtewisseling met de Kamer. Naar aanleiding van de antwoorden hebben deze leden de volgende vragen.

  • 1. Naar aanleiding van antwoord 1 hebben deze leden de vraag hoe wordt gemonitord of het ontwikkelplan «Natuurlijk Verbeteren» daadwerkelijk effect heeft? Wat gebeurt er als in 2027 de SBB-begroting nog steeds niet neutraal is?

  • 2. In uw antwoord 3 refereert u aan het Programma Natuur SPUK 2. Wat is hiervan de doelstelling, voor welke jaren is deze, hoe groot is het (jaarlijkse) budget, welke activiteiten voert SBB hiervoor uit? En waarom is hiervoor een speciale uitkering als manier van financiering nodig of de beste optie voor de regering: wordt deze niet oneigenlijk gebruikt?

  • 3. Naar aanleiding van hetzelfde antwoord 3: kunt u inzicht geven in hoeveel SBB-projecten (aantal en percentage van het totaal) de structurele beheerkosten niet volledig zijn gedekt?

  • 4. Naar aanleiding van zijn antwoord 5: wordt het nieuwe SBB-kostprijsmodel extern getoetst op effectiviteit? Zo ja, door wie?

  • 5. Naar aanleiding van antwoord 6: welke alternatieve financieringsmogelijkheden zijn onderzocht naast toegangsheffingen en donaties? Waarom worden die niet ingevoerd?

  • 6. In antwoord 6 geeft u aan dat u provincies financiert die dat geld gebruiken om SBB «beheertaken» te laten uitvoeren. Hoeveel geeft u hiervoor jaarlijks aan provincies? Is dat via een SPUK, het Provinciefonds of anderszins? Welke 3 provincies krijgen de meeste gelden en hoeveel?

  • 7. Naar aanleiding van het antwoord op dezelfde vraag 6: kunt u aangeven welke taken, activiteiten of projecten door SBB recent zijn gestaakt wegens gebrek aan financiering?

  • 8. Naar aanleiding van antwoord 6: wat gebeurt er met gebieden als provincies structurele financiering niet kunnen garanderen? Welke stappen zijn gezet om provincies te bewegen tot volledige openstelling van de beheertypen die u noemt in de beantwoording?

  • 9. Naar aanleiding van hetzelfde antwoord: waarom wordt het SNL-percentage niet verhoogd naar 100% van de normkosten?

  • 10. Hoeveel hectare beheert SBB dat in eigendom is van provincies? Hoeveel hectare beheert SBB dat in eigendom is van gemeenten? Hoeveel hectare beheert SBB dat in eigendom is van andere ministeries dan LVVN? Beheert SBB ook terrein in eigendom van (voormalige) staatsbedrijven/~deelnemingen, en zo ja, van welke en hoeveel?

  • 11. In antwoord 7 geeft u aan dat u met SBB afspraken heeft gemaakt dat SBB zich meer gaat richten op haar kerntaken. Wat is precies afgesproken? Zijn die afspraken ook gepubliceerd? Hoe wordt geborgd dat de focus op kerntaken niet leidt tot het verwaarlozen van andere belangrijke functies, zoals recreatie of cultuurhistorie? Wanneer wordt door u geëvalueerd of de heroriëntatie op kerntaken door SBB succesvol is?

  • 12. In antwoord 8 geeft u aan dat SBB zich «voor een belangrijk deel» richt op het beheer van natuurterreinen van nationaal belang? Hoe groot is dit deel nu, in procenten van de totale grondoppervlakte die SBB nu beheert? Met welke doelpercentages wilt u dat dit op gaat lopen nu u met SBB heeft afgesproken dat zij zich meer op kerntaken moet richten?

  • 13. Naar aanleiding van antwoord 9: wat is de «restopgave NNN»?

  • 14. Naar aanleiding van de antwoorden op de vragen 9 en 10: hoe vaak is daadwerkelijk door SBB beheerde grond verkocht aan provincies of gemeenten in de afgelopen vijf jaar? Welke drempels ervaren provincies en gemeenten bij aankoop van SBB-gronden? In welke gevallen en/of onder welke voorwaarden zou u wel «om niet» gronden of «objecten» aan gemeenten of provincies te geven? U kunt hiermee uiteraard kosten besparen.

  • 15. Naar aanleiding van antwoord 10: staat u open om in gesprek te treden met elke gemeente die een uitgewerkt en realistisch bod doet om grond in eigendom van het Rijk die binnen of grenzend aan de bebouwde kom ligt over te kopen, met name ten behoeve van woningbouw?

  • 16. Welke grote natuurterreinen die eigendom zijn van provincies of gemeenten, zou u graag van hen overnemen, en daarna door de SBB als één natuurgebied van nationaal belang laten beheren?

  • 17. Welke grote natuurterreinen die eigendom zijn van andere ministeries dan LVVN, grenzen aan grote natuurterreinen die worden beheerd door SBB? Welke daarvan zou u van die andere ministeries in eigendom willen overnemen?

  • 18. Naar aanleiding van antwoord 11: bedoelt u met een dergelijke «Wijzigingswet» een voorhangprocedure met het parlement? Zo ja: bent u bereid die te gaan uitvoeren?

  • 19. In antwoord 12 lijkt een tegenstrijdigheid te staan. Als SBB de enige uitzondering is op dat het Rijksvastgoedbedrijf tot het privaatrechtelijk beheer voor alle ministeries bevoegd is, vindt u het dan niet wenselijk dat dit ook voor SBB gaat gelden? Zo niet, waarom alleen voor SBB niet?

  • 20. Naar aanleiding van antwoord 13: wat doet SBB precies om haar monumentenportefeuille te «verzakelijken en prioriteren». En wat is er nieuw in de «nieuwe erfgoedvisie»?

  • 21. Naar aanleiding van antwoord 18: hierin wordt geschreven over «geen interesse vanuit de markt» bij openbare inschrijvingen. Laat u analyseren waarom, door welke voorwaarden, er voor deze percelen geen interesse is? Kan met beperkte aanpassingen in de voorwaarden wel verkocht of verpacht worden? Wanneer is meest recentelijk met de Tweede Kamer gesproken over de voorwaarden die worden gesteld? Na hoeveel jaar wordt opnieuw een openbare inschrijving voor een perceel gestart?

  • 22. Naar aanleiding van antwoord 19: bent u bereid om voor de genoemde, resterende 4.800 hectare heidegrond toch bedrijven of particulieren te vinden die het nuttig willen gebruiken, zoals voor begrazing?

  • 23. Naar aanleiding van antwoord 20: bent u niet van mening dat de resterende 1.800 hectare stuifzandgronden maatschappelijk nuttiger kan worden benut door daar landbouwgronden (of woonwijken) van te maken, inclusief de planten, dieren en biodiversiteit die daar dan zal komen? Stedelijke gebieden schijnen (veel) meer biodiversiteit te herbergen dan natuurgebieden.

  • 24. Vraag 21 wordt niet (volledig) beantwoord. Wilt u alsnog aangeven waarom precies zandduingebieden niet meer kunnen worden gebruikt voor voedselproductie, bijvoorbeeld met bramen- en rozenbottelstruiken, of verpachting voor ander commercieel gebruik?

  • 25. Ook vraag 22 wordt niet (volledig) beantwoord: probeert u aangegeven maatschappelijk nuttiger gebruik van wateroppervlakte te bereiken? Zo niet, waarom probeert u dit niet?

  • 26. Naar aanleiding van antwoord 22: ziet u mogelijkheden om meer jachtvergunningen te (laten) vergeven voor bossen of andere gronden die worden beheerd door SBB? En meer vergunningen voor «wildplukken» in bossen die door SBB worden beheerd?

  • 27. Naar aanleiding van antwoord 24: is de stichting Buitenfonds voldoende toegerust om structureel meer inkomsten te genereren? Hoe wordt de effectiviteit van donatiecampagnes van of voor de stichting geëvalueerd? Welke projecten worden enkel door de stichting Buitenfonds gefinancierd?

