Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 mei 2013
Hierbij ontvangt u de antwoorden op de vragen van de vaste commissie voor Veiligheid
en Justitie over de Veiligheidsregio Groningen in relatie tot de aardbevingen als
gevolg van de gaswinning.
1.
Is de veiligheidsregio Groningen voldoende toegerust om grote rampen te bestrijden
of is er versterking nodig? Zo ja, aan welke termijn wordt gedacht?
De voorzitter van het bestuur van de veiligheidsregio Groningen heeft mij bericht
dat de Veiligheidsregio Groningen over het algemeen goed is voorbereid op het bestrijden
van rampen. De voorzitter geeft aan dat het onderzoek van de Staatstoezicht op de
Mijnen (SodM), waarin werd geconcludeerd dat zwaardere bevingen mogelijk zijn, tot
een nieuwe situatie in de veiligheidsregio Groningen heeft geleid. De veiligheidsregio
heeft daarover haar zorg uitgesproken en daarbij aangegeven dat ze kennis wil gaan
opbouwen. Onder regie van het ministerie van Economische Zaken worden momenteel diverse
onderzoeken uitgevoerd naar de situatie rond de aardbevingen in Groningen. Aan de
hand van de uitkomsten kan de veiligheidsregio bezien of zij voldoende is toegerust
of dat aanvullende expertise nodig is.
Voorts brengt de Inspectie VenJ de «Staat van de rampenbestrijding» uit, waarin per
veiligheidsregio een beeld wordt geschetst van de voorbereiding op rampenbestrijding
en crisisbeheersing Dit rapport wordt dit voorjaar verwacht.
2.
Wordt er op dit moment gewerkt aan een inventarisatie van eventuele rampen, zoals
overstromingsgevaar, blootstelling aan gevaarlijke stoffen en explosies, gekoppeld
aan concrete actie en evaluatieplannen?
Elke veiligheidsregio dient conform artikel 15 van de Wet veiligheidsregio te beschikken
over een risicoprofiel waarin een overzicht is opgenomen van alle risicovolle situaties
en mogelijke soorten branden, rampen of crises die zich kunnen voordoen, inclusief
een inschatting van de gevolgen daarvan. Op basis van het risicoprofiel moet elke
regio een beleidsplan opstellen (artikel 14 Wet veiligheidsregio’s) waarin de operationele
prestaties van de diensten en organisaties zijn beschreven.
Voor de inrichtingen met een hoger risico wordt apart ook een rampbestrijdingsplan
opgesteld, waarin maatregelen zijn opgenomen die bij een ramp in een van die inrichtingen
moeten worden genomen.
De veiligheidsregio Groningen heeft een taskforce opgericht waarin de crisispartners
(als ook de NAM) zijn vertegenwoordigd.
3.
Wat wordt er op dit moment in de veiligheidsregio proactief gedaan aan eenduidige
en betrouwbare informatie aan bewoners (en met een luisterend oor voor al hun zorgen)?
Wordt er gewerkt aan één centraal aanspreekpunt, conform het advies van de Nationale
Ombudsman?
Er zijn vanuit de betrokken gemeenten, provincie, EZ en de NAM diverse initiatieven
die zorgen voor een actieve, eenduidige en betrouwbare informatie naar de inwoners
van het betrokken gebied. Informatiebehoefte van inwoners wordt structureel getoetst
om de communicatie aanpak op af te stemmen. Communicatiemedewerkers van het ministerie
van EZ, provincie, gemeentelijke kolom, brandweer, Veiligheidsregio en de NAM komen
maandelijks bij elkaar met als doel regelmatig en in goede afstemming concrete en
eenduidige informatie te verstrekken richting bewoners.
Op 21 februari is er in het gemeentehuis van Loppersum een regionaal informatiepunt
gaswinning Groningen geopend met informatie van de verschillende organisaties: NAM,
KNMI, SodM. Sinds de opening zijn ruim 150 personen gesproken en geholpen. Om te horen
wat er leeft zijn de verschillende partijen van plan om regelmatig «ronde tafel» gesprekken
te organiseren om te horen wat er leeft. NAM geeft, in samenwerking met onder meer
de veiligheidsregio, inwoners van de regio gerichte voorlichting over maatregelen
die bewoners zelf kunnen nemen om de gevolgen van aardbevingen te verkleinen. Vanuit
de veiligheidsregio worden initiatieven gericht op de actualisatie van de risicokaart
(onder verantwoordelijkheid van de provincie), het risicoprofiel en de risicowijzer.
Voorts wordt een centraal punt ingesteld waarbij klachten over lopende schadeclaims
gemeld kunnen worde. Hierbij wordt een onafhankelijke ombudsman benoemd
4.
Hoe is de onderlinge taakverdeling en verantwoordelijkheidsverdeling tussen de ministeries
van Economische Zaken en van Veiligheid en Justitie precies geregeld? Zijn er aanvullende,
situatie specifieke afspraken gemaakt tussen beide ministeries.
Het dossier gaswinning/aardbevingen in Groningen valt onder de verantwoordelijkheid
van de minister van EZ. Tussen EZ en VenJ is contact over dit dossier vanuit de verantwoordelijkheid
van VenJ voor het stelsel van rampenbestrijding- en crisisbeheersing.
De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten