29 279 Rechtsstaat en Rechtsorde

Nr. 207 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 3 oktober 2014

In een brief van 3 juli 2014 verzoekt u mij de Kamer te informeren over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan twee toezeggingen die ik heb gedaan tijdens het wetgevingsoverleg d.d. 26 juni 2014 over het jaarverslag 2013 van het Ministerie van VenJ (Kamerstuk 33 930 VI, nr. 10).

Ik heb toegezegd om de Kamer te informeren over de effecten van de taakstelling op het Openbaar Ministerie (OM) en de vorderingen die in de strafrechtketen worden gemaakt om zaaksachterstanden en doorlooptijden te verbeteren. Daarnaast heb ik toegezegd om de documenten die betrekking hebben op deals tussen het OM en criminelen langdurig te archiveren.

Voor wat betreft de effecten van de taakstelling op het OM, de omvang van de werkhoeveelheden bij het OM en de doorlooptijden in de strafrechtketen heb ik u reeds op 2 juli 2014 geïnformeerd door middel van de voortgangsbrief Versterking Prestaties Strafrechtketen (VPS)1. De voortgangsbrieven VPS stuur ik u elk half jaar, zodat u ook de komende jaren periodiek over de voortgang op genoemde onderwerpen wordt geïnformeerd. Zoals u in de voortgangsbrief van 2 juli jongstleden hebt kunnen lezen geeft de inmiddels ontwikkelde strafrechtketenmonitor de mogelijkheid om u nader te informeren over de zaakstromen binnen de strafrechtketen. Volgend jaar ontvangt u van mij de resultaten van de strafrechtketenmonitor over het jaar 2014. Vanaf het jaar 2015 zullen in de strafrechtketenmonitor ook de werkvoorraden in de strafrechtketen worden opgenomen. Ik zal u op jaarbasis, te beginnen in 2016, over de omvang en ontwikkeling van de voorraden vanaf het jaar 2015 nader informeren.

Ten aanzien van mijn toezegging om de documenten over deals tussen het OM en criminelen langdurig te archiveren heb ik het OM de opdracht gegeven om te onderzoeken op welke wijze aan de toezegging uitvoering kan worden gegeven. Naar verwachting kan ik uw Kamer voor het einde van dit jaar over de stand van zaken informeren.

De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten


X Noot
1

Kamerstuk 29 279, nr. 204

Naar boven