  • 28. In antwoord 26 noemt u het bezit van 50 woningen. Bent u bereid (opnieuw) te laten onderzoeken of deze verkocht kunnen worden? Zo niet, waarom niet?

  • 29. En bent u ook bereid voor bepaalde categorieën van de in hetzelfde antwoord genoemde 1.900 «objecten», bijvoorbeeld bunkers, met de markt te onderzoeken of deze maatschappelijk nuttiger na verkoop, door verpachting of verhuur door bedrijven of burgers kunnen worden gebruikt? Zo niet, waarom niet?

  • 30. Naar aanleiding van antwoord 27: hoeveel wordt (door SBB) jaarlijks aan Subsidie Instandhouding Monumenten (SIM-)gelden ontvangen? En hoeveel inkomsten «genereert» SBB jaarlijks uit gebouwen»?

  • 31. Naar aanleiding van antwoord 28: staat u open voor gesprek met bosbouwondernemers die een uitgewerkt en realistisch bod willen doen om in gebieden die SBB beheert hout te mogen oogsten?

  • 32. Naar aanleiding van antwoord 29: hoeveel vakantiehuisjes en recreatiewoningen bezit het Rijk? Wat is daarvan de geschatte marktwaarde? Welke ministeries zijn eigenaar? Welke alternatieven zijn er voor deze objecten anders dan de aangegeven «volledige vervreemding»? Bent u bereid alternatieven te laten onderzoeken op wenselijkheid vanuit het publiek belang, en een afweging te maken? Bent u bereid dit ook te doen voor (natuur)campings die SBB beheert? Zo niet, waarom niet? Zo wel, wilt u het parlement over de uitkomsten hiervan informeren?

  • 33. Naar aanleiding van antwoord 32: van hoeveel landgoederen is het Rijk eigenaar? Wat is de totale geschatte marktwaarde daarvan? Is de regering bereidt de verkoop van de landgoederen die SBB beheert (opnieuw) per geval te laten onderzoeken, zodat burgers en bedrijven daarvan gebruik kunnen maken op een manier die een redelijke balans legt met en met borging van hun historische, culturele en natuurwaarde?

  • 34. Van hoeveel evenementenlocaties is het Rijk eigenaar? Wat is de totale geschatte marktwaarde daarvan? Is de regering bereidt de verkoop, verpachting of verhuur van de evenementenlocaties die SBB beheert (opnieuw) per geval te laten onderzoeken, zodat burgers en bedrijven daarvan gebruik kunnen maken op een manier die een redelijke balans legt met en met borging van hun historische, culturele en natuurwaarde?

  • 35. Naar aanleiding van antwoord 33: wat is de geschatte marktwaarde van de (landbouw)gronden die eigendom zijn van de Staat? Welk deel daarvan wordt door SBB beheerd?

  • 36. Bent u het eens met de stelling dat het voor handhaving van de wet en de openbare orde, maar ook gezien de gevaren door de groeiende aanwezigheid van en gevaren door wolven, beter zou zijn dat de Koninklijke Marechaussee de veiligheidstaken zou overnemen van de Buitengewoon Opsporingsambtenaren (BOA’s) die in dienst zijn van SBB, zoals de Koninklijke Marechaussee in het verleden in veel rurale gebieden politietaken uitvoerde?

  • 37. Heeft de regering haar beleid om NGO’s maximaal voor 50% van hun begroting financieel te ondersteunen inmiddels ook volledig ingevoerd voor NGO’s die eigenaar of beheerder zijn van natuurgebieden of gronden, zoals Natuurmonumenten? Zo niet, bij wie niet, hoeveel niet en waarom niet?

  • 38. Welke werkzaamheden verricht SBB precies in het kader van de UNESCO? Wat is daarvoor de wettelijke of juridische basis?

  • 39. Hoeveel terreinen beheert SBB die zijn gerangschikt onder de Natuurschoonwet (NSW)? Wie zijn van deze terreinen de formele eigenaren? Hoeveel minder belasting betalen zij jaarlijks door deze NSW-status?

  • 40. Welke inspecties van het Rijk voeren controles uit op het werk of de terreinen die SBB beheert? Op basis van welke wetten doen zij dat? Welke adviezen of verbeteropdrachten hebben zij aan SBB en/of de eigenaren van de gronden die SBB voor hen beheert, de afgelopen (tien) jaren gegeven? Zijn die inmiddels allemaal opgevolgd?

  • 41. SBB exploiteert een aantal campings. Hoeveel daarvan liggen aan een openbare weg? Hoeveel campings liggen aan de rand van een natuurgebied? Heeft SBB of het ministerie onderzocht of deze niet kunnen worden verkocht aan private organisaties, onder voorwaarde dat zij de natuur beschermen zoals dat SBB doet?

  • 42. Welke belastingen betaalt SBB? Hoeveel is dit samen per jaar?

  • 43. Welke doorlopende vergunningen heeft SBB om haar huidige werk te kunnen uitvoeren? Op basis van welke wetten zijn deze aan SBB verleend?

  • 44. Verhuurt SBB fietsen, bootjes of andere voertuigen? Is overwogen deze verhuur uit te besteden of anderszins aan een private organisatie over te doen?

  • 45. Heeft SBB stallen, maneges of kinderboerderijen in beheer? Zo ja, hoeveel? Hoeveel dieren, van welke soorten, zijn eigendom van of verzorgt SBB?

  • 46. Hoeveel financiering ontvangt SBB van de Europese Unie? Van welke EU-programma’s is dit deel? Welke voorwaarden zijn aan deze gelden verbonden? In hoeverre voldoet dit aan het subsidiariteitsbeginsel, met andere woorden: kan Nederland/de Minister dit niet zelf financieren? Vindt de Minister de EU-voorwaarden geen ongewenste buitenlandse beïnvloeding?

Deze leden hebben daarbij nog de volgende specifieke vragen.

  • 47. Bent u bekend met de zorgwekkende signalen dat SBB in diverse provincies Natura 2000-gebieden met essenbossen verwaarloost door een eenzijdige focus op kostenbesparing?

  • 48. Hoe beoordeelt u het feit dat SBB rond het jaar 2000 is overgegaan op een goedkopere, gemechaniseerde beheermethode in plaats van zorgvuldig handwerk, en dat dit de vitaliteit van onze essenbossen ernstig heeft aangetast?

  • 49. Bent u bekend met de klachten die deze leden ontvangen dat SBB haar eigen beheerplannen niet nakomt en juridisch in overtreding is, terwijl de provincies (zoals Utrecht) dit gedogen door nauwelijks te inspecteren of te handhaven? Welke mogelijkheden ziet u om met de provincies duidelijke afspraken te maken over een strenger toezicht op, handhaving bij en heldere prestatieafspraken met SBB, zodat zij zich aan de beheerplannen houden?

  • 50. Deelt u de mening van deze leden dat de aanpak van de dodelijke essentaksterfte en de opmars van invasieve bramenstruiken door SBB veel te laat en onvoldoende is opgestart, met alle gevolgen van dien voor de natuurwaarde? Als u bovenstaand beeld niet herkent, bent u dan bereid om de praktijksituatie in de essenbossen onafhankelijk te laten onderzoeken en de Kamer over de uitkomsten te informeren?

  • 51. Bent u bereid om per direct een onderzoek in te stellen naar de meldingen dat lokale boeren zijn geïntimideerd door medewerkers van SBB en de provincie(s) nadat zij bovengenoemde misstanden tijdens bijeenkomsten benoemden?

De leden van de vaste commissie voor LNV zien uw reactie met belangstelling tegemoet en ontvangen deze graag uiterlijk 3 maart 2026.

Voorzitter van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, G.J. Oplaat

BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 april 2026

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vervolgvragen van de leden van de BBB-fractie over het Jaarverslag 2024 van Staatsbosbeheer (kenmerk 179720, ingezonden 3 februari 2026).

Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens

179720

De leden van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit hebben met belangstelling kennisgenomen van de brief van 19 december 2025 met de reactie op de vragen over het Jaarverslag Staatsbosbeheer 2024. De leden van de BBB-fractie wensen naar aanleiding van die brief enkele vervolgvragen te stellen. Deze leden willen LVVN bedanken voor de concrete antwoorden en de gedachtewisseling met de Eerste Kamer. Naar aanleiding van de antwoorden hebben deze leden de volgende vragen.

1

Naar aanleiding van antwoord 1 hebben deze leden de vraag hoe wordt gemonitord of het ont-wikkelplan «Natuurlijk Verbeteren» daadwerkelijk effect heeft? Wat gebeurt er als in 2027 de SBB-begroting nog steeds niet neutraal is?

Antwoord

Er zijn periodieke momenten van overleg tussen Staatsbosbeheer en mijn ministerie. Ook biedt Staatsbosbeheer het jaarplan en de (meerjaren)begroting en de jaarrekening ter goedkeuring aan bij mij. Mede op deze wijze kan ik invloed uitoefenen op de lange-termijnontwikkeling van Staatsbosbeheer.

2

In uw antwoord 3 refereert u aan het Programma Natuur SPUK 2. Wat is hiervan de doelstelling, voor welke jaren is deze, hoe groot is het (jaarlijkse) budget, welke activiteiten voert SBB hiervoor uit? En waarom is hiervoor een speciale uitkering als manier van financiering nodig of de beste optie voor de regering: wordt deze niet oneigenlijk gebruikt?

Antwoord

Programma Natuur richt zich op systeemherstel in en nabij stikstofgevoelige natuurgebieden. Maatregelen zijn gericht op het verbeteren van de condities die nodig zijn voor het herstel van stikstofgevoelige habitats en stikstofgevoelige leefgebieden van soorten in N2000-gebieden en natuurgebieden buiten N2000-gebieden, behorend tot het Natuurnetwerk Nederland. Naast de gebiedsgerichte maatregelen wordt boscompensatie uitgevoerd voor bosgebied, dat vanaf 1 januari 2017 is gekapt, voor het behalen van de instandhoudingsdoelen in N2000-gebieden. Het programma wordt uitgevoerd door Rijk en provincies waarin samengewerkt wordt met diverse partners (terreinbeherende organisaties, Rijkswaterstaat, etc.). Uitvoering van fase 1 is gestart in 2021 en eind 2024 is fase 2 gestart. Uitvoering loopt tot en met 2032. Voor fase 2 is een Specifieke Uitkering verleend aan 12 provincies, voor in totaal ca € 1,35 miljard. Provincies besteden werkzaamheden uit aan terreinbeherende organisaties en anderen volgens eigen regelingen. De Specifieke Uitkering is onderdeel van de afspraken tussen Rijk en provincies, in het kader van de interbestuurlijke governance van het Programma Natuur.

3

Naar aanleiding van hetzelfde antwoord 3: kunt u inzicht geven in hoeveel SBB-projecten (aantal en percentage van het totaal) de structurele beheerkosten niet volledig zijn gedekt?

Antwoord

Helaas kan ik geen inzicht geven in hoeveel projecten van Staatsbosbeheer, in aantal en in percentage van het totaal, de structurele (natuur)beheerkosten niet volledig zijn gedekt. Dit komt omdat de structurele (natuur)beheerkosten niet via projecten worden gedekt. Financiering van de structurele beheertaak van Staatsbosbeheer gebeurt via de provincies met het SNL. Deze subsidie is op 84% van de normkosten gesteld.

4

Naar aanleiding van zijn antwoord 5: wordt het nieuwe SBB-kostprijsmodel extern getoetst op effectiviteit? Zo ja, door wie?

Antwoord

Dat is nu niet opportuun. Staatsbosbeheer is op dit moment bezig met de verdere aanscherping en inrichting van het nieuwe kostprijsmodel. Bij het opstellen van dit nieuwe kostprijsmodel heeft Staatsbosbeheer overigens al externe deskundigheid ingehuurd. Daarbij is tevens gekeken naar de effectiviteit van het beoogde kostprijsmodel en hier zal in het verdere proces aandacht voor blijven. De eerste ervaringen van dit nieuwe kostprijsmodel worden meegenomen in de eerst volgende wettelijke ZBO-evaluatie van Staatsbosbeheer, de opdrachtverlening voor dit evaluatieonderzoek zal eind 2026 plaatsvinden.

5

Naar aanleiding van antwoord 6: welke alternatieve financieringsmogelijkheden zijn onderzocht naast toegangsheffingen en donaties? Waarom worden die niet ingevoerd?

Antwoord

Sinds de verzelfstandiging is Staatsbosbeheer op zoek gegaan naar extra inkomstenbronnen. Waar de businesscase succesvol was, is dit in praktijk gebracht. Het gaat dan met name om natuurlijke grondstoffen (zoals biomassa, klei, zand) en recreatie. Overigens worden inkomsten die gerelateerd zijn aan het natuurbeheer zoals ingebruikgeving en hout verdisconteerd met de SNL-subsidie, zodat dit netto gezien niet tot extra inkomsten leidt.

6

In antwoord 6 geeft u aan dat u provincies financiert die dat geld gebruiken om SBB «beheertaken» te laten uitvoeren. Hoeveel geeft u hiervoor jaarlijks aan provincies? Is dat via een SPUK, het Provinciefonds of anderszins? Welke 3 provincies krijgen de meeste gelden en hoeveel?

Antwoord

In mijn voorgaande antwoord op vraag zes heb ik aangegeven dat de «financiering van de structurele beheertaak van Staatsbosbeheer gebeurt via de provincies met het SNL». Deze financiering vanuit de provincies komt uit het Provinciefonds van het Ministerie van BZK. Mijn ministerie geeft dus niet direct geld aan de provincies voor de uitvoering van de reguliere natuurbeheertaken.

7

Naar aanleiding van het antwoord op dezelfde vraag 6: kunt u aangeven welke taken, activiteiten of projecten door SBB recent zijn gestaakt wegens gebrek aan financiering?

Antwoord

Voor het beheer en grootschalig onderhoud van recreatieve voorzieningen zijn niet tot nauwelijks financiële middelen beschikbaar, ook niet binnen het SNL. Via subsidies en crowdfunding lukt het Staatsbosbeheer soms om middelen te vinden voor de aanleg van voorzieningen, voor het beheer en onderhoud daarvan helaas vaak niet. In Flevoland zijn bijvoorbeeld eind vorig jaar drie bruggen en een stuk fietspad in Zeewolde afgesloten en is begin dit jaar een brug in de Randmeerbossen afgesloten. Andere voorbeelden zijn:

  • Diverse steigers in de Biesbosch zijn recent verwijderd, omdat ze te slecht waren. Er is geen budget voor vervanging door Staatsbosbeheer. Middels een vaantjes-systeem (vrijwillige bijdrage) voor vaarrecreanten en aanvullende externe financiering zijn er enkele nieuwe steigers geplaatst.

  • Recreatiegebied De Zwarte Dennen, nabij Punthorst, gaat per 1 januari 2028 dicht als er geen nieuwe financiering wordt gevonden. Staatsbosbeheer kan het 20 hectare grote gebied voor intensieve dagrecreatie niet langer beheren zonder externe bijdrage. In de periode 2026 tot 2028 wordt samen met overheden en ondernemers gezocht naar een structurele oplossing.

  • Op veel plekken worden mountainbike-trails en ruiterpaden door teams van vrijwilligers onderhouden. Als die er niet zijn worden de trails en paden gesloten.

8

Naar aanleiding van antwoord 6: wat gebeurt er met gebieden als provincies structurele financiering niet kunnen garanderen? Welke stappen zijn gezet om provincies te bewegen tot volledige openstelling van de beheertypen die u noemt in de beantwoording?

Antwoord

Als provincies structurele financiering niet kunnen garanderen, dan kan het zijn dat het natuurbeheer niet meer kosten-efficiënt kan worden uitgevoerd door terreinbeherende organisaties en dat zij er dan voor (moeten) kiezen om niet meer of maar gedeeltelijk te beheren en dus niet meer of maar gedeeltelijk subsidie aan te vragen voor de betreffende natuurgebieden waar geen structurele kostendekkende financiering voor is. Dat kan uiteindelijk na een zorgvuldige afweging van alle belangen leiden tot het (tijdelijk) afsluiten van natuurgebieden, bijvoorbeeld omdat ze te gevaarlijk kunnen worden om te betreden en de veiligheid van bezoekers altijd gegarandeerd moet blijven. Provincies hebben zelf de ruimte om af te wegen hoe ze vorm geven aan de uitvoering van het natuurbeheer en voor welke beheertypen ze volledig openstellen of niet. Uiteraard is onvolledige openstelling wel onwenselijk vanuit mijn ministerie als systeemverantwoordelijke voor de natuur van Nederland, omdat dit ervoor kan zorgen dat sommige beheertypen dan niet op een toereikende manier kunnen worden beheerd waardoor ze kwalitatief verder achteruit gaan. Gesprekken hierover voer ik met het IPO in het kader van het aflopende Natuurpact.

9

Naar aanleiding van hetzelfde antwoord: waarom wordt het SNL-percentage niet verhoogd naar 100% van de normkosten?

Antwoord

In het verleden is in afstemming met de Europese Commissie besloten om via SNL alleen de directe kosten in verband met de (natuur) beheeractiviteiten te compenseren en niet van de indirecte kosten (bijvoorbeeld vaste lasten). Dit om te voorkomen dat eventueel sprake is van staatssteun. Aangezien terreinbeherende organisaties vaak ook nog eigen inkomsten genereren, is volledige dekking met publieke middelen niet wenselijk of zelfs niet toegestaan (overcompensatie in het kader van staatssteun). Daarnaast is er op dit moment ook geen budget om het SNL-percentage te verhogen. Provincies en het Rijk moeten, indien deze verhoging gewenst is, de afspraken van het Natuurpact herzien of nieuwe afspraken hierover maken. Ook zal dit moeten worden voorgelegd aan de Europese Commissie in het kader van de beoordeling of eventueel sprake kan zijn van staatssteun.

10

Hoeveel hectare beheert SBB dat in eigendom is van provincies? Hoeveel hectare beheert SBB dat in eigendom is van gemeenten? Hoeveel hectare beheert SBB dat in eigendom is van andere ministeries dan LVVN? Beheert SBB ook terrein in eigendom van (voormalige) staatsbedrijven/-deelnemingen, en zo ja, van welke en hoeveel?

Antwoord

Staatsbosbeheer beheert ongeveer 14.000 ha dat eigendom is van andere partijen, waarvan (afgerond):

  • 250 ha van gemeenten

  • 998 ha van provincies

  • 4.800 ha van recreatieschappen

  • 7.500 ha van Rijk

  • 1 ha van (voormalige) staatsbedrijven

11

In antwoord 7 geeft u aan dat u met SBB afspraken heeft gemaakt dat SBB zich meer gaat richten op haar kerntaken. Wat is precies afgesproken? Zijn die afspraken ook gepubliceerd? Hoe wordt geborgd dat de focus op kerntaken niet leidt tot het verwaarlozen van andere belangrijke functies, zoals recreatie of cultuurhistorie? Wanneer wordt door u geëvalueerd of de heroriëntatie op kerntaken door SBB succesvol is?

Antwoord

Dit is een aanbeveling uit de laatste wettelijke evaluatie voetnoot en die is door mij overgenomen. Samen met Staatsbosbeheer kijk ik naar de wettelijke grondslag van de diverse taken, waaronder recreatie en cultuurhistorie. Voor een adequate taakuitvoering vragen we Staatsbosbeheer binnen het brede takenpakket prioriteiten te stellen. Eén van de belangrijkste kerntaken van Staatsbosbeheer blijft de vertaling van natuurbeleid naar de concrete uitvoeringspraktijk en het terugkoppelen van bevindingen en ervaringen bij de beleidsrealisatie naar de beleidsmakers. De volgende wettelijke evaluatie van Staatsbosbeheer zal eind dit jaar worden opgestart en daarbij wordt ook expliciet stilgestaan bij de aanbevelingen uit de vorige wettelijke evaluatie.

12

In antwoord 8 geeft u aan dat SBB zich «voor een belangrijk deel» richt op het beheer van natuurterreinen van nationaal belang? Hoe groot is dit deel nu, in procenten van de totale grond-oppervlakte die SBB nu beheert? Met welke doelpercentages wilt u dat dit op gaat lopen nu u met SBB heeft afgesproken dat zij zich meer op kerntaken moet richten?

Antwoord

Het Nederlands Natuurnetwerk (NNN) is een samenhangend stelsel van natuurgebieden van (inter)nationaal belang. Staatsbosbeheer beheert 268.000 ha natuur, waarvan 231.000 hectare onderdeel is van het NNN. Dit is ruim 86%. Ik zet wat dat betreft geen doelpercentages voor Staatsbosbeheer om te behalen.

13

Naar aanleiding van antwoord 9: wat is de «restopgave NNN»?

Antwoord

De restopgave NNN staat in de jaarlijkse Voortgangsrapportage Natuur (VRN), een rapportage van het Rijk en provincies over de uitvoering van het natuurbeleid. Deze restopgave bedraagt 30.351 ha op peildatum 1 januari 2025. Eind dit jaar komt de nieuwe VRN uit met de stand van zaken per 1 januari 2026. Een verdeling naar toekomstige eigenaren of beheerders is er niet.

14

Naar aanleiding van de antwoorden op de vragen 9 en 10: hoe vaak is daadwerkelijk door SBB beheerde grond verkocht aan provincies of gemeenten in de afgelopen vijf jaar? Welke drempels ervaren provincies en gemeenten bij aankoop van SBB-gronden? In welke gevallen en/of onder welke voorwaarden zou u wel «om niet» gronden of «objecten» aan gemeenten of provincies te geven? U kunt hiermee uiteraard kosten besparen.

Antwoord

Enkele tientallen keren is er grond door Staatsbosbeheer verkocht aan provincies en gemeenten in de afgelopen vijf jaar. In veruit de meeste gevallen was dit een onderdeel van kavelruilen of voor infrastructurele projecten. Eventuele drempels die provincies en gemeenten hierbij ervaren zijn mij niet bekend. Als eigenaar van de gronden en objecten beslist Staatsbosbeheer zelf in welke gevallen en/of onder welke voorwaarden «om niet» die aan gemeenten of provincies wordt gegeven.

15

Naar aanleiding van antwoord 10: staat u open om in gesprek te treden met elke gemeente die een uitgewerkt en realistisch bod doet om grond in eigendom van het Rijk die binnen of grenzend aan de bebouwde kom ligt over te kopen, met name ten behoeve van woningbouw?

Antwoord

Rijksgronden vallen onder het Rijksvastgoedbedrijf wat onderdeel is van het Ministerie van BZK. Wanneer een gemeente een uitgewerkt en realistisch bod doet om grond in eigendom van het Rijk over te kopen, dan dient dit dus met het Rijksvastgoedbedrijf en het Ministerie van BZK besproken te worden.

16

Welke grote natuurterreinen die eigendom zijn van provincies of gemeenten, zou u graag van hen overnemen, en daarna door de SBB als één natuurgebied van nationaal belang laten beheren?

Antwoord

Ik zie dit niet als mijn rol binnen het Nederlandse natuurbeleid en kan dus geen antwoord geven op deze vraag. Het natuurbeheer van Nederland is gedecentraliseerd en die afspraken zijn nog steeds van kracht en blijven staan.

17

Welke grote natuurterreinen die eigendom zijn van andere ministeries dan LVVN, grenzen aan grote natuurterreinen die worden beheerd door SBB? Welke daarvan zou u van die andere ministeries in eigendom willen overnemen?

Antwoord

De ministeries die aangrenzend terreinen hebben met Staatsbosbeheer-terreinen zijn het Ministerie van I&W (Rijkswaterstaat) en Defensie. Ik doe geen uitspraken over of en welke van die aangrenzende terreinen ik in eigendom wil overnemen.

