Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202029453 nr. 502

29 453 Woningcorporaties

Nr. 502 MOTIE VAN HET LID KOERHUIS

Voorgesteld 15 januari 2020

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat:

  • de voorgenomen aanpassingen op de Woningwet een aanscherping van de verkoopregels bevatten waarbij door woningcorporaties ook voor niet-DAEB-woningen een proces met aanbieding aan de huurder doorlopen moet worden;

  • hiermee een ongelijk speelveld ontstaat met andere partijen in de vrije sector;

overwegende dat:

  • de verkoop van complexen door woningcorporaties ernstig bemoeilijkt wordt, dan wel praktisch onmogelijk, doordat «aangebroken complexen» die deels al verkocht zijn commercieel niet aantrekkelijk zijn;

  • de verkoopwaarde van complexen zo daalt, waardoor vermogen wegvloeit;

  • investeringen in middenhuur hierdoor financieel minder haalbaar worden voor corporaties;

verzoekt de regering, de aanscherping van de verkoopregels voor niet-DAEB, maatschappelijk en bedrijfsmatig onroerend goed weg te nemen in het wetsvoorstel voor wijziging van de Woningwet, dat naar de Tweede Kamer gezonden zal worden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Koerhuis