Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 29515 nr. V |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 29515 nr. V |
Vastgesteld 6 mei 2026
De vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei1 heeft schriftelijk overleg gevoerd met de Minister van Economische Zaken en Klimaat over werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). Bijgaand brengt de commissie hiervan verslag uit. Dit verslag bestaat uit:
• De uitgaande brief van 31 maart 2026.
• De antwoordbrief van 24 april 2026.
De griffier van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei, Karthaus
Aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat
Den Haag, 31 maart 2026
De leden van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei hebben met belangstelling kennisgenomen van de brief van uw voorganger van 19 december 2025 over het Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk (hierna: ATR).2 De leden van de fracties van de BBB en VVD hebben naar aanleiding daarvan een aantal vragen en opmerkingen.
Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie BBB
De fractieleden van de BBB stellen vragen over dit onderwerp, aangezien zij zich sinds hun aantreden in de Eerste Kamer ten doel hebben gesteld de regeldruk nadrukkelijk op de agenda te plaatsen.
Inmiddels krijgt het ATR er taken bij en heeft ook het nieuwe kabinet het onderwerp ontdekt. Uw voorganger heeft de wens uitgesproken de regeldruk voor de zomer van 2026 met 500 regels te verminderen.3 Wat is de huidige stand van zaken? Is het een idee om dit inzichtelijk te maken met behulp van een regeldrukmonitor of een vergelijkbaar instrument?
Wat doet u om voldoende bekendheid te geven aan het meldpunt van het ATR?
«Gelet op de omvang van Europese voorstellen is het ATR voornemens om een instrument te (laten) ontwikkelen waarmee de verplichtingen uit die voorstellen beter en sneller in beeld kunnen worden gebracht. Dit wordt naar verwachting een AI-tool.»4 Wat is de stand van zaken met betrekking tot de AI-tool voor het beoordelen van Europese wetgeving?
«In 2026 zal het ATR in zijn advisering over implementatiewetgeving specifiek aandacht besteden aan de vraag of en in hoeverre er sprake is van nationale beleidsruimte en op welke wijze daarvan gebruik is gemaakt. Dit moet leiden tot het identificeren, en zo mogelijk wegnemen, van «nationale koppen».»5 Heeft het ATR ook een advies uitgebracht over de implementatie van REDIII?6 Zo nee, bent u bereid hierover alsnog advies in te winnen?
Het ATR geeft aan op sterkte te blijven.7 De taken van het ATR nemen echter substantieel toe. Bent u bereid, zo nodig, verder te investeren in de capaciteit van het ATR?
Het ATR doet ook onderzoek voor medeoverheden. «Het onderzoek naar de subsidies van Amsterdam brengt mogelijkheden in beeld om die subsidies gerichter en (voor scholen) minder belastend te maken».8 Zijn de uitkomsten van dit onderzoek ook gedeeld met de VNG, zodat kleinere gemeenten hier ook lering uit kunnen trekken?
Het ATR wijst in zijn jaarplan op «de onderschatting van de regeldrukgevolgen in Europese impact assessments».9 De fractieleden van de BBB maken zich hier grote zorgen over. Bent u bereid dit signaal mee te nemen in de overleggen met uw Europese collega’s?
Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie VVD
Het was het doel van uw voorganger om voor de zomer van 2026 500 regels te laten vervallen.10 De fractieleden van de VVD zijn bijzonder ingenomen met dit voornemen en zijn daarom ook geïnteresseerd of het programma nog op schema ligt. Op 15 december 2026 is een lijst gepubliceerd van regels die de regeldruk gaan verminderen.11 Wat is daarvan inmiddels gerealiseerd? De vorderingen zoals weergegeven in de Regeldrukmonitor zijn tot nu toe zeer bescheiden.12 In aanvulling laat de vraag zich stellen in hoeverre regels kunnen vervallen zonder directe inmenging van de wetgevende instanties. De leden van de VVD-fractie stellen concrete informatie op dit onderwerp ten zeerste op prijs.
Mede ter vermindering van de administratieve lasten voor burgers en bedrijven is overeengekomen in het regeerakkoord jaarlijks een vereenvoudigingswet in te dienen.13 Deze leden zouden graag geïnformeerd willen worden wanneer de eerste wet wordt gepresenteerd en of er enig inzicht bestaat in de omvang van het programma en de betrokkenheid van het ATR en de vakdepartementen. Een jaarlijkse vereenvoudigingswet van 500 regels zou betekenen dat er meer dan 2000 regels in de komende kabinetsperiode komen te vervallen. Een belangrijk voornemen dat zorgvuldig moet worden gemonitord in de visie van deze leden en waaraan een grondige (departementale) analyse ten grondslag moet liggen.