18

Naar aanleiding van antwoord 11: bedoelt u met een dergelijke Wijzigingswet een voorhangprocedure met het parlement? Zo ja bent u bereid die te gaan uitvoeren?

Antwoord

Met een Wijzigingswet worden eventuele technische wijzigingen in één keer aangepast in meerdere wetgeving. Een voorhangprocedure kan aan de orde komen bij een integrale wijziging van de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer. Dat is nu niet aan de orde.

19

In antwoord 12 lijkt een tegenstrijdigheid te staan. Als SBB de enige uitzondering is op dat het Rijksvastgoedbedrijf tot het privaatrechtelijk beheer voor alle ministeries bevoegd is, vindt u het dan niet wenselijk dat dit ook voor SBB gaat gelden? Zo niet, waarom alleen voor SBB niet?

Antwoord

Bij de totstandkoming van de Wet verzelfstandiging Staatsbosbeheer is het uitgangspunt geweest dat de praktijksituatie van Staatsbosbeheer, waaronder de positie met betrekking tot het materieel en privaatrechtelijk beheer kon worden gecontinueerd. De wens was om alles in één hand te houden. Dat betekent ook dat Staatsbosbeheer destijds de juridische eigendom heeft gekregen van de roerende en onroerende zaken. Ik vind het niet wenselijk om nu een wijziging in die situatie aan te brengen.

20

Naar aanleiding van antwoord 13: wat doet SBB precies om haar monumentenportefeuille te «verzakelijken en prioriteren». En wat is er nieuw in de «nieuwe erfgoedvisie»?

Antwoord

Om monumenten levensvatbaar te houden of te maken is het vinden van nieuwe economische of maatschappelijke dragers vaak noodzakelijk. De focus en inzet van Staatsbosbeheer ligt op monumenten en objecten met een beschermde status zoals UNESCO-status en/of die sterk verbonden zijn met de ontstaansgeschiedenis en identiteit van het natuurgebied. Monumenten die niet bij Staatsbosbeheer passen of beter door anderen beheerd kunnen worden, stoot Staatsbosbeheer onder voorwaarden af. De nieuwe erfgoedvisie is nog in ontwikkeling.

21

Naar aanleiding van antwoord 18: hierin wordt geschreven over «geen interesse vanuit de markt» bij openbare inschrijvingen. Laat u analyseren waarom, door welke voorwaarden, er voor deze percelen geen interesse is? Kan met beperkte aanpassingen in de voorwaarden wel verkocht of verpacht worden? Wanneer is meest recentelijk met de Tweede Kamer gesproken over de voorwaarden die worden gesteld? Na hoeveel jaar wordt opnieuw een openbare inschrijving voor een perceel gestart?

Antwoord

Indien bij een openbare inschrijving voor een pachtovereenkomst bij Staatsbosbeheer geen geldige inschrijvingen worden uitgebracht, zoekt Staatsbosbeheer onderhands een agrarisch ondernemer die wel aan dezelfde inschrijvingsvoorwaarden voldoet, of wordt het perceel in eigen beheer genomen als er geen partij wordt gevonden. Indien het perceel voor dat jaar in eigen beheer wordt genomen, wordt het opvolgende jaar opnieuw gekeken of het binnen het gewenste beheer mogelijk is het opnieuw via inschrijving aan de markt aan te bieden. Ik laat niet analyseren waarom of door welke voorwaarden er voor sommige percelen van Staatsbosbeheer geen interesse is, omdat als eigenaar van de gronden Staatsbosbeheer zelf beslist of dit nodig is of niet. De meest recente communicatie met de Tweede Kamer over pacht was middels de Verzamelbrief Natuur van 20 januari 2026 (kenmerk 33 576-474).

22

Naar aanleiding van antwoord 19: bent u bereid om voor de genoemde, resterende 4.800 hectare heidegrond toch bedrijven of particulieren te vinden die het nuttig willen gebruiken, zoals voor begrazing?

Antwoord

Het is niet aan mij om voor de genoemde, resterende 4.800 hectare, heidegrond van Staatsbosbeheer bedrijven of particulieren te vinden die het nuttig willen gebruiken. Staatsbosbeheer gaat hier zelf over als eigenaar van de desbetreffende terreinen en sluit dus zelf wel of niet overeenkomsten over deze gronden.

23

Naar aanleiding van antwoord 20: bent u niet van mening dat de resterende 1.800 hectare stuifzandgronden maatschappelijk nuttiger kan worden benut door daar landbouwgronden (of woonwijken) van te maken, inclusief de planten, dieren en biodiversiteit die daar dan zal komen? Stedelijke gebieden schijnen (veel) meer biodiversiteit te herbergen dan natuurgebied.

Antwoord

Ik ben niet van mening dat de resterende 1.800 hectare stuifzandgronden maatschappelijk nuttiger kan worden benut door daar landbouwgronden of woonwijken van te maken. Uw stelling dat stedelijke gebieden meer biodiversiteit schijnen te herbergen dan natuurgebieden deel ik overigens ook niet.

24

Vraag 21 wordt niet (volledig) beantwoord. Wilt u alsnog aangeven waarom precies zandduingebieden niet meer kunnen worden gebruikt voor voedselproductie, bijvoorbeeld met bramen- en rozenbottelstruiken, of verpachting voor ander commercieel gebruik?

Antwoord

De zandduingebieden van Nederland zijn grotendeels beschermd. Ze vormen een cruciaal onderdeel van de Nederlandse kustverdediging tegen de zee en zijn aangemerkt als waardevolle natuurgebieden. Veel kustduinen zijn aangewezen als N2000-gebied vanwege hun unieke biodiversiteit en dit betekent dat er strenge regels gelden voor activiteiten die de natuur kunnen schaden zoals voedselproductie, bijvoorbeeld bramen- en rozenbottelstruiken, of verpachting voor ander commercieel gebruik. Daarnaast is de buitenste rij duinen essentieel voor de waterveiligheid van Nederland. Deze gebieden worden beheerd door Rijkswaterstaat en terreinbeheerders zoals Staatsbosbeheer om erosie te voorkomen en de duinen in een goede conditie te houden en om te voorkomen dat duinen dichtgroeien met struiken en bomen.

25

Ook vraag 22 wordt niet (volledig) beantwoord: probeert u aangegeven maatschappelijk nuttiger gebruik van wateroppervlakte te bereiken? Zo niet, waarom probeert u dit niet?

Antwoord

Het maatschappelijk nut en gebruik van de wateroppervlakten die Staatsbosbeheer in beheer heeft is veelal recreatief, mits dit niet de natuurdoelen en -waarden van deze gebieden schaadt. De afwegingen die hierin worden gemaakt zijn aan Staatsbosbeheer als beheerder van de betreffende wateroppervlakten en niet aan mij.

26

Naar aanleiding van antwoord 22: ziet u mogelijkheden om meer jachtvergunningen te (laten) vergeven voor bossen of andere gronden die worden beheerd door SBB? En meer vergunningen voor «wildplukken» in bossen die door SBB worden beheerd?

Antwoord

In Nederland wordt de jachtvergunning, tegenwoordig de omgevingsvergunning voor een jachtgeweeractiviteit (voorheen jachtakte) genoemd, afgegeven door de politie. Ik ga zelf dus niet over het vergeven van meer of minder van deze vergunningen. Daarnaast is in Nederland wildplukken in principe verboden, omdat het wordt beschouwd als stroperij of diefstal. Er bestaan geen algemene vergunningen voor particulieren om op grote schaal in het wild te plukken. Staatsbosbeheer staat het plukken van een kleine hoeveelheid (vergelijkbaar met één champignonbakje van 250 gram) voor eigen gebruik echter meestal wel toe, zolang het geen beschermde soorten betreft. Het vergeven van vergunningen voor grotere hoeveelheden is dus niet mogelijk, omdat dat niet wordt toegestaan.

27

Naar aanleiding van antwoord 24: is de stichting Buitenfonds voldoende toegerust om structureel meer inkomsten te genereren? Hoe wordt de effectiviteit van donatiecampagnes van of voor de stichting geëvalueerd? Welke projecten worden enkel door de stichting Buitenfonds gefinancierd?

