Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201629452 nr. 199

29 452 Tenuitvoerlegging van de tbs-maatregel

33 628 Forensische zorg

Nr. 199 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 februari 2016

Bijgaand doe ik u toekomen het rapport «Risico’s en knelpunten in de longstay» van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). In dit rapport heeft de RSJ de huidige situatie in de TBS-longstay in beeld gebracht. Een belangrijke conclusie van de RSJ is dat het hebben van één longstay-kliniek leidt tot een monopoliepositie en daarmee tot een risico op de ontwikkeling van een eenzijdige behandelvisie. Ook plaatst de RSJ kanttekeningen bij het deel van de longstay-capaciteit dat zich bevindt binnen Penitentiaire Inrichting (PI) Vught. Deze omgeving is niet optimaal voor het bieden van een kwalitatief hoogstaand woon- en zorgklimaat. De RSJ geeft voorts opties ter verbetering van de (rechts)positie van de longstay-gestelden. Sluiting van de longstay-locatie in PI Vught is steeds onderdeel daarvan. De RSJ geeft de voorkeur aan een tweede volwaardige longstay-locatie.

Beleidsreactie

In 2009 zijn verbeteringen in de rechtpositie van de longstay-gestelden doorgevoerd. Eén daarvan betreft een periodieke toets van de noodzaak tot voortzetting van de longstay-plaatsing. Daarnaast zijn maatregelen getroffen om de doorstroom vanuit de longstay naar andere vormen van zorg en behandeling te bevorderen, mits dat vanuit het oogpunt van de maatschappelijke veiligheid toelaatbaar is. De behoefte aan longstay-capaciteit is hierdoor de laatste jaren gedaald van ruim 200 plaatsen in 2012 tot 112 op dit moment. Dit heeft tot gevolg gehad dat per 1 januari 2016 nog slechts één TBS-kliniek longstay-capaciteit aanbiedt, te weten FPC Pompekliniek.

Een tweede longstay-kliniek is in de huidige situatie geen optie. In de komende periode wordt een verdere afname van de capaciteitsbehoefte voorzien. Daarbij geldt dat de afspraken met de sector, zoals vastgelegd in het Manifest van Lunteren, en ook de maatregelen naar aanleiding van het rapport van de Taskforce «Behandelduur TBS», de door- en uitstroom in de tbs en in de longstay juist blijvend versterken.

Alhoewel de grootste uitstroom vanuit de longstay inmiddels al wel heeft plaatsgehad, betekent het voorgaande dat op korte tot middellange termijn een verdere afbouw van longstay-capaciteit waarschijnlijk tot de mogelijkheden behoort. Mede gelet op de aanbevelingen uit het RSJ-rapport ligt het daarom voor de hand om als eerste optie te kiezen voor afbouw van de longstay-capaciteit in PI Vught. Dit heeft uiteraard consequenties voor de Pompestichting als geheel, het personeel en de tbs-gestelden. Met alle betrokken organisaties, ook de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) en de Landelijke Adviescommissie Plaatsing Langdurige Forensische Psychiatrie (LAP), zal worden bezien onder welke voorwaarden een zorgvuldige afbouw van de capaciteit in PI Vught is te realiseren. Ik wil de kliniek hierover in het tweede kwartaal van 2016 meer duidelijkheid geven.

Omdat de Pompekliniek in dit scenario de monopoliepositie in de longstay behoudt, zal de kliniek worden gevraagd de door de RSJ voorgestelde maatregelen te treffen ter verbetering van de (rechts)positie van de tbs-gestelden. Op korte termijn zal reeds worden gestart met het bevorderen van aandacht voor de zogeheten «time-out-plaatsingen» in andere klinieken.

In Vught zijn zes plaatsen beschikbaar voor longstay-patiënten met de status «extreem vlucht- en beheersgevaarlijk». Deze plaatsen vormen de afdeling voor Zeer Intensieve Specialistische Zorg (ZISZ), waar zeer hoge beveiliging wordt gecombineerd met zeer intensieve en individuele zorg. De ZISZ-afdeling biedt plaats aan tbs-gestelden die vaak nergens anders terecht kunnen. Ik zal daarom met de Pompestichting en PI Vught in gesprek gaan om te bezien hoe deze plaatsen behouden kunnen blijven, terwijl gelijktijdig wordt gewerkt aan de door de RSJ gesignaleerde knelpunten. De RSJ noemt in het bijzonder het verbeteren van het leefklimaat en het voorkomen van een geïsoleerde positie binnen de Pompestichting.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, K.H.D.M. Dijkhoff