De leden van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei zien uw reactie met belangstelling tegemoet en ontvangen deze graag uiterlijk binnen vier weken.
Voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei, S.M. Kluit
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 24 april 2026
Hierbij bied ik uw Kamer de antwoorden aan op de door de leden van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei gestelde vragen bij het Werkprogramma ATR 2026.
De Minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G. Herbert
De leden van de vaste commissie voor Economische Zaken / Klimaat en Groene Groei hebben met belangstelling kennisgenomen van de brief van uw voorganger van 19 december 2025 over het Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk (hierna: ATR).14 De leden van de fracties van de BBB en VVD hebben naar aanleiding daarvan een aantal vragen en opmerkingen.
Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie BBB
1.
De fractieleden van de BBB stellen vragen over dit onderwerp, aangezien zij zich sinds hun aantreden in de Eerste Kamer ten doel hebben gesteld de regeldruk nadrukkelijk op de agenda te plaatsen.
Inmiddels krijgt het ATR er taken bij en heeft ook het nieuwe kabinet het onderwerp ontdekt. Uw voorganger heeft de wens uitgesproken de regeldruk voor de zomer van 2026 met 500 regels te verminderen.15 Wat is de huidige stand van zaken? Is het een idee om dit inzichtelijk te maken met behulp van een regeldrukmonitor of een vergelijkbaar instrument?
Antwoord
Voor de kerst heeft het vorige kabinet aangekondigd aan de slag te gaan om voor 218 regels de regeldruk te verminderen16. Ook dit kabinet blijft de komende maanden werken aan de doelstelling om voor de zomer 500 regels aan te pakken door ze te schrappen of te vereenvoudigen. Deze aanpak zal na de zomer worden doorgezet conform de afspraken in het Coalitieakkoord.
De voortgang wordt weergegeven via de regeldrukteller op de regeldrukmonitor.17 Op 9 april is de regeldrukmonitor geactualiseerd waaruit blijkt dat dit kabinet nog eens 97 aanvullende regels aanpakt die ondernemers onnodig belasten. In totaal komt dit neer op 315 regels. Ter verduidelijking kan worden opgemerkt dat een regel op de teller/lijst komt zodra de betreffende bewindspersoon het besluit heeft genomen om de regel aan te passen. Daarmee is de aanpassing van de regel niet direct gerealiseerd, dit heeft meer tijd nodig.
Van die 315 regels is de regeldruk voor 78 regels al verminderd. Ondernemers kunnen hier al de eerste effecten van merken. Een voorbeeld binnen mijn departement is dat het CBS voor bepaalde vragenlijsten het aantal geselecteerde bedrijven heeft verminderd.
Het verschil tussen aangekondigde en gerealiseerde regels komt doordat juridische en praktische stappen tijd kosten. Ondernemers merken pas echt minder regeldruk als de wijzigingen in de praktijk zijn doorgevoerd. In de tabel hieronder staat de voortgang per ministerie. De kolom «lopend» laat zien voor hoeveel regels de wijziging al in gang is gezet. De kolom «gerealiseerd» geeft weer voor hoeveel regels de regeldrukvermindering is doorgevoerd (en waar ondernemers nu al profijt van hebben).
|
Departement |
Lopend |
Gerealiseerd |
Totaal |
|---|---|---|---|
|
BZ |
1 |
1 |
|
|
BZK |
1 |
1 |
|
|
EZ |
40 |
5 |
45 |
|
FIN |
30 |
2 |
32 |
|
IenW |
30 |
39 |
69 |
|
J&V |
33 |
3 |
36 |
|
KGG |
14 |
1 |
15 |
|
LVVN |
3 |
9 |
12 |
|
OCW |
2 |
2 |
|
|
SZW |
52 |
13 |
65 |
|
VRO |
11 |
1 |
12 |
|
VWS |
20 |
5 |
25 |
|
Totaal |
237 |
78 |
315 |
2.
Wat doet u om voldoende bekendheid te geven aan het meldpunt van het ATR?
