Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 15 oktober 2014
Met deze brief wil ik u informeren dat ik een besluit heb genomen voor de voorlopige
vergoeding van het geneesmiddel sofosbuvir (merknaam Sovaldi). Het betreft het eerste
geneesmiddel in een serie nieuwe en kostbare producten voor de behandeling van patiënten
met chronische hepatitis C. Het geneesmiddel wordt gezien als een belangrijke doorbraak
in de behandeling van de ziekte.
Sovaldi zal vanaf 1 november 2014, onder voorwaarde van een financieel arrangement,
voorlopig vergoed worden via het basispakket voor patiënten met chronische hepatitis
C in een gevorderd stadium van leverschade, te weten voor patiënten met ziektestadium
« F3» en «F4». Op deze wijze komt het middel direct beschikbaar voor patiënten met
een relatief urgente behandelbehoefte.
Deze benadering komt overeen met de vergoedingsprioriteiten in andere EU lidstaten
die hebben besloten tot de vergoeding van sofosbuvir. In het Algemeen Overleg geneesmiddelen
van 2 oktober 2014 heb ik aangegeven dat ik mij inspan om bij bepaalde producten samen
met andere Europese lidstaten een samenwerking aan te gaan wat betreft prijsonderhandelingen.
Op dit moment zijn de mogelijkheden voor Europese of bilaterale samenwerking nog niet
dusdanig vormgegeven dat gezamenlijk onderhandelen voor dit geneesmiddel een mogelijkheid
was. Hieronder zal ik ingaan op de totstandkoming en vorm van het financiële arrangement.
Het Zorginstituut heeft Sovaldi beoordeeld voor opname in het basispakket en positief
geadviseerd over brede vergoeding van dit geneesmiddel. In verband met de hoge kosten
voor een behandeling en het onzekere, maar potentieel hoge aantal patiënten dat de
komende jaren in aanmerking komt voor behandeling met sofosbuvir, heeft het Zorginstituut
mij geadviseerd om bij het vergoedingsbesluit een financieel arrangement af te sluiten
met de leverancier om zo een betaalbare verzekerde toegang tot het geneesmiddel mogelijk
te maken. Het Zorginstituut gaf aan dat de behandelkosten per patiënt variëren van
€ 48.000 tot € 96.000 voor een eenmalige kuur en dat in het eerste jaar de meerkosten
ten laste van het geneesmiddelenkader € 57–€ 78 miljoen bedragen en in de daaropvolgende
jaren tussen de € 44 en € 62 miljoen per jaar. Dit wegende en met oog op de houdbaarheid
van de zorguitgaven heb ik besloten om in dit geval een financieel arrangement aan
te gaan.
Op grond van het advies van het Zorginstituut zijn de afgelopen maanden onderhandelingen
gevoerd met de leverancier van dit middel en kan ik u nu mededelen dat ik een financieel
arrangement af heb kunnen sluiten dat een voorlopige vergoeding mogelijk maakt tot
en met 2015. Het financiële arrangement bestaat uit een openbare korting van afgerond
14,6% op de lijstprijs van Sovaldi in Nederland met daarnaast een vertrouwelijke overeengekomen
kostenverlaging. Deze vertrouwelijkheid is een voorwaarde van de fabrikant om tot
extra kostenverlaging te komen. De openbare korting wordt direct in de prijs verwerkt
en is voor iedereen zichtbaar, de vertrouwelijke opbrengsten van het arrangement worden
in 2016 aan de zorgverzekeraars uitgekeerd en verlagen zodoende de netto collectieve
uitgaven aan deze behandeling. Door dit prijsarrangement kan dit middel worden opgenomen
in het basispakket, maar blijft het effect op de zorgpremie relatief beperkt. De vertrouwelijkheid
van de korting heeft voor de individuele patiënt geen financiële gevolgen omdat de
kosten van deze behandeling dermate hoog zijn dat het verplicht eigen risico van de
verzekerde ook met korting volledig aangeslagen zou worden. Zoals ik in mijn brief
van 11 juni 2014 heb toegezegd zal ik u voor het einde van het jaar informeren over
mogelijkheden om de transparantie over de vertrouwelijke opbrengsten van financiële
arrangementen te vergroten.
De komende maanden zal ik bezien in hoeverre een bredere vergoeding, namelijk ook
voor patiënten in een vroeger ziektestadium, gerealiseerd kan worden en hoe de vergoeding
voor de jaren na 2015 op betaalbare wijze mogelijk gemaakt kan worden. Sovaldi is
het eerste van een reeks nieuwe geneesmiddelen voor de behandeling van chronische
hepatitis C die het komende jaar beschikbaar komen. Verwacht wordt dat de komst van
deze middelen van grote betekenis zal zijn voor de behandelpraktijk van chronische
hepatitis C op zowel patiënt- als op populatieniveau. Om in de toekomst bredere vergoeding
van Sovaldi mogelijk te maken voor een grotere groep patiënten is nader overleg met
de fabrikant over prijsverlagingen noodzakelijk.
Naar verwachting kunnen door deze nieuwe behandelingen veel meer mensen dan tot nu
toe het geval is, behandeld en genezen worden. Naast een aanzienlijke medische impact
van deze nieuwe ontwikkeling is er ook sprake van potentieel zeer hoge kosten die
ten laste komen van het basispakket. Voordat ik een besluit neem over definitieve
en een eventuele bredere vergoeding van dit product en van andere verwachte hepatitis
C geneesmiddelen, wil ik daarom eerst verder in gesprek met de betrokken leveranciers.
Daarnaast wil ik mij een beeld vormen van mogelijke scenario’s voor het voorkomen,
voor de behandeling en voor de bestrijding van chronische hepatitis C in Nederland
op middellange termijn. Ik zal u nader informeren over het proces dat ik daarbij voor
ogen heb.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
E.I. Schippers