Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2003-200429279 nr. 7

29 279
Rechtsstaat en Rechtsorde

nr. 7
MOTIE VAN HET LID KLAAS DE VRIES C.S.

Voorgesteld 7 april 2004

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat het WRR-rapport «De toekomst van de nationale rechtsstaat» weinig aandacht besteedt aan de rol, positie en betekenis van de advocatuur;

van mening, dat er de afgelopen jaren grote veranderingen plaatsvinden met betrekking tot de advocatuur die aanleiding moeten zijn ook daaraan een diepgaande analyse te wijden;

constaterende, dat ook door de Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten bij schrijven van 8 maart 2004 aan de vaste commissies voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie en voor Justitie om een fundamenteel debat over de rol en positie van de advocatuur in de rechtsstaat en rechtsorde is verzocht;

overwegende, dat in deze analyse onder meer aandacht zou moeten worden gegeven:

– aan de advocaat als vertegenwoordiger van een cliënt in een rechtsgeding;

– aan de advocaat als adviseur in de (internationale) adviespraktijk;

– aan de aan de advocaat toekomende privileges zoals procesmonopolie en verschoningsrecht;

– aan de toegang tot rechtshulp voor particulieren;

– aan de betekenis van de internationalisering van de advocatuur

– aan het functioneren van toezicht, klacht- en tuchtrecht;

nodigt de regering uit om deze analyse te doen uitvoeren en de uitkomsten aan de Kamer aan te bieden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Klaas de Vries

Dittrich

Van de Camp