Antwoord
In mijn gesprekken met het bedrijfsleven benoem ik het bestaan van het meldpunt bij ATR en doe ik het verzoek om meldingen ook daar in te brengen. Daarnaast benoem ik het meldpunt in de nieuwsberichten, sociale media en Kamerbrieven waarin dit relevant is.
3.
«Gelet op de omvang van Europese voorstellen is het ATR voornemens om een instrument te (laten) ontwikkelen waarmee de verplichtingen uit die voorstellen beter en sneller in beeld kunnen worden gebracht. Dit wordt naar verwachting een AI-tool.»18 Wat is de stand van zaken met betrekking tot de AI-tool voor het beoordelen van Europese wetgeving?
De stand van zaken is, dat ATR momenteel experimenteert met drie verschillende soorten modellen. Doel van het experiment is om te beoordelen welk type het meest geschikt is voor het doel van ATR.
4.
«In 2026 zal het ATR in zijn advisering over implementatiewetgeving specifiek aandacht besteden aan de vraag of en in hoeverre er sprake is van nationale beleidsruimte en op welke wijze daarvan gebruik is gemaakt. Dit moet leiden tot het identificeren, en zo mogelijk wegnemen, van «nationale koppen».»19 Heeft het ATR ook een advies uitgebracht over de implementatie van REDIII?20 Zo nee, bent u bereid hierover alsnog advies in te winnen?
Antwoord
De Renewable Energy Directive III (REDIII) valt onder de verantwoordelijkheid van mijn collega’s bij de Ministeries van IenW en KGG. De implementatie van REDIII vindt plaats via verschillende aanpassingen in de Nederlandse wet- en regelgeving. In het contact met deze departementen is duidelijk geworden dat diverse (voorgestelde) wijzigingen in het kader van deze implementatie, zoals het Wetsvoorstel REDIII vergunnen21 en verschillende wijzingen op het gebied van vervoersbepalingen, reeds zijn voorgelegd aan het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). Daarnaast zullen de overige voorstellen ter implementatie van REDIII eveneens aan ATR worden voorgelegd.
5.
Het ATR geeft aan op sterkte te blijven.22 De taken van het ATR nemen echter substantieel toe. Bent u bereid, zo nodig, verder te investeren in de capaciteit van het ATR?
Antwoord
Het ATR heeft in 2025 een personele uitbreiding gehad in voorbereiding op haar nieuwe taken, bijvoorbeeld ten aanzien van advisering bij BNC-fiches. Hiermee is ATR voldoende op sterkte.
6.
Het ATR doet ook onderzoek voor medeoverheden. «Het onderzoek naar de subsidies van Amsterdam brengt mogelijkheden in beeld om die subsidies gerichter en (voor scholen) minder belastend te maken».23 Zijn de uitkomsten van dit onderzoek ook gedeeld met de VNG, zodat kleinere gemeenten hier ook lering uit kunnen trekken?
Antwoord
Het onderzoek en advies zijn niet gedeeld met VNG vanuit ATR. Vanwege de eventuele overlap met nationale subsidies, is het onderzoek en advies wel door ATR gedeeld met het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Het onderzoek wordt op korte termijn met VNG gedeeld.
7.
Het ATR wijst in zijn jaarplan op «de onderschatting van de regeldrukgevolgen in Europese impact assessments».24 De fractieleden van de BBB maken zich hier grote zorgen over. Bent u bereid dit signaal mee te nemen in de overleggen met uw Europese collega’s?
Antwoord
Het kabinet herkent het signaal dat regeldrukeffecten in Europese impact assessments niet altijd volledig in beeld zijn en deelt de zorg hierover.
Dit raakt aan een nog groter probleem, namelijk dat het regelmatig voorkomt dat regeldrukeffecten überhaupt niet in kaart worden gebracht. Ook is er een tendens te zien dat de Europese Commissie, wanneer het regeldrukeffecten in kaart brengt, dat steeds vaker doet via meer informele zogenoemde «staff working documents» in plaats van in een volwaardige impact assessment. Dit speelt over de hele linie bij voorstellen voor regelgeving, maar in het bijzonder bij vereenvoudigingsvoorstellen (Omnibusvoorstellen).
Deze staff working documents geven een minder gedegen beeld van de regeldrukgevolgen en worden – anders dan echte impact assessments – niet onderworpen aan een kwaliteitscontrole door de Regulatory Scrutiny Board (RSB, de Europese Raad voor Regelgevingstoetsing). Nederland brengt dit punt actief onder de aandacht in gesprekken met de Europese Commissie en andere lidstaten en pleit ervoor dat Commissievoorstellen gepaard gaan met een impact assessment, ook bij vereenvoudigingsvoorstellen.
Ook draagt Nederland het standpunt uit dat de RSB versterkt zou moeten worden. In de eerste plaats zou de RSB qua samenstelling volledig onafhankelijk moeten zijn, zoals het Adviescollege Toetsing Regeldruk in Nederland ook geheel onafhankelijk is. In de tweede plaats zou de RSB een breder mandaat moeten krijgen zodat de RSB zich niet alleen uit kan spreken over de kwaliteit van impact assessments, maar ook over de keuze en motivering van de Europese Commissie om in bepaalde gevallen geen impact assessment te maken.
Daarnaast zet Nederland zich ervoor in dat bij substantiële wijzigingen van wetgevingsvoorstellen die de Raad overweegt aan te brengen, de effecten van die wijzigingen in beeld worden gebracht. Tot slot wil het kabinet, wanneer een impact assessment van de Europese Commissie ontbreekt of onvoldoende informatie bevat, actie ondernemen om informatie te verzamelen over de te verwachte regeldrukeffecten wanneer dat nodig is om regeldruk mee te wegen in de nationale standpuntbepaling en in Europese onderhandelingen. Dit kan bijvoorbeeld door het bedrijfsleven te consulteren via een MKB-toets of via een onderzoek naar één of meerdere aspecten van een voorstel.
Vragen en opmerkingen van de fractie VVD
8.
Het was het doel van uw voorganger om voor de zomer van 2026 500 regels te laten vervallen.25 De fractieleden van de VVD zijn bijzonder ingenomen met dit voornemen en zijn daarom ook geïnteresseerd of het programma nog op schema ligt. Op 15 december 2026 is een lijst gepubliceerd van regels die de regeldruk gaan verminderen.26 Wat is daarvan inmiddels gerealiseerd?
Antwoord
Zie het antwoord op vraag 1.
9.
De vorderingen zoals weergegeven in de Regeldrukmonitor zijn tot nu toe zeer bescheiden.27 In aanvulling laat de vraag zich stellen in hoeverre regels kunnen vervallen zonder directe inmenging van de wetgevende instanties. De leden van de VVD-fractie stellen concrete informatie op dit onderwerp ten zeerste op prijs.
Antwoord
Wet- en regelgeving is niet zomaar aangepast. In de Regeldrukmonitor staat welke regels zijn aangepast (met de status afgerond), de wijzigingen die in gang zijn gezet (met de status lopend) en welke regels in behandeling zijn. Voor deze laatste groep regels is bekend wat ze inhouden, maar niet wat de huidige stand van zaken is wat betreft aanpassing of vereenvoudiging.
Regels zijn in de Regeldrukmonitor algemeen gedefinieerd, echter voor het schrappen of aanpassen van wet- en regelgeving moet in beginsel hetzelfde proces worden doorlopen als voor het maken van wet- en regelgeving. Voorstellen tot aanpassing of schrapping van formele wetten worden altijd aan de Tweede en Eerste Kamer voorgelegd. Bij het schrappen of aanpassen van regelingen of beleidsregels wordt een ander vaststaand proces gevolgd. Daarbij gaat het onder andere om AMvB’s (Algemene Maatregelen van Bestuur) en ministeriële regelingen die op hun beurt weer een gedetailleerder toepassingsniveau van wetgeving omvatten.
Daarnaast tellen beleidsregels ook mee voor de Regeldrukmonitor. Deze richtlijnen van uitvoeringsorganisaties en toezichthouders dragen ook bij aan de ervaren regeldruk. Bij het schrappen of vereenvoudigen van beleidsregels van uitvoeringsorganisaties of toezichthouders is in beginsel sprake van een gedelegeerde bevoegdheid van deze instellingen. Daarnaast is er de Vereenvoudigingswet. Het streven is om de eerste Vereenvoudigingswet per 1 januari 2027 te bekrachtigen (zie volgend antwoord).
10.
