Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2003-200429523 nr. 14

29 523
Wijziging van de Wet arbeid vreemdelingen in verband met invoering van bestuursrechtelijke handhaving (Wet bestuurlijke boete arbeid vreemdelingen)

nr. 14
MOTIE VAN DE LEDEN WEEKERS EN RAMBOCUS

Voorgesteld 24 juni 2004

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

van mening, dat een effectieve bestrijding van illegaliteit wordt bepaald door de combinatie van pakkans en hoogte van een boete;

van mening, dat de hoogte van een boete zowel een preventieve als een sanctionerende werking heeft;

van oordeel, dat werkgevers die illegaal in Nederland verblijvende vreemdelingen tewerkstellen hiervan dusdanige consequenties dienen te ondervinden dat herhalen redelijkerwijze wordt voorkomen;

verzoekt de regering de feitelijke hoogte van de bestuurlijke boete in de Wet arbeid vreemdelingen, voor werkgevers te verhogen naar 4000 euro voor natuurlijke personen en 8000 euro voor rechtspersonen bij een eerste overtreding zonder verzwarende omstandigheden;

verzoekt de regering voorts een jaar na invoering van deze nieuwe boetesystematiek de Kamer te rapporteren over de implementatie ervan, de effectiviteit, het aantal recidivegevallen en de reactie van de rechterlijke macht bij het opleggen van genoemde feitelijke boetes,

en gaat over tot de orde van de dag.

Weekers

Rambocus