Antwoord

Stichting Buitenfonds werft gelden voor projecten in de natuurgebieden van Staatsbosbeheer waar geen of beperkte bijdragen vanuit de SNL-regeling beschikbaar is. Dit is incidenteel van aard en niet structureel. Er wordt geëvalueerd na afronding van iedere campagne. Daarnaast vindt er momenteel een herijking plaats door Staatsbosbeheer ten aanzien van de inzet van de Stichting Buitenfonds.

28

In antwoord 26 noemt u het bezit van 50 woningen. Bent u bereid (opnieuw) te laten onderzoeken of deze verkocht kunnen worden? Zo niet, waarom niet?

Antwoord

Het wel of niet verkopen van (een deel van) de 50 woningen van Staatsbosbeheer is aan Staatsbosbeheer zelf en niet aan mij. Mocht Staatsbosbeheer verkoop van deze woningen overwegen dan zullen zijzelf onderzoeken of en hoe dit mogelijk zou zijn.

29

En bent u ook bereid voor bepaalde categorieën van de in hetzelfde antwoord genoemde 1.900 «objecten», bijvoorbeeld bunkers, met de markt te onderzoeken of deze maatschappelijk nuttiger na verkoop, door verpachting of verhuur door bedrijven of burgers kunnen worden gebruikt? Zo niet, waarom niet?

Antwoord

Ook hier geldt dat voor het wel of niet verkopen van (een deel van) de 1.900 objecten van Staatsbosbeheer dit aan Staatsbosbeheer zelf is en niet aan mij. Het met de markt onderzoeken of deze objecten maatschappelijk nuttiger zouden kunnen worden gebruikt door verkoop, verpachting of verhuur is aan de overweging van Staatsbosbeheer.

30

Naar aanleiding van antwoord 27: hoeveel wordt (door SBB) jaarlijks aan Subsidie Instandhouding Monumenten (SIM-)gelden ontvangen? En hoeveel inkomsten «genereert» SBB jaarlijks uit gebouwen»?

Antwoord

Er is in 2024 voor € 1,9 miljoen aan SIM toegekend aan 18 projecten van Staatsbosbeheer voor instandhouding van de monumenten. De hoogte van het bedrag kan per jaar variëren op basis van het aantal monumenten waarvoor subsidie wordt aangevraagd door Staatsbosbeheer en de hoeveelheid SIM die in totaal beschikbaar is. Aan inkomsten genereert Staatsbosbeheer circa € 5 miljoen per jaar via ingebruikgeving van gebouwen.

31

Naar aanleiding van antwoord 28: staat u open voor gesprek met bosbouwondernemers die een uitgewerkt en realistisch bod willen doen om in gebieden die SBB beheert hout te mogen oogsten?

Antwoord

Wanneer bosbouwondernemers een uitgewerkt en realistisch bod willen doen om hout te mogen oogsten in gebieden die Staatsbosbeheer beheert, dan kunnen zij met Staatsbosbeheer in gesprek gaan. Als eigenaar van betreffende gebieden kan Staatsbosbeheer zelf deze beslissingen nemen.

32

Naar aanleiding van antwoord 29: hoeveel vakantiehuisjes en recreatiewoningen bezit het Rijk? Wat is daarvan de geschatte marktwaarde? Welke ministeries zijn eigenaar? Welke alternatieven zijn er voor deze objecten anders dan de aangegeven «volledige vervreemding»? Bent u bereid alternatieven te laten onderzoeken op wenselijkheid vanuit het publiek belang, en een afweging te maken? Bent u bereid dit ook te doen voor (natuur)campings die SBB beheert? Zo niet, waarom niet? Zo wel, wilt u het parlement over de uitkomsten hiervan informeren?

Antwoord

Het aantal recreatiewoningen in direct beheer van het Rijk is zeer beperkt en niet structureel gekwantificeerd als commercieel portfolio. Het betreft vaak monumentale of unieke locaties in het groen. Het Rijk is geen significante juridisch eigenaar van vakantiehuisjes of recreatiewoningen in de commerciële zin van het woord, het Rijk bezit geen vakantieparken of grote aantallen recreatiewoningen voor toeristische verhuur. De overheid richt zich via het Rijksvastgoedbedrijf op het beheer van kantoren, kazernes, gevangenissen en monumenten en niet op de vakantiewoningenmarkt. Zoals al eerder benoemd in het antwoord op vraag 29 van de vorige set EK-vragen bezit Staatsbosbeheer echter wel diverse woningen, waaronder enkele tientallen voormalige boswachterswoningen of (pacht) boerderijen. Een aantal hiervan is in de loop der jaren omgevormd tot vakantiewoning, waarvan de inkomsten ten goede komen aan Staatsbosbeheer. Dit omvat diverse locaties en verblijfsmogelijkheden, maar is primair gericht op natuureducatie en recreatie in de natuur en niet als zuiver commerciële vakantieparken of (natuur)campings. Voor al deze objecten is er naast «volledige vervreemding» vaak ook nog de mogelijkheid tot verhuur of verpachting aan bedrijven of particulieren door Staatsbosbeheer (en dus van invloed op structurele verdiencapaciteit van Staatsbosbeheer). Het onderzoeken van deze alternatieven op wenselijkheid vanuit het publiek belang en daar een vervolgens een afweging in te maken is in eerste instantie aan Staatsbosbeheer als eigenaar. Mocht Staatsbosbeheer na afstemming met mijn ministerie tot een dergelijk onderzoek besluiten, dan zou ik de uitkomsten daarvan kunnen delen met het parlement mocht daar de wens voor zijn.

33

Naar aanleiding van antwoord 32: van hoeveel landgoederen is het Rijk eigenaar? Wat is de totale geschatte marktwaarde daarvan? Is de regering bereidt de verkoop van de landgoederen die SBB beheert (opnieuw) per geval te laten onderzoeken, zodat burgers en bedrijven daarvan gebruik kunnen maken op een manier die een redelijke balans legt met en met borging van hun historische, culturele en natuurwaarde?

Antwoord

In totaal zijn er meer dan 3.100 landgoederen (NSW-landgoederen) in Nederland. Naast particulieren zijn overheden (gemeenten, provincies, Rijk) vaak ook eigenaren van landgoederen, omdat veel voormalige particuliere landgoederen in de 20e eeuw zijn verkocht aan en in beheer gekomen zijn bij dergelijke overheidsinstanties. Het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) beheert een groot deel van het vastgoed van het Rijk, waaronder gronden en gebouwen (landgoederen) in het landelijk gebied. Het per geval onderzoeken of verkoop mogelijk is van landgoederen die Staatsbosbeheer in eigendom en beheer heeft, is aan Staatsbosbeheer zelf. Wel kan gesteld worden dat Staatsbosbeheer al zorgt voor een goede balans en borging van de historische, culturele en natuurwaarden van deze landgoederen, waarbij burgers en bedrijven gebruik kunnen maken van de faciliteiten zoals bijvoorbeeld bij Landgoed Groeneveld.

34

Van hoeveel evenementenlocaties is het Rijk eigenaar? Wat is de totale geschatte marktwaarde daarvan? Is de regering bereidt de verkoop, verpachting of verhuur van de evenementenlocaties die SBB beheert (opnieuw) per geval te laten onderzoeken, zodat burgers en bedrijven daarvan gebruik kunnen maken op een manier die een redelijke balans legt met en met borging van hun historische, culturele en natuurwaarde?