Mede ter vermindering van de administratieve lasten voor burgers en bedrijven is overeengekomen in het regeerakkoord jaarlijks een vereenvoudigingswet in te dienen.28 Deze leden zouden graag geïnformeerd willen worden wanneer de eerste wet wordt gepresenteerd en of er enig inzicht bestaat in de omvang van het programma en de betrokkenheid van het ATR en de vakdepartementen. Een jaarlijkse vereenvoudigingswet van 500 regels zou betekenen dat er meer dan 2000 regels in de komende kabinetsperiode komen te vervallen. Een belangrijk voornemen dat zorgvuldig moet worden gemonitord in de visie van deze leden en waaraan een grondige (departementale) analyse ten grondslag moet liggen.
Antwoord
Het streven is om de eerste Vereenvoudigingswet per 1 januari 2027 te bekrachtigen. De behandeling in de Kamers is voorzien in de periode van september tot en met december. De eerste editie kent een bescheiden omvang, en is bedoeld als een proeve van de jaarlijkse Vereenvoudigingswet.
De bedoeling is om de jaarlijkse Vereenvoudigingswet verder uit te bouwen, en wellicht in de toekomst ook themagewijs te gaan insteken. In de eerste editie is er voornamelijk voortgebouwd op Rijksbrede bestaande initiatieven en voorstellen, zoals die van de NPD29. Voor de tweede editie en later zullen alle departementen bij de uitvraag worden betrokken, het is dan ook nadrukkelijk de bedoeling om de wet interdepartementaal vorm te geven.
De jaarlijkse Vereenvoudigingswet is bedoeld als één van de instrumenten om vereenvoudiging op gang te brengen, naast uiteraard de mogelijkheden in bestaande wet- en regelgevingtrajecten. Met deze wet worden voorstellen om wetgeving rondom ingewikkelde regels voor burgers, bedrijven en de overheid simpeler te maken en continu te verbeteren, gebundeld en versneld doorgevoerd. Een hoger ritme in vereenvoudiging is noodzakelijk om een wendbare overheid te realiseren die tijdig kan inspelen op knelpunten in de uitvoering. Zo wordt een structurele, blijvende werkwijze gecreëerd met een vast ritme om problemen sneller op te kunnen lossen en knelpunten worden aangepakt. De 500-regelaanpak is een ander initiatief om vereenvoudiging te bewerkstelligen, en is dus (vooralsnog) niet direct gekoppeld aan de Vereenvoudigingswet Departementen kunnen aanpassingen ook in andere wetgeving hebben i.p.v. alleen de Vereenvoudigingswet, bijvoorbeeld in het Belastingplan. Wel is het zo dat het meelopen in de Vereenvoudigingswet een resultaat kan zijn van inspanningen die worden gepleegd bij de 500-regels aanpak evenals regels die worden geschrapt of aangepast naar aanleiding van de adviezen van ATR bij het meldpunt regeldruksignalen.
Samenstelling:
Van Aelst-den Uijl (SP), Van Ballekom (VVD), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Bovens (CDA), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Holterhues (ChristenUnie), Karaaslan-Kilic (D66), Kluit (GroenLinks-PvdA) (voorzitter), Kroon (BBB), Van Langen-Visbeek (BBB) (ondervoorzitter), Van Meenen (D66), Panman (BBB), Perin-Gopie (Volt), Petersen (VVD), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Schalk (SGP), Straus (VVD), Van Strien (PVV), Thijsssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 3.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 4.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 6.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 5.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 6.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 3.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 4.
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2025/12/22/wetsvoorstel-red-iii-vergunnen
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 6.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 5.
Samenstelling:
Van Aelst-den Uijl (SP), Van Ballekom (VVD), Baumgarten (JA21), Beukering (Fractie-Beukering), Bovens (CDA), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Van der Goot (OPNL), Van Gurp (GroenLinks-PvdA), Holterhues (ChristenUnie), Karaaslan-Kilic (D66), Kluit (GroenLinks-PvdA) (voorzitter), Kroon (BBB), Van Langen-Visbeek (BBB) (ondervoorzitter), Van Meenen (D66), Panman (BBB), Perin-Gopie (Volt), Petersen (VVD), Van Rooijen (50PLUS), Van de Sanden (Fractie-Van de Sanden), Schalk (SGP), Straus (VVD), Van Strien (PVV), Thijsssen (GroenLinks-PvdA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 3.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 4.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 6.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 5.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 6.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 3.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 4.
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2025/12/22/wetsvoorstel-red-iii-vergunnen
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 6.
Werkprogramma 2026 Adviescollege Toetsing Regeldruk, bijlage bij Kamerstukken I 2025/26, 29 515, U, p. 5.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-29515-V.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.