Antwoord

Het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) beheert de grootste en meest diverse vastgoedportefeuille van Nederland, die vaak wordt ingezet voor multifunctionele doeleinden. Deze portefeuille bevat ruim 82.600 hectare grond en bijna 12 miljoen m² aan gebouwen. Dit omvat kazernes, rechtbanken, ministeries, gevangenissen, havens, vliegvelden en monumenten. Veel van deze locaties, met name monumentale gebouwen, forten of terreinen van Defensie, worden bij uitzondering of via erfpacht/verhuur gebruikt voor evenementen, congressen of als filmlocatie. Hoewel het Rijk niet direct optreedt als commerciële exploitant van evenementenlocaties zoals de RAI, zijn er honderden Rijksgebouwen en -terreinen die (tijdelijk) een publieksfunctie kunnen vervullen. Voor specifieke locaties en verhuurmogelijkheden verwijst het Rijk vaak naar openbare inschrijvingen via «biedboek.nl». Het per geval onderzoeken of verkoop, verpachting of verhuur mogelijk is van evenementenlocaties die Staatsbosbeheer beheert, is aan Staatsbosbeheer zelf als eigenaar van de betreffende locaties. Wel kan gesteld worden dat Staatsbosbeheer al zorgt voor een goede balans en borging van de historische, culturele en natuurwaarden van deze evenementenlocaties, waarbij burgers en bedrijven gebruik kunnen maken van de faciliteiten zoals bijvoorbeeld bij het Malieveld.

35

Naar aanleiding van antwoord 33: wat is de geschatte marktwaarde van de (landbouw)gronden die eigendom zijn van de Staat? Welk deel daarvan wordt door SBB beheerd?

Antwoord

De geschatte marktwaarde van de landbouwgronden in eigendom van de Nederlandse overheid, inclusief provincies, gemeenten en waterschappen, bedraagt naar schatting tussen de € 15 en € 19 miljard. De overheden bezitten samen ongeveer 190.000 hectare aan landbouwgrond. De gemiddelde agrarische grondprijs in Nederland lag in 2025 tussen de € 90.000 en € 100.000 per hectare, afhankelijk van het kwartaal en het type grond (akkerbouw/grasland). Veel van deze gronden zijn verpacht, wat de marktwaarde kan beïnvloeden (verpachte grond is doorgaans minder waard dan vrije grond). Voor Staatsbosbeheer is het beheren van landbouwgrond geen doel op zich. Staatsbosbeheer bezit maar een beperkt areaal landbouwgrond. Deze grond is in afwachting van omvorming en inrichting naar natuur. Dit betreft landelijk enkele tientallen hectares met een geschatte marktwaarde van minder dan € 10 miljoen.

36

Bent u het eens met de stelling dat het voor handhaving van de wet en de openbare orde, maar ook gezien de gevaren door de groeiende aanwezigheid van en gevaren door wolven, beter zou zijn dat de Koninklijke Marechaussee de veiligheidstaken zou overnemen van de Buitengewoon Opsporingsambtenaren (BOA’s) die in dienst zijn van SBB, zoals de Koninklijke Marechaussee in het verleden in veel rurale gebieden politietaken uitvoerde?

Antwoord

Ik kan mijzelf hierin niet vinden. De werkzaamheden van de groene boa’s bij Staatsbosbeheer zijn in hoofdzaak gericht op handhaving en toezicht van natuurwetgeving in het landelijk gebied. Daarin zoeken ze ook de samenwerking met andere partijen (bijvoorbeeld met andere TBO’s, gemeenten en waterschappen).

Vraag 37

Heeft de regering haar beleid om NGO’s maximaal voor 50% van hun begroting financieel te ondersteunen inmiddels ook volledig ingevoerd voor NGO’s die eigenaar of beheerder zijn van natuurgebieden of gronden, zoals Natuurmonumenten? Zo niet, bij wie niet, hoeveel niet en waarom niet?

Antwoord

In het kader van ontwikkelingshulp is besloten om organisaties die subsidie willen ontvangen uit het nieuwe beleidskader onder het kabinet Schoof te verplichten dat tenminste 50% van de inkomsten van elders komt. Er is niet onderzocht of dit criterium ook binnen natuurbeleid kan worden toegepast, omdat reeds al rekening wordt gehouden met de eigen verdiencapaciteit van TBO’s binnen de SNL. De mogelijkheden voor Staatsbosbeheer om eigen inkomsten te genereren zijn gelimiteerd. Laatstgenoemde werd voor Staatsbosbeheer in de laatste wettelijke evaluatie voetnoot al geconcludeerd.

38

Welke werkzaamheden verricht SBB precies in het kader van de UNESCO? Wat is daarvoor de wettelijke of juridische basis?

Antwoord

De wettelijke en juridische basis van UNESCO is de Grondwet van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (UNESCO Constitution). Deze Grondwet werd in 1945 ondertekend door Nederland en trad in werking in 1946. Volgens artikel I van die Grondwet is het doel van UNESCO bij te dragen aan vrede en veiligheid door samenwerking op het gebied van onderwijs, wetenschap en cultuur. UNESCO is een gespecialiseerde organisatie van de Verenigde Naties. De juridische status is gebaseerd op het internationaal recht, waarbij lidstaten zich verbinden aan de doelstellingen van de organisatie. Naast de Grondwet fungeert UNESCO als beheerder van talrijke internationale verdragen. Staatsbosbeheer host in opdracht van mijn ministerie het coördinatiepunt voor UNESCO Mens & Biosfeergebieden. Mijn ministerie geeft hiermee invulling aan de taak van Nederland om uitvoering te geven aan onze UNESCO-programma’s. Het coördinatiepunt is belast met het koppelen van het Mens & Biosfeerprogramma aan het actuele Nederlandse natuur- en landschapsbeleid, het dagelijks programmabeheer, duurzaamheidsvraagstukken, kennisbehoefte en samenwerkingsverbanden.

39

Hoeveel terreinen beheert SBB die zijn gerangschikt onder de Natuurschoonwet (NSW)? Wie zijn van deze terreinen de formele eigenaren? Hoeveel minder belasting betalen zij jaarlijks door deze NSW-status?

Antwoord

Staatsbosbeheer beheert geen NSW-gerangschikte terreinen voor derden. Staatsbosbeheer houdt zelf niet bij welke terreinen in eigendom van Staatsbosbeheer NSW-gerangschikt zijn, dat doet de RVO middels een overzicht van opengestelde NSW-landgoederen.

40

Welke inspecties van het Rijk voeren controles uit op het werk of de terreinen die SBB beheert? Op basis van welke wetten doen zij dat? Welke adviezen of verbeteropdrachten hebben zij aan SBB en/of de eigenaren van de gronden die SBB voor hen beheert, de afgelopen (tien) jaren gegeven? Zijn die inmiddels allemaal opgevolgd?

Antwoord

Staatsbosbeheer werkt op verschillende niveaus samen met rijksinspecties en toezichthouders, voornamelijk gericht op toezicht, handhaving en beheer van natuurgebieden. Dit zijn met name de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

41

SBB exploiteert een aantal campings. Hoeveel daarvan liggen aan een openbare weg? Hoeveel campings liggen aan de rand van een natuurgebied? Heeft SBB of het ministerie onderzocht of deze niet kunnen worden verkocht aan private organisaties, onder voorwaarde dat zij de natuur beschermen zoals dat SBB doet?

Antwoord

De kampeerterreinen van Staatsbosbeheer liggen midden in de natuur. De meeste terreinen zijn alleen bereikbaar via onverharde beheerswegen. In de jaren 80 zijn de grotere kampeerterreinen door Staatsbosbeheer verkocht. Dit waren de enige kampeerterreinen van Staatsbosbeheer waar een ondernemersinkomen mogelijk was. De overgebleven kampeerterreinen die Staatbosbeheer nu nog exploiteert zijn afzonderlijk te kleinschalig voor een ondernemersinkomen en komen dus niet in aanmerking voor verkoop aan private organisaties.

42

Welke belastingen betaalt SBB? Hoeveel is dit samen per jaar?

Antwoord

Staatsbosbeheer betaalt vennootschapsbelasting en draagt loonheffingen en omzetbelasting af. Daarnaast betaalt Staatsbosbeheer waterschapslasten, onroerende zaak belasting en toeristenbelasting. De totale verschuldigde belasting voor deze belastingmiddelen bedroeg € 31,2 miljoen voor 2024.

43

Welke doorlopende vergunningen heeft SBB om haar huidige werk te kunnen uitvoeren? Op basis van welke wetten zijn deze aan SBB verleend?

Antwoord

Staatsbosbeheer heeft geen doorlopende vergunning(en) nodig om zijn werk te kunnen uitvoeren.

44

Verhuurt SBB fietsen, bootjes of andere voertuigen? Is overwogen deze verhuur uit te besteden of anderszins aan een private organisatie over te doen?

Antwoord

Op enkele locaties, bijvoorbeeld bij buitencentra, worden fietsen en/of bootjes verhuurd. De verhuur vindt dan plaats door particuliere bedrijven waar Staatsbosbeheer mee samenwerkt.

45

Heeft SBB stallen, maneges of kinderboerderijen in beheer? Zo ja, hoeveel? Hoeveel dieren, van welke soorten, zijn eigendom van of verzorgt SBB?

Antwoord

Nee, Staatsbosbeheer heeft geen stallen, maneges of kinderboerderijen in beheer.

46

Hoeveel financiering ontvangt SBB van de Europese Unie? Van welke EU-programma’s is dit deel? Welke voorwaarden zijn aan deze gelden verbonden? In hoeverre voldoet dit aan het subsidiariteitsbeginsel, met andere woorden: kan Nederland/de Minister dit niet zelf financieren? Vindt de Minister de EU-voorwaarden geen ongewenste buitenlandse beïnvloeding?

Antwoord

De gevraagde specifieke gegevens zijn niet op geaggregeerd niveau beschikbaar. Staatsbosbeheer ontvangt niet of nauwelijks directe EU-subsidie(s). Dit loopt meestal via een andere overheid. Een tweetal voorbeelden hiervan zijn:

  • Het Interreg VI A – project Natuurbrandmanagement Nederland-Duitsland. Staatsbosbeheer verricht binnen het totaal van dit project een paar onderdelen met een begroting van om en nabij de € 200.000. Staatsbosbeheer ontvangt (indirect) zo’n € 100.000 subsidie. Het project is gericht op natuurbrandpreventie en natuurbrandbestrijding in een landsgrensoverschrijdend verband gedurende de looptijd van 2025 t/m 2027. De voorwaarden hiervan zijn te vinden op NL-230619-Subsidiebepalingen-Interreg-VI-ab-01.07.23.pdf

  • Project «Kwaliteitsverbetering bossen Flevoland» (looptijd 2025–2028) betreft hydrologische herstelmaatregelen in verschillende bosgebieden van Staatsbosbeheer in Flevoland. Deze zijn bedoeld om de bossen weer vitaal te maken en beter weerbaar tegen klimaatverandering en ziekten. De geraamde kosten van € 1,95 miljoen worden gefinancierd met GLB-subsidie. Deze bestaat voor ca. 50% uit EU-middelen en ca. 50% uit provinciale cofinanciering. De voorwaarden zijn te vinden op https://www.rvo.nl/onderwerpen/glb-2025 en op https://www.flevoland.nl/dossiers/gemeenschappelijk-landbouwbeleid-glb

  • De vraag of Nederland zelf de directe EU-subsidies aan Staatsbosbeheer moet financieren is hier dan ook niet van toepassing, omdat het om relatief kleine bedragen gaat en het nauwelijks voorkomt. Ik vind ook niet dat het hier gaat om ongewenste buitenlandse beïnvloeding.

47

Bent u bekend met de zorgwekkende signalen dat SBB in diverse provincies Natura 2000-gebieden met essenbossen verwaarloost door een eenzijdige focus op kostenbesparing?

Antwoord

Ik ben niet bekend met signalen dat Staatsbosbeheer in diverse provincies N2000-gebieden met essenbossen zou verwaarlozen door een eenzijdige focus op kostenbesparing.

48

Hoe beoordeelt u het feit dat SBB rond het jaar 2000 is overgegaan op een goedkopere, gemechaniseerde beheermethode in plaats van zorgvuldig handwerk, en dat dit de vitaliteit van onze essenbossen ernstig heeft aangetast?

Antwoord

Dat het overgaan van handwerk naar een gemechaniseerde beheermethode door Staatsbosbeheer de vitaliteit van essenbossen zou hebben aangetast, zie ik niet als een dergelijk eendimensionaal causaal verband zoals in de vraagstelling wordt geschetst.

49

Bent u bekend met de klachten die deze leden ontvangen dat SBB haar eigen beheerplannen niet nakomt en juridisch in overtreding is, terwijl de provincies (zoals Utrecht) dit gedogen door nauwelijks te inspecteren of te handhaven? Welke mogelijkheden ziet u om met de provincies duidelijke afspraken te maken over een strenger toezicht op, handhaving bij en heldere prestatieafspraken met SBB, zodat zij zich aan de beheerplannen houden?

Antwoord

Ik ben niet bekend met de klachten dat Staatsbosbeheer de eigen beheerplannen niet zou nakomen en juridisch in overtreding zou zijn. Dat provincies dit zouden gedogen door nauwelijks te inspecteren of te handhaven is mij ook niet bekend.

50

Deelt u de mening van deze leden dat de aanpak van de dodelijke essentaksterfte en de opmars van invasieve bramenstruiken door SBB veel te laat en onvoldoende is opgestart, met alle gevolgen van dien voor de natuurwaarde? Als u bovenstaand beeld niet herkent, bent u dan bereid om de praktijksituatie in de essenbossen onafhankelijk te laten onderzoeken en de Kamer over de uitkomsten te informeren?

Antwoord

Ik deel niet de mening dat de aanpak van de essentaksterfte en de opmars van bramenstruiken door Staatsbosbeheer veel te laat en onvoldoende opgestart zou zijn. Mocht de Eerste Kamer behoefte hebben om de praktijksituatie in de essenbossen onafhankelijk te laten onderzoeken dan ben ik bereid dit uit te voeren en de Kamers vervolgens over dat onderzoek en de uitkomsten ervan te informeren.

51

Bent u bereid om per direct een onderzoek in te stellen naar de meldingen dat lokale boeren zijn geïntimideerd door medewerkers van SBB en de provincie(s) nadat zij bovengenoemde misstanden tijdens bijeenkomsten benoemden?

Antwoord

Meldingen dat lokale boeren zouden zijn geïntimideerd door medewerkers van Staatsbosbeheer en de provincies nadat zij dergelijke misstanden tijdens bijeenkomsten zouden hebben benoemd, zijn mij niet bekend. Mocht dit het geval zijn geweest dan adviseer ik de betreffende personen om hiervan allereerst melding te doen bij Staatsbosbeheer via de klachtenprocedure en/of bij de provincies en, mocht dat niet baten, melding te doen bij de lokale autoriteiten of om hiervan aangifte te doen bij de politie.


X Noot
1

Samenstelling:

Van Aelst-Den Uijl (SP), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Fiers (GroenLinks-PvdA), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Van Gurp (GroenLinks-PvdA) (ondervoorzitter), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Knapen (BBB), Van der Linden (VVD), Van Meenen (D66), Nicolaï (PvdD), Oplaat (BBB) (voorzitter), Perin-Gopie (Volt), Prins (CDA), Rietkerk (CDA), Van Rooijen (50PLUS), Straus (VVD), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)

X Noot
2

Kamerstukken I 2025/26, 29 659, K.


X Noot
1

Samenstelling:

Van Aelst-Den Uijl (SP), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Fiers (GroenLinks-PvdA), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Van Gurp (GroenLinks-PvdA) (ondervoorzitter), Holterhues (ChristenUnie), Janssen-van Helvoort (GroenLinks-PvdA), Jaspers (BBB), Kanis (D66), Kemperman (FVD), Van Kesteren (PVV), Kluit (GroenLinks-PvdA), Van Knapen (BBB), Van der Linden (VVD), Van Meenen (D66), Nicolaï (PvdD), Oplaat (BBB) (voorzitter), Perin-Gopie (Volt), Prins (CDA), Rietkerk (CDA), Van Rooijen (50PLUS), Straus (VVD), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)

X Noot
2

Kamerstukken I 2025/26, 29 659, K.

